Deuren zijn gesloten, ramen dicht. Licht brandt er slechts beperkt. Met het deel dat nog operationeel is kan ik uit de voeten. Ik praat, schrijf, bel en organiseer wat. Lichte kost is het, vakantiewerkzaamheden. Ik functioneer.
De afgesloten deuren en ramen belemmeren de toegang tot de daar achter gelegen ruimtes. Deze ruimtes werden intensief gebruikt de afgelopen tijd. Het was er luidruchtig druk. Er werd hard gewerkt, gelachen, opgewonden heen en weer gebeld; intensieve gesprekken en hartstochtelijke discussies werden er gevoerd. Contacten werden er gelegd, ontmoetingen geregeld; etentjes, concerten, korte vakanties. De sfeer was prima. Met andere ogen en nieuwe energie waren het verrassende afslagen die er werden genomen. Afslagen naar andere werkelijkheden, fantasieën; er werd aan dromen gebouwd. Morgen, straks, elders, voort… over wegen geplaveid met goud. Bestemmingen te over.
Mijn ruimtes. Mijn werkplaats is het. Bij de thalamus naar beneden richting hypothalamus, links af en dan nog even door. Vervolgens ergens rechts. Ik ken de weg, herken het als vanzelfsprekend. Een goed onderhouden, degelijk, stijl- en smaakvol onderkomen. Een mooie plek omgeven met groen. Landelijk, vruchtbaar. Het is er aangenaam toeven.
Ergens in een van de ruimtes brandt er nog licht. De bron is niet direct te traceren. Een blik door het raam toont een tafel. Een gedekte ronde tafel; brood in een mandje, beleg op schaaltjes, bestek, kopjes… een bekend tafereel. Huiselijk, klaar om aan te schuiven. Maar vreemd oogt het. Stil, onaangeroerd. Slechts een van de kopjes vertoont tekenen van gebruik. Aan de rand van dat kopje zit, zo valt ondanks het schaarse licht te zien, iets van lippenstift. Verder is er weinig opvallends. Slechts enkele vochtplekken bij de deurpost.
Ik keer terug. Zit achter mijn bureau. Mijn rechtervoet slaapt. Ik heb iets te lang volhard in een voor mijn rechtervoet ongezonde houding (gestrekte benen, linker onderbeen over rechter onderbeen). Het maakt dat de bloedtoevoer hapert. Ik moet er even niet op gaan staan. Ik schuif op mijn stoel naar achteren, til mijn been op, ondersteun met beide handen en laat mijn rechtervoet even in de lucht bungelen. De verwachte tinteling is heftiger dan verwacht. Ergens tussen genot en pijn kreun ik richting kamerplant. Vervolgens sta ik op, proef de ondergrond en zet de eerste voorzichtige stapjes richting verder.

2 reacties
Libelle · 3 augustus 2013 op 11:33
Zomaar een stukje uit jouw leven Frank, tijdens vakantiewerktijd? Ik hoop altijd op avontuur. Maar met wat lipstick op een kopje en twee vochtvlekken moet ik het doen.
De verwachte tinteling is heftiger dan verwacht. Zo bedoeld?
Mien · 5 augustus 2013 op 00:43
Jammer dat deze column zo weinig reacties krijgt. Ik vond hem mooi.