In 1677, dit jaar dus 330 jaar geleden, werd de Ethica van Baruch (Benedictus) de Spinoza (1632-1677) gepubliceerd. Postuum, want tijdens zijn leven was deze zachtmoedige wetenschapper en lenzenslijper al (te) vaak doelwit van orthodoxe rabbijnen, steile dominees en onverdraagzame Oranjeklanten. De Ethica rekende af met alle vormen van bijgeloof – van een ‘scheppende god’ tot ‘engelen’ en van ‘duivel(s)’ tot ‘geesten en spoken’. Het was een wetenschappelijk en filosofisch werk, weliswaar net zo moeilijk als belangrijk. Het is feitelijk het beste Nederlandse boek ooit, al werd het in het Latijn geschreven. (En later in het Nederlands vetaald.) Een baanbrekend werk, waarmee in wezen de Verlichting is begonnen: alle ‘spinrag’ in het denken werd weggenomen om een helder zicht te krijgen op de werkelijkheid.

Spinoza bewees dat de bijbelse god (dus ook de Joodse en islamitische, al noemde hij de laatste niet omdat dat toen niet speelde) een verzinsel is. Handig voor díé dominees, priesters, rabbijnen en imams die het volk onwetend willen houden, maar in strijd met de Rede.

Wat God wérkelijk is, toonde Spinoza met wiskundige nauwkeurigheid aan: het Al-Ene, dat niet is ontstaan noch kan vergaan, niet kan scheppen noch gebeden kan verhoren, geen wonderen kan verrichten of aan een kruis hangen, maar, heel letterlijk, één-voudig, IS – altijd en eeuwig, onbegrensd en oneindig, tijdloos en eindeloos. Zijn eigen, eeuwige, oorzaak om zo te zeggen. God en Natuur vallen samen: Natuur is de waarneembare kant, de tastbare vorm, van wat Spinoza (bij gebrek aan een beter woord) God noemt. In feite was hij daarmee een wetenschappelijke a-theïst. God is niet de schepper van de natuur, maar is Natuur. Natuur is meer dan boompjes en beestjes, aarde en sterren: het is het Enig-Altijd-Zijnde. Natuur kan niet niet-bestaan en is dus niet geschapen…
Ethiek – zedenleer, ‘normen en waarden’ – komen dan ook niet van een bedachte god, maar uit Natuur, uit de aard van de mens zelf.

Zodra je de Ethica gelezen en begrepen hebt, ben je voorgoed genezen van de neiging tot (bij)geloof. Het boek, of delen daarvan, zou verplichte kost moeten zijn op elke middelbare school, als uitgangspunt voor verdere studie maar ook voor diepgaande discussies en vrijheidlievende gedachtevorming en -training. Opdat de door reactionaire godsdienstfanatici en halfzachte postmoderne semi-gelovigen gevoede neiging tot lichtgelovigheid een krachtig, wetenschappelijk, rationeel, onweerlegbaar weerwoord krijgt. Want elk geloof is, naar het woord van die andere bevrijdende denker, Multatuli, immers bijgeloof? Af, goden!

© Jan Bontje 2007

Categorieën: Algemeen

4 reacties

Li · 28 januari 2007 op 16:35

Een zondagschoolse column…maar dan anders.
Li

Bitchy · 28 januari 2007 op 19:28

Kan het vinden in de stelling dat de natuur God zou zijn.
Ik denk dat het voor mij tijd wordt Ethica eens te lezen.

Prlwytskovsky · 29 januari 2007 op 01:20

Vind ik wel een punt, dit. Dat ga ik eens lekker uitpluizen.

JanBontje · 31 januari 2007 op 02:20

Ik kan je de Ethica van harte aanbevelen!

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder