De zon schijnt, maar het is waterkoud buiten. Ik heb de kinderen beloofd om naar het park te gaan om te kijken wat er met de paddestoelen is gebeurd, die we er de laatste keer gezien hebben. Met weinig zin verlaat ik mijn warme huis met twee opgewonden kinderen aan de hand. Het park stelt niet zo veel voor. Een vrij groot meer met bomen, struiken en een pad er omheen. Je doet er ongeveer een half uurtje over om er omheen te lopen. Uitgelaten rennen de kinderen richting de eerste plaats waar paddestoelen stonden. Het eerste wat opvalt is dat er nu mensen bezig zijn met een enorme bol tussen de bomen, waarin weer een kleinere bol hangt van takken.

“Waar is die bol voor?” vraagt Marie tot mijn plezier, want ikzelf ben er natuurlijk ook nieuwsgierig naar. “Komende week gaan wij hier een wicca-ritueel doen”, is het antwoord. “De bol wordt dan aangestoken!” Dit wekt natuurlijk nog meer nieuwsgierigheid op, en ik leg, hopend dat het enigzins klopt, uit dat deze mensen moderne lieve heksen zijn, die houden van de natuur, en daarom regelmatig feestjes bouwen in bossen om die natuur te eren.

Échte heksen in ons park! Wat een verrassing! Inmiddels van het pad afgeweken zetten wij onze zoektocht voort. “Mam…mááám!”, schreeuwt Bram, “Kom eens hier kijken!” Snel ren ik naar hem toe met Marie in mijn kielzog. Er staat een paddestoel te prijken voor zijn voeten. Een échte, want hij is rood met witte stippen. Marie gaat op zoek naar kabouter Spillebeen, en ziet hem nog nét achter een boom verdwijnen. Ze kan haar geluk niet op.

De lucht begint rose te kleuren als aankondiging van de schemer, dus het laatste stukje doen we wat sneller. We bekijken de zwanen in het water, de lege vogelnestjes in de bomen en de elfenbankjes die aan de stammen geplakt zitten. “Dat zijn rustbankjes voor de elfjes die hier ’s nachts rondvliegen”, legt Marie mij serieus uit. “Elfjes worden ook weleens moe!”

Op mijn vraag hoe elfjes eruit zien kijkt ze mij verwijtend aan. “Je kent Tinkerbell toch wel? Nou, zo zien ze eruit.” Haar hoofd schuddend over zo’n domme vraag, verlaten wij het park. Bij een heerlijke kop warme chocomel vertel ik de kinderen dat dit het meest bijzondere ‘rondje park’ was dat ik ooit gelopen heb. Verbaasd kijken ze mij aan. “Bijzonder? Waarom dan???”

Categorieën: Algemeen

Arta

Zijn. bewonderen, verwonderen, notuleren, opwaarderen; Het zijn zomaar wat steekwoorden, die voor mij onlosmakelijk zijn verbonden aan 'Schrijven'. *Overigens schrijf en reageer ik als arta natuurlijk op persoonlijke titel

13 reacties

Dees · 3 januari 2007 op 19:20

Meegewandeld en meegenoten, van begin tot eind. Dit is mijn favoriete column van jouw hand. Tot dusverre dan 🙂

DriekOplopers · 3 januari 2007 op 19:25

Tsja, échte heksen… Dan heb je mijn buurvrouw nog nooit gezien 😀

Als altijd weer heel mooi opgeschreven, Arta! Met name de verbazing van de kinderen aan het eind vond ik leuk.

Driek

pally · 3 januari 2007 op 23:05

Wat een leuke column, Arta!

Je laat erin zien dat voor kinderen verrassingen en sprookjes eigenlijk ook gewoon tot hun wereld horen.
Een heel natuurlijke schrijftrant ook, die mij bij heksensoep ook al opviel.
Je wordt geen kind maar kan heel goed met ze meevoelen zonder op je hurken te gaan zitten.

groet Pally

Li · 3 januari 2007 op 23:05

Heksen, kabouters en elfjes. Tijdens het lezen van je column voelde ik me weer heel even kind.
Ik tuurde al in het meer naar tovervisjes.
Heeeeerlijk!

Li

KawaSutra · 4 januari 2007 op 00:07

Ik heb weer genoten van dit sprookje in het klein. Het zijn de lichtpuntjes van het leven. De volgende keer als ik naar het bos ga met mijn zoontje beleef ik het weer opnieuw.

Chantalle · 4 januari 2007 op 00:56

En weer een heerlijk stukje van jouw hand.
Opnieuw genoten!

Linkesoep · 4 januari 2007 op 01:27

Leuk om te lezen dit stukje.
Vooral die laatste alinea vind ik erg pakkend.
Ben benieuwd wat het park volgende keer voor je in petto heeft. 😉

SIMBA · 4 januari 2007 op 09:28

[quote]Het park stelt niet zo veel voor[/quote]

Het is maar net hoe je ernaar kijkt, wat je wíl zien.
Uit de gewone dingen iets bijzonders halen, dat is de kunst! En het dan ook nog kunnen op schrijven…wow!

KingArthur · 4 januari 2007 op 11:39

Zoals ik in een gedicht ‘Weergod’ al geschreven heb: Mijn aard is verbonden met moeder natuur. Kijk met andere ogen naar de natuur en er gaat een wereld open.

DreamOn · 4 januari 2007 op 15:40

Mooie column Arta. Geweldig, om het leven te zien door de ogen van je kinderen. Goed verwoord, mooie sfeertekening.

pepe · 5 januari 2007 op 18:40

Heerlijk hoe simpel de dingen zijn door kinderogen.

Hier is het meestal andersom, ik wil wel en heb veel zin in dat soort uitjes, maar de kids zijn mams-uitjes-moe.

arta · 5 januari 2007 op 19:31

Het was zó grappig hoe het tegenkomen van die ‘heksen’ voor mijn kinderen een sprookjeswereld opende!
@ Dees: Da’s een compliment! Dank je!
@ King: Zouden er maar meer mensen zo denken.
@ de anderen: heel erg bedankt voor de positieve reacties! Leuk!

Bitchy · 6 januari 2007 op 07:45

De efteling zou ik nog even uitstellen 😉

Geef een antwoord