De plotselinge dood van meneer Aldema heeft haar wel aangegrepen. Gezien zijn leeftijd zat het er natuurlijk een beetje aan te komen, maar toch. Hij was misschien aan een verzorgingshuis toe. Al blijft ze erbij dat hij nog best veel zelf kon. Hij was het daar uiteindelijk ook wel mee eens. Maar ja, broos zijn haar hoogbejaarde klanten allemaal.

Adele maakt zich op voor een tweede gesprek met mevrouw Terwindt. Ze beseft dat ze nog zorgvuldiger en voorzichtiger te werk moet gaan. Mevrouw Terwindt is immers in de negentig en krijgt niet alles meteen mee. Haar dochter kan er dit keer kennelijk niet bij zijn. Jammer. Als er een familielid bij is, kan ze eventuele zorgen veel makkelijker wegnemen. Mevrouw Terwindt is gezien haar leeftijd nog goed bij de tijd, maar een hoop gaat toch langs haar heen. Adele snapt ook best dat het moeilijk is.

Ze stalt haar fiets en belt aan. Het duurt even tot de intercom wordt opgenomen.
´O, bent u er al. Kom maar binnen. Mijn dochter is er niet bij dit keer.´
Annie Terwindt haast zich naar de voordeur van haar flat om vast open te maken. Daarna zet ze alles klaar voor de koffie. Of zou de mevrouw van de gemeente liever iets fris hebben. Het is best benauwd. Zelf neemt ze in ieder geval koffie. Ze zet de koekjestrommel op tafel.
´Goedemiddag mevrouw Terwindt. Alles goed met u?´
´Ja hoor, wilt u een kopje koffie?´
´Graag´
Nou, dat gaat haar allemaal nog goed af. Zo wil Adele ook wel oud worden. Ze legt haar papieren op tafel.
Als even later de koffie is ingeschonken en na wat koetjes en kalfjes over het weer komt Adele ter zake.
´U krijgt best veel thuishulp, vindt u ook niet?´
´Ik hoef toch niet weg?´
´Nee, natuurlijk niet. Daarvoor bent u nog veel te kwiek.´
´Dat zei u de vorige keer ook al. Maar ik ben wel moeilijk ter been en kan bijna geen boodschappen meer doen. Dat doet mijn dochter.´
´Ja, en er komt ook elke week iemand helpen met het huishouden. Zoveel hulp heeft u eigenlijk niet nodig.´
´Maar dan kan ik hier niet blijven. Moet ik toch weg? Mijn dochter zei van niet.´
´Nee, zolang u zelf nog van alles kan en met een beetje hulp van uw dochter kan u nog best op uzelf blijven wonen.´
´Ja, maar Maria kan ook niet altijd. Die heeft haar werk en de zorg voor haar kinderen. Waar moet ik dan heen?´
´Beste mevrouw Terwindt, u hoeft niet weg. Alleen de thuiszorg wordt minder. Die komt straks nog maar eens in de twee weken. Ook om te kijken of alles goed met u gaat.´
´En als het dan niet meer gaat?´
´Dan is er altijd een plek in een tehuis. Maar voorlopig kunt u het hier toch nog wel volhouden?´
´Ja, ja, natuurlijk.`
´Dus het is u nu duidelijk allemaal.´
´Ja, ja. Als ik maar niet weg hoef.´
´Hoe komt u daar nu bij? Nou tot ziens. Ik neem nog wel eens contact op. Dag mevrouw Terwindt.´
´Dag.´

Adele gaat niet helemaal tevreden naar huis. Zou de vrouw nu wel echt goed hebben begrepen dat ze thuis kan blijven en niet weg hoeft. Dat is ook helemaal niet de bedoeling. Gelukkig zag mevrouw Terwindt wel in dat ze samen met haar dochter nog veel kan. Misschien moet ze voor alle zekerheid binnenkort even contact opnemen met die Maria. Aan de andere kant moet je ook weer niet al te lang bij een zaak blijven stil staan. Adele besluit om het tijdens de volgende weekbespreking aan de orde te stellen. Nu moet ze zich haasten om de kinderen van school te halen. Vanavond eten ze maar een keer pizza. Ze heeft een drukke dag achter de rug en ziet er tegenop om te koken. En de kinderen zijn gek op pizza.

´Rustig nu mama. Wat heeft die mevrouw van de gemeente dan gezegd? ´
´Wat! Kun je alleen thuis blijven wonen als ik voor je zorg? Je krijgt toch thuishulp. Wacht nu maar. Als Henk thuis is,  kom ik meteen naar je toe. Dan praten we er op ons gemak over. Maak je nu maar niet zo druk.`
Maria Terwindt begrijpt er niets van. Ze vraagt zich af of haar moeder het goed heeft meegekregen. Vorige keer was ze ook al zo bang dat ze naar een tehuis moest. Had ze nu toch maar vrij genomen. Hoewel,  zoveel dagen heeft ze niet meer en wie weet hoeveel dagen ze nog nodig heeft als de gezondheid van haar moeder minder wordt.

´Hoi Henk. Sorry ik moet even naar mama. Ze is helemaal overstuur van dat gesprek met de gemeente. Ik maak het echt goed met je vanavond.´ Maria zet haar verleidelijkste gezicht op. Haar man beantwoordt de wulps bedoelde blik met speelse verwachting.

Maria doet haar uiterste best om haar moeder tot bedaren te brengen.
´Zo´n vaart zal het allemaal niet lopen mam. En Henk en ik zijn er ook nog. Zal ik wat te eten maken?´
´Ja graag. Sorry schat, dat ik je zo lastig val. Ik begrijp het gewoon allemaal niet meer. Ze bleef zeggen dat ik het zelf moest doen. Ik zei toen maar dat ik het wel kon. Anders had ik weg gemoeten.´
´Wel nee, mama. Ik bel die mevrouw van de gemeente morgen wel op. Je krijgt, denk ik alleen minder hulp. Maar daar komen we wel uit. Hier, eet nu maar wat.´
Maria belt haar man. Ze wil voor alle zekerheid nog even bij haar moeder blijven.
´Dus van dat goedmakertje komt vanavond niks meer,´ grapt haar man. ´Och schat, dat had ik ook graag anders gezien.´
´´Weet je wat. Zullen we komend weekeinde met ma naar de kinderen gaan?´
´Henk, je bent een schat. Ja, dat zal ze leuk vinden. Tot vanavond.´

Maria gaat pas naar huis als haar moeder in bed ligt.
´Dag ma. Moet ik het licht aan laten?´
´Nee, doe maar uit. En dank je wel schat. Sorry dat ik je steeds lastig val.´
´Och wel nee mam. En dan gaan we zaterdag of zondag naar Richard en Tineke.´
´Ja dat is leuk. Welterusten schat.´
´Welterusten mam.´

Mevrouw Terwindt voelt zich gezegend met haar kinderen en kleinkinderen. Als ze Maria niet had dan … Met een tevreden glimlach slaapt Annie Terwindt in.

´Verdorie Maria, wat nou weer?´
´Ik krijg ma niet te pakken. Heb jij het nummer van de buren bij de hand. Dan vraag ik of die even een kijkje nemen.´

´Wat, wat zegt u? Is moeder dood? Neeee, ze was gisteren nog goed. Ze verheugde zich er zo op dat we naar de kinderen zouden gaan. Neee.´


Frans

Ooit schreef ik voor een regionaal dagblad. Daar hadden ze na 22 jaar genoeg van en nu probeer ik het hier. Na een grote tussenpauze hoop ik de draad weer op te pakken.

4 reacties

Spencer · 1 oktober 2014 op 23:00

Ik zou er graag iets over willen zeggen, maar ik weet niet wat..

Mien · 2 oktober 2014 op 08:11

@Spencer: … dat zegt genoeg …

Een column gedreven door angst. Angst die tastbaar is maar tevergeefs. Een zandloper zou het er Spaans benauwd van krijgen. En de man met de zeis maar lachen. Gelukkig heeft de angstige een goed leven gehad. In en door liefde van (klein)kinderen. Zorgen om zorg. Het oude liedje …

Dees · 2 oktober 2014 op 16:38

Moeilijk stukje. Ja, er staat heel wat te veranderen, met gevolgen voor velen. Maar dit is wel erg zwart-wit. Ik weet daarmee ook niet precies hoe te reageren.

arta · 2 oktober 2014 op 22:58

Wat mij betreft hoef je Maria’s achternaam niet steeds te noemen.
Op de één of andere manier spreekt jouw manier van schrijven mij aan, als je er je best op hebt gedaan, al kan ik niet goed uitleggen waarom…
Volgens mij is het de combi onbeholpenheid en puurheid…

Geef een antwoord