Utopia

Waarom stel je nooit vragen?

Je lijkt gelukkig, leeft je eigen leven.
Je bent dankbaar, reikt me af en toe de hand.
Altijd beleefd, gehoorzaam.
Zonder weerstand accepteer en volg je mijn gewoonten en gebruiken.

Iedere avond roep je me nog als je gaat slapen.
Aan het voorlezen kwam pas na tien jaar een einde.
Het Weesgegroet is een ritueel dat nog niet wijken wil.
De nachtzoen is er nog, maar ik voel twijfel.

Je bent veranderd, volwassener geworden.
Ik mis het vuur, het enthousiasme in je ogen.
Je hebt waarschijnlijk heel wat om over na te denken.
Of niet, ik kan het niet meer peilen.

Je was altijd een open boek.
Ik kon je lezen, je liet je lezen.
Dat boek is langzaam dicht gevallen.
Maar het was nog lang niet uit!

Ongetwijfeld komt er een vervolg.
Gevuld met jouw eigen avonturen.
Daar ben ik niet meer de hoofdpersoon.
Geeft niet, zo hoort het in het leven.

Maar die vragen, waarom komen ze niet?
Zoals ik vroeger urenlang kon kletsen met mijn vader.
Totdat hij weleens zei: ga zelf de antwoorden eens bedenken.
Dat soort gesprekken had ik op gehoopt.

Maar ieder mens is anders.
Ook je eigen vlees en bloed.
Twaalf jaar geleden behoedde ik jou voor de gevaren van de zee.
Ik wens je een vaderschap toe zoals ik die al die jaren met jou heb beleefd.

Misschien dat je dan nog eens terug denkt.
Wat zou mijn vader…………?

 

9 gedachten over “Utopia

Geef een reactie