Toch was het bijzonder, om weer brieven te krijgen uit Portugal. De jaren dat ze er gewoond hadden waren super geweest. Haar man een goede baan, door zijn salaris geld in overvloed, het levensonderhoud een stuk goedkoper dan in Nederland. Bovendien ontleenden ze ook een deel status aan de baan die haar man had. Ingenieur bij een grote oliemaatschappij, leidinggevende, behoorlijk hoog in de boom. Haar vriendin woonde er nog, in het dorpje waar zij ook hadden gewoond. Haar man werkte nog steeds bij datzelfde bedrijf. Maar de sfeer was wel veranderd. Wat was ze blij dat ze zelf al vertrokken waren.

Het leek wel of alle mensen ‘van de oude garde’ niet meer voldeden. Er kwamen steeds meer jonge managers. Dat was op zich geen probleem maar die jonge honden wilden niet luisteren naar de mensen die het bedrijf hadden opgebouwd. Die met hun jarenlange ervaring precies wisten hoe het werkte. Nee, het moest allemaal anders, het roer ging om. De gesprekken in het kleine groepje gingen ook nergens anders meer over. Eigenlijk maakten de mensen elkaar gek.

Ze was blij dat ze er niets meer mee te maken had. De brieven van haar vriendin riepen alleen maar een gevoel van onrust en teleurstelling op. Ze werd er naar van, het gevoel bleef vaak wel een dag hangen. Gelukkig nam haar vriendin haar niets kwalijk. Tenslotte waren ze inmiddels al een tijdje weg. Haar man had de ontwikkelingen eens aangezien en besloten dat hij er geen deel van uit wilde maken. “Ga je mee terug naar huis?”, had hij aan haar gevraagd. Ze had wel moeten slikken. Alles zomaar achterlaten. Haar vriendinnen, de vertrouwde omgeving. Maar ach, ze was altijd al een beetje een avonturier geweest. Het zou nu ook wel weer goed komen. “Dan kan ik weer gaan werken”, had ze tegen haar man gezegd. Hij had geglimlacht, als je maar niks doet wat je niet leuk vindt. Ach, dan kende hij haar nog niet, zij was de kat met negen levens, zij kwam altijd op haar pootjes terecht.

En achteraf was ze blij. Nu had hij weer een mooie baan en konden ze weer doen wat ze wilden. Voor de achterblijvers was het wel anders, die moesten maar zien hoe ze weer aan een baan kwamen. Het bedrijf waar ze jaren voor gewerkt hadden, dag en nacht, soms wel honderd uur per week, liet hen mooi stikken. Ze moesten het maar zelf uitzoeken. De nieuwe directie had weinig geduld met de werkwijze van de oudere ingenieurs. Als ze niet mee wilden met de moderne ontwikkelingen, dan moesten ze maar ergens anders gaan werken. Maar ja, in andere bedrijven zat men ook niet direct te wachten op iemand met veel ervaring in programma’s die niet meer werden gebruikt. Erg jammer van al die ervaring, nuchter nadenken was blijkbaar iets dat niet meer op prijs werd gesteld.

Hadden ze misschien toch te lang op het verkeerde paard gewed?

Categorieën: Thema column

0 reacties

Geef een reactie