‘Karage’, mijn ongewone jeugd – 1

We gingen verhuizen. Het was de eerste dag in het nieuwe huis betrokken te Breda. Alleen de naam weet ik nog ‘Baronie laan*  en daar houdt mijn herinnering op.

Ik ruik alleen de geuren uit de keuken en zie de bamboe plantenrekken op een staander met de ruimtes voor de plantenbakken. De bamboe plantenrekken, als een kronkelende slang om een boomtak maar dan staande tegen de witte muur, zie ik de hangplanten en de sansiveria’s wankelend in hun bakken. Op de vloerlag zeil. We hadden dekens en de kolenkachel moest de koude verdrijven, maar de warmte van Java terugbrengen.

Aan de muur een gigantisch olieverf schilderij van een Javaans landschap, de Bromo op de achtergrond en figuren met karbouwen in het water als beeldbepalend op de voorgrond. Een ronde eettafel en de lage verstelbare Djatihout stoelen met omkeerbare kussens. Kussens die aan de zijkanten een andere kleur hadden dan de zitting. Geel en grijs. Laats vroeg ik mijn 90 jarige moeder dat huis te beschrijven en ze vertelde nog veel meer. Gelukkig, haar herinneringen schrijf ik op.

Ik wist toen niet dat de Bromo door mij, jaren later, beklommen zou worden.

We verhuisden snel, over het Hollands Diep, naar het Eiland van Dordrecht. De jaren van mijn ongewone jeugd. De stad met de Grote Kerk en steegjes met namen als Zakkendragerssteeg, Vleeschhouwerstraat en Museum van Gijn aan de Wolwevershaven.

Terwijl de verhuiswagen werd uitgeladen ging ik de buurt verkennen. Een wijk in aanbouw en in de verte de flats die al bewoond waren. Grijze luchten. Ons huis op nummer 2, in een straat van 8 vrijstaande huizen, was het laatste dat bewoond zou gaan worden. ‘Adoe, een koopje Elly, maar geen Karage’ Mijn moeder reageerde niet, ik hoorde alleen het geluid van pannen. ‘Makan (eten), straks hoorde ik mijn vader tegen zichzelf zeggen. Mijn vader was eigenlijk al met pensioen omdat zijn tropen dubbel telden, maar hij had een baan gevonden bij de fabrikant van de bekende kleuren plankjes en dragers van zwart metaal.

De buren aan de rechterkant was een, net uit zuid afrika, teruggekeerde hollandse familie. 2 jongens en 1 meisje. Ineke, waar ik heimelijk over droomde. Blond, blauwe ogen en 4 jaar ouder. Bennie, de oudste studeerde voor bioloog.En Mattie, de jongste werd de vriend van mijn jongere broer. Matiie werd later Mat en ook bioloog. Ineke trouwde , kreeg kinderen en verhuisde naar Willemstad aan het Hollands Diep. Ze trouwde niet met mij. Soms pasten deze familie op ons huis en wij op hun huis. Ik zag de Zulu schilden aan de muur en een huiskamer vol met planten. Er hing een typische geur die ik niet herkende van onze geuren in huis. De buurman droeg een lange witte baard zoals ik die -later- van plaatjes van boeren herkende. Hij groette altijd, zei weinig en was, in zijn vrije tijd, altijd met zijn tuin aan de gang. Bomen en struiken werden gepland en na een aantal jaren was hun tuin en die van ons kleine groene paradijzen.

Ik moest naar school en dat was op loopafstand van ons huis. Een school voor bijzonder onderwijs. Dat bijzonder verwarde ik met buitengewoon, terwijl bijzonder juist het ‘ christelijke’  aangaf. Een school met den bijbel. Juffrouw De Munck en haar bijnaam dat mijn moeder haar gaf ’keeper de Munck’ waarvan de betekenis mij niets zei. Jaren later en als voetballertje bij OSS, Oefening Staalt Spieren, begreep ik de bijnaam. Denam van de fameuze keeper van Vitesse en FC Koln ook bekend stond als ’de zwarte panter’. Ik zag hem vlak voor zijn dood, zijn rug gekromd, ondersteund naar zijn ereplek in het Gelredome, geholpen worden. Ik dacht direct aan juffrouw de Munck,

Juffrouw de Munck had echter geen zwart haar, keepte niet. Ze drilde haar klas.. Een klas waar de meerderheid bestond uit ’gekleurde jongentjes en meisje. Ik pestte een indische jongen met een dubbel achternaam die ook nog ging stotteren als ik zijn eigen naam liet herhalen. Pesten had echter niet zo’n betekenis dat we er nu aan geven. Ik denk nog vaak terug aan Hans. Ik werd ‘verliefd‘ op Marian, blond, blauwe ogen.

Thuis hadden wij een zwarte bakelieten telefoon aan de gangmuur, centrale verwarming, een televisie, een badkamer. Altijd een drukte van belang, mensen over de vloer en later de gastarbeiders die mijn vader meenam ‘ Elly, er is vast nog wel wat eten voor deze jongens, hun pension is ook niets’. En ja hoor, we hadden Grieken en Italianen aan tafel. Wat ze in hun taal vertelden wakkerde mijn nieuwsgierigheid aan. Ik heb nog een zwart wit foto met een Griek zittende voor de kinderen.

Deze ’rijkdom’ kwam echter onze familie uit Rotterdam goed van pas. Oom Henk kwam op zijn Mobylette om te douchen en zijn wasbeurt af te sluiten met makan. Oom Henk was wit, geboren in Vlagtwedde en naar Java vertrokken waar hij trouwde met de enige zus van mijn moeder. Oom Henk ging dood op 48 jarige leeftijd. Mijn neef Jan vertelde- na de begrafenis van zijn moeder en mijn tante, dat zijn vader gestorven was door verdriet en het jappenkamp.  Wij volwassen mannen, huilden even.

De buurtkinderen keken televisie en de (meestal) de buurvrouwen riepen vanaf de achterdeur ’ Mogen we even bellen’.Mijn moeder gaf deze buurvrouwen altijd wat eten mee om te ’proeven’ De groentenboer en melkman kwamen aan huis. ’Lorre, hey Lorre’ hoorde ik door de straten klinken. Recycling was toen gewoon. Ik ging op een dag vuurtje stoken en ’s avonds klonk onverwacht een indringende deurbel.

De politie……

Dit bericht werd geplaatst in Maatschappij, Vervolg verhalen door Nummer 22 . Bookmark de permalink .
Nummer 22

Over Nummer 22

Oprichter van het Absurdisch Verbond met als mede lid en co oprichter Kees Schilder “Paco Painter”en zijn andere alter ego’s. Albert Camus aanhanger!

Prof.dr.mr.ir. R. Leijdecker (1955) van het O.I.L. Onderzoeks Instituut Leijdecker is een alter ego, waarnemer, beschouwer en publicist over maatschappelijke ontwikkelingen met een knipoog.

7 gedachten over “‘Karage’, mijn ongewone jeugd – 1

  1. Mooi! Ik ben gek op dit soort verhalen: ik ruik het, ik zie het voor me en ik voel het. Daarom is het jammer dat er fouten in staan en sommige zinnen niet kloppen. Je hebt al eerder laten zien dat je prachtig (foutloos) kunt schrijven! Was je even te snel? 😉

    Ik kijk uit naar het vervolg, misschien wel met een beschrijving van een van je moeders kruidige gerechten (daar gaan mijn kaken van prikken 😉 .

Geef een reactie