In iedere middelbare-schoolklas zit er wel eentje. We noemen hem gemakshalve maar even Jantje. Zo’n tamelijk lelijk jochie. Geen vriendjes. Klikken bij de leraar als er wordt gespiekt. Nooit uitgenodigd voor de feestjes bij klasgenootjes thuis. In het uitgaansleven genegeerd. Maar het ergste: het dagboek dat een klasgenootje altijd in haar tas had stiekem doorbladeren en na schooltijd door een kier gluren in het fietsenhok als de bink van klas 4A tussen de roestige fietsenrekken de nog prille borsten betast van mooie Anja uit de derde. Jantje is, kortom, een sociaal zwakke, stiekeme gluurder. De kans is groot, dat Jantje later gaat werken bij de telefonische afluistereenheid van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheids Dienst, de AIVD. Immers, hij heeft al van kinds af aan volkomen maling aan de privacy van een ander.

En laat duidelijk zijn, het is goed dat die AIVD bestaat. Onze overheid dient de burger te beschermen. Tegen aanslagen van radicale cellen van zowel linkse, rechtse, diervriendelijke, religieuze als allochtone oorsprong. Prima. Maar de manier waarop onze overheid ons beschermt, is zo te zien bedroevend. Nergens in de beschaafde wereld worden zoveel telefoons van burgers afgetapt. Lekker meeluisteren. Maar of dat nou leidt tot een veiliger samenleving? Fortuyn en Van Gogh zijn toch gewoon vermoord? Allerlei staatsgevaarlijke types lopen toch nog steeds vrij rond, doordat ons justitie-apparaat de ene fout op de andere stapelt? Onze luchthavens zijn qua veiligheid toch nog steeds zo lek als een mandje? Maar doet onze overheid daar nou echt wat aan? Nee. De overheid komt niet veel verder dan het rekruteren van heel veel Jantjes, die vanachter hun bureau lekker meeluisteren met de intieme telefoongesprekken van burgers die om de meest onduidelijke reden als “verdacht” te boek staan. Of die meekijken naar het surfgedrag op internet.
In mijn Grote (vriend) Van Dale vond ik een prima beschrijving van Jantje: Hoerenkind (fig.) gemeen persoon, listig mens.
Want onder het mom van landsbescherming leeft Jantje zich uit. Sterker nog: als Jantje een keer met zijn luie reet achter zijn bureau vandaan komt, is dat niet om persoonlijk een boef in de kraag te vatten, maar om in te breken in het huis van een burger. Om in zijn spullen te snuffelen, of om wat cameraatjes en microfoontjes te verstoppen, zodat het afluisteren en gluren nog verder kan gaan. Kan Jantje nog een keertje fijn meegluren als het echtpaar dat hij nog van vroeger uit het fietsenhok kent, zonder kleren de badkamer uit komt lopen. Momenten van pure extase voor Jantje.

In 2002 werd bij wet besloten, dat burgers die zijn afgeluisterd of anderszins zijn bespioneerd, daar na vijf jaar over moeten worden ingelicht. En helaas voor de AIVD: ook hun Jantjes dienen zich aan de Nederlandse wetgeving te houden. En natuurlijk, er kunnen goede redenen zijn om ook na vijf jaar iemand nog niet te vertellen dat-ie is bespioneerd of afgeluisterd. Bij voorbeeld als het onderzoek nog loopt. Of als de betrokkene is verhuisd naar een onherbergzaam steppedorpje in een ver land zonder bevolkingsregister. Maar verder niet. De AIVD heeft echter maling aan deze regel. De dienst heeft nog nooit iemand ingelicht. In grofweg een kwart van de gevallen werd dat bericht uitgesteld. Omdat het onderzoek vijf jaar later nog steeds loopt? Ik kan me eerlijk gezegd niet voorstellen dat dat in duizenden gevallen werkelijk waar is. In ruim 40 procent van de gevallen is de afgeluisterde persoon niet ingelicht omdat de betrokkene onvindbaar is. Schei toch uit. Het kan niet waar zijn, dat een spionagedienst in bijna de helft van de gevallen niet in staat is, bij te houden waar de betrokkene bivakkeert. Juist een spionagedienst behoort dat wél aan te kunnen. 5 procent van de afgeluisterde personen is inmiddels overleden. Fatsoenshalve zou de AIVD dan de nabestaanden dienen te informeren, maar ook die beleefdheid kunnen Jantje en zijn maten niet opbrengen. Maar het schandaligste is de uitspraak van de toezichtcommissie op de AIVD dat “het achteraf informeren van de betrokkenen achterhaald is, en veel te bewerkelijk.” Tijd voor een toezichtcommissie die toezicht gaat houden op de toezichtcommissie? Sinds wanneer is het argument dat het “te bewerkelijk is” voldoende reden om de wet maar te negeren? Rijd ik rond zonder rijbewijs omdat rijles mij “te bewerkelijk” was? Kom nou! Het bespioneren, aftappen en afluisteren van iemand is een zware maatregel. Het is niet meer dan billijk, dat de AIVD de door de wetgever opgestelde voorschriften dan ook hanteert. Daar hebben de vele duizenden afgeluisterde burgers recht op. Die mogen weten dat ze zijn bespioneerd, en ook waarom dat is gebeurd. Maar nee, voor het op een fatsoenlijke manier behandelen van burgers heeft Jantje geen tijd.

Maar is Jantje dan écht druk doende met het beschermen van burgers? Levert Jantje een praktische bijdrage aan meer veiligheid voor de burger? Nee. In plaats van al dat zielige gegluur en geluister zou Jantje, en ik noem zomaar een willekeurig voorbeeld, beter met een nachtkijker in de bosjes bij een fietstunnel in Veenendaal liggen, om de groep Marokkanen in de kraag te grijpen, die daar mensen wreed berooft en mishandelt. Had Jantje die gruwelijke misdaden met zijn enorme aantal telefoontaps trouwens sowieso niet kunnen voorkomen? Nee. Gewoon ouderwets met een nachtkijker in de struiken burgers beschermen, daar doet Jantje niet aan in de winter. Te koud. Het is toch te triest voor woorden, dat een of andere extreem-rechtse kaalkopjesclub uiteindelijk het Veenendaalse veiligheidsvraagstuk heeft gekaapt? Die lopen wél wacht. Weer of geen weer. Terwijl Jantje lekker bij de kachel zit. De overheid, de AIVD, de toezichtcommissie op de AIVD en de beruchte “Commissie Stiekem” staan in hun hemd.

Kistjes met witte veters, iemand?

Categorieën: Actualiteiten

6 reacties

arta · 10 april 2010 op 19:46

Wat mij betreft had je het wat kleiner mogen houden. Nu heb je er zoveel details bijgesleept, dat mijn aandacht al snel verslapte, terwijl het wél goed geschreven is!

pally · 10 april 2010 op 22:21

Als je zo uitgebreid moppert, luistert niemand meer, vrees ik en dat is toch jammer.

Groet van pally

LouisP · 12 april 2010 op 20:44

L.
bij het begin, een bijzonder uitnodigend begin, ben ik er eens goed voor gaan zitten…en met aandacht gelezen..

gr.
Louis

Dees · 13 april 2010 op 11:31

heel goed geschreven. mooie opbouw en dan toch weer een verrassende laatste alinea. Kies voor je alinea-indeling liever een consequente modus en knip lange stukken nog net even op met meer wit, dat leest wat makkelijker. Het blijft een beeldscherm. Voor de rest, komt u maar met de volgende 😀

Chris · 13 april 2010 op 16:06

Moet mij toch van het hart, als jij het volgende stelt:

“En laat duidelijk zijn, het is goed dat die AIVD bestaat. Onze overheid dient de burger te beschermen. Tegen aanslagen van radicale cellen van zowel linkse, rechtse, diervriendelijke, religieuze als allochtone oorsprong”

Dan kan ik niet anders dan concluderen dat jij datgene waar jij tegen ageert, in stand houdt. Instanties als de AIVD bestaan bij gratie van dit soort onwetendheid/paranoia, die overigens niet iedereen persoonlijk aan te rekenen valt. Vergelijk het maar met een soort van Jantje. Die kun je ook niet volledig toerekeningsvatbaar verklaren. Maar dit is dan niet zo zeer een hoerenkind, maar meer een slachtoffer van een gevalletje incest, waardoor de geestelijke vermogens wat onderontwikkeld zijn.

Windowdressing en schijnveiligheid is wat de AIVD ons biedt – na ons eerst “bang” te hebben gemaakt met spookverhalen over terroristen etc.

u-queen · 13 april 2010 op 21:52

Boeiend om te lezen 😉 Persoonlijk vind ik wel dat de nogal veel vraagtekens in de – volgens mij – derde alinea simpelweg vervangen hadden kunnen worden door punten. Ik ben namelijk van mening dat je met een column minder vragen moet stellen en meer statements moet maken 🙂
Ik heb hem zeker met plezier gelezen.

Geef een antwoord