150 kpm. Dat gaat lekker. De witte strepen op deze snelweg schieten als oneindig lange cokelijnen onder mijn metalen neus door en de klok geeft aan dat het nu 2 uur in de nacht is. De 260pk onder mijn glimmend zwarte motorkap geeft mij een rush van hier tot de Ford fabrieken. 180 kpm. Gillen moet je, je moet gillen! 230 kpm. De snelweg is slecht tot niet voorzien van verlichting dus de spanning denderd door mijn lijf en zeker nu ik mijn verlichting heb uitgeschakeld. Mijn ogen moeten nog even wennen aan de duisternis maar langzamerhand zie ik de lijnen weer. Het 4.6l V8 blok blèrt als een schaap dat wordt volgegoten met gesmolten steen. Dit is lekker. Op momenten als deze heb ik pas echt het gevoel dat ik leef terwijl de kans dat dit leven zeer snel en effectief wordt beëindigt zeer groot is. Maar dit is niet de enige manier om mijzelf volledig gelukkig te laten voelen.

Een goede vriend van mij die ik jammer genoeg niet vaak zie belde mij op om te gaan ‘bootje varen, biertje drinken’. Het klinkt een beetje knullig maar het houd in dat je met een groepje van 15 man in Utrecht een ‘zuip’schuit huurt met kapitein om de schuit dan vol te gooien met zoveel mogelijk kratten bier, andere flessen drank en luidzuipend de grachten van Utrecht te bevaren. We zopen, we zongen en zopen nog wat meer. We zeken van de boot af uit respect voor de dames want die houden niet van nat zitten op de plee die aan boord was. De avond was goed aan het beginnen. Toen na een paar uur het boottochtje over was gingen we aan wal en zwalkte we naar de eerste de beste kroeg op ons pad. Een kroegentocht-afvalrace werd gestart en uiteindelijk bleven we met drie man over. Daar lagen we dan; midden op de weg nadat we uit een oerhollandse Frans Bauer kroegje geslagen waren. We lagen op onze rug en keken naar de lucht en slaakte om de paar momenten een kreet die nergens op leek te lijken. We waren gewoonweg heerlijk dronken. Misschen ken je het wel. Je blijft onophoudelijk doorgaan met bier drinken totdat je alleen maar blijft staan omdat je het gevoel hebt dat je wil gaan zitten. Nadat je dit gevoel hebt weten te overmeesteren ben je over je laagtepunt en geraak je in een heerlijke roes waarmee je nog een paar uurtjes langer door kan drinken. Ja ja mensen, strategie is zo belangrijk.

We liepen terug naar de studentenflat van mijn kameraad om op zijn kamer alle afvallers wakker te schoppen. Het was 4 uur in de ochtend. Ze werden er niet vrolijk van. Een hoop chagerijnige gezichten en gevloek. Watjes. Ik liep het balkon op en ging op de door het weer aangetaste bureaustoel zitten met een biertje in mijn hand dat ik uit het kratje waar mijn voeten op leunden had getrokken. De kamer bevond zich op de op één na hoogste verdieping dus ik keek uit over Utrecht in het donker met hier en daar wat lampjes aan. De zon kwam langzaam op, de gevleugelde fauna werd hoorbaar wakker, auto’s begonnen te rijden en Utrecht kwam tot leven. Ik voelde mij op dat moment volkomen gelukkig. Geen gezeik, geen stress gewoon ik op een stoeltje met bier en een stad die mij toelacht. Ik had geen twintigduizend gedachten die tegelijktijdig door mijn kop heen denderen. Ik was rustig, van buiten en van binnen.
Ik was de Dalai Lama van Utrecht.

Snelheid is mijn vriend nu. Met deze spanning in mijn lijf kan ik niet meer denken. Ook een soort van rust.
Ik ben de Dalai Lama van de snelweg. Niemand voor me, naast me, achter me. Snelheid. Kilometers. Benzine. Wind. Ik heb zin om aan de handrem te trekken. Gewoon, voor de kick. Twintigduizend keer over de kop. En het zonder een schrammetje overleven. Fuck six-flags, here we go!!!

Categorieën: Actualiteiten

0 reacties

Geef een antwoord