Droge regen

Ver weg van de stress van het uitgaansleven had ik dit weekend 2 feesten. Feesten, daar moet je gewoon heen. Je word uitgenodigt en je moet komen, dat is logisch. Voor het eerste feest wou ik een smoes verzinnen, in het 2de feest had ik juist erg veel zin. Maar vandaag.., denk ik met heimwee terug aan het eerste feest.

In het diepe

Ik trek mijn tas onder de snelbinders vandaan en loop langzaam naar de ingang. De ruiten zijn beslagen. Ik open de deur en stap binnen in een wolk van bedwelmende warmte. Chloorlucht en galmende stemmen: het is weer woensdagmiddag.
Thuis sprak moeder me nog bemoedigend toe; nu ik binnen ben zakt de moed me weer in de schoenen. “Het is toch een aardige man”, zei ze. “Hij doet niemand kwaad”. Maar het is een bullebak. Hij schreeuwt altijd en snapt niet dat ik het diepe niet over durf te zwemmen.

Met de camper

‘Achteraan, daar staat hij’, zei de verhuurder terwijl hij op het asfalt van de parkeerplaats spuugde.
Susan tuurde in de richting die de man wees, terwijl Annemarie de sleutels aannam. Het was zeker 35 graden en het asfalt was gesmolten. Niet bepaald een geschikte dag om met bagage te sjouwen. De koffer die Susan drie dagen voor vertrek nog gekocht had, was gelukkig voorzien van wieltjes. Na twee meter stroperig asfalt gaven de wieltjes het echter alweer op.

Kadoverpakking

Een wereldwijf, dat was het. Wat een geluk dat juist hij haar vanavond tegen het lijf was gelopen. Letterlijk zelfs. Sjaran ging de nacht van zijn leven tegemoet, hij wist het zeker. Want vannacht was ze van hem. Helemaal en alleen van hem. Alles liep op rolletjes en er kon niets misgaan.

Een dag in augustus

Het was zo’n dag in augustus die duizenden Belgen deed zeggen het is toch warm hee, van mij mag het al herfst worden.
En precies die zin had een grote dikke kerel van een jaar of veertig zwetend uitgesproken aan de toog van het bruine cafeetje.
Naast hem zaten drie andere veertigers van dezelfde inkomensgroep, dat was te zien aan hun chique vrijetijdskledij die beter paste in het décor van St Tropez dan in een bruin cafeetje in Antwerpen.

Het delicate Zwijn

Wat voor de één een delicatesse is, is voor de ander een crime. Nooit zal ik vergeten dat er ooit iets op mijn bord lag wat er nogal onbekend uitzag. Mijn vader die kok was, vertelde vol trots dat hij een wild zwijn had gekocht van zijn zwager. Wij, mijn broers en zusters, hadden meermalen genoten van de jachtverhalen van onze oom Jan, maar zagen nu het zwijn voor onze ogen, met de tong uit zijn bek rennend voor zijn leven… Mijn vader zei toen dat wat op ons bord lag, de tong van het dier was. Wij keken met afgrijzende blikken naar ons bord en we weigerden ervan te eten.

Honds

Het begon harder te regenen. Ik besloot een kortere weg naar huis te nemen. Ik verliet de gracht met zijn luidruchtige kroegen en dook een smalle steeg in. Meteen werd ik in een vreemde schemering ondergedompeld, het wervelende kleurrijke grachtenleven viel plotsklaps weg. Ik liep met stevige stappen door de kille nacht. Echo’s weerklonken tegen de vochtige klinkerweg en de kale bakstenen muren die de steeg in een beklemmende greep hielden. Het stonk naar menselijke urine. Het uiteinde van de steeg was een mysterieuze lichtgevende nevel.

Monster

Het was zomaar ergens op straat, in een onbelangrijk plaatsje, waar hij haar voor het eerst zag. Het kon niet missen. Ze liepen recht op elkaar af – bijna in elkaars armen. Toch zagen ze elkaar pas op het allerlaatste moment. Hij, dromerig als altijd, liep met zijn hoofd omhoog geheven, onder de indruk van een door de ondergaande zon rood gekleurde wolkenlucht. Zij, alert als altijd, maakte een omtrekkende beweging om een stel baldadige kinderen. Minder dan een ademlengte zat er tussen hen in, op het moment dat ze elkaar ontdekten.