Iets Zijn

Het is heel gewoon geworden om iets te zijn, ergens toe te behoren. In feite heeft bijna alles een naam; werkeloos, vegetariër, links denkend, hoogvlieger, activist, gelovig en zo kun je heel veel zaken opsommen.

Wat het lastig maakt is dat mensen in een groepering dan veralgemeniseerd worden. Als iemand zegt dat die werkeloos is wordt er veelal vanuit gegaan dat die persoon niets doet. Fout.
Die persoon doet waarschijnlijk genoeg maar geen betaald werk. En dat is weer een ander punt, een andere discussie.
Of wanneer je zegt dat je gelovig bent en naar de kerk gaat en de afkeuring van iemand afdruipt vanwege zijn/haar eigen kijk, beleving in dit gebeuren.

Waar het op neer komt, is dat mensen zo verschillend in het leven staan zo met hun eigen invulling en beleving. Hier mag en kan je geen oordeel op leggen vanuit je eigen belevingswereld. Dit is zo kort door de bocht. Als je interesse hebt voor je medemens kun je die wellicht eerst eens oprecht vragen hoe die dit beleeft alvorens je meent hier een oordeel over te moeten vellen.

Communicatie is de sleutel tot nader tot elkaar komen; luisteren, afstemmen. En als je het niet snapt, ook goed. Laat het los en bedenk dat dit ruimte geeft en je in staat stelt om gemakkelijker door het leven te wandelen. Hoe meer je bezig bent een oordeel over anderen te vellen, hoe meer je bewustzijnsverruiming in de weg staat. En daarnaast wil de beoordelaar zelf ook niet graag beoordeeld worden.

Wat mij intrigeert is dat ik nooit geweten heb wat ik wilde worden. Ik ben toch al iemand? Ik weet het nog steeds niet.
Ik heb wel belangstelling en interesses in zaken maar dat ben ik niet. Zo wilde ik graag in de sportwereld of bij radio werken. Maar ik doe iets totaal anders.

Eén ding weet ik wel: ik ben goed zoals ik ben. Ik kan heel veel betekenen voor mezelf, mijn omgeving en de aarde en dat is alles wat er toe doet.
Mijn biologisch levensritme volgen en niet dat van iemand anders. Moeten voldoen aan eisen en inzichten van anderen die mij niet passen, niet gelukkig maken of zelfs ziek maken kan dus nooit mijn levensopdracht zijn.

Ik mag stralen, mooi zijn zonder dat mensen daar afbreuk aan willen doen, dat zij mijn lichtje willen ontnemen omdat zij zelf niet kunnen of willen stralen. Mijn lichtje brandt en het wil anderen lichtjes doen ontsteken om ook hun levensvreugde te vinden.
Mensen te laten ontdekken wie ze werkelijk van binnen zijn. Harten openen en de schoonheid van al dat is kunnen zien in harmonie met zichzelf.
Zijn wie je bent en niet zijn wie je denkt te moeten zijn voor de buitenwereld.

Geef een reactie