Mijn beroep is buschauffeur en het liefste rijd ik in de blauwe bus. Blauw, het lijkt of alles dan een kleurtje heeft. De daken zijn rood, luchten lila, mensen zijn oranje. Vrolijk kleuren ze het straatbeeld. Van kinds af aan wilde ik buschauffeur worden. Nu ben ik het en droom ik van iets anders.

Door mijn beroep moet ik goed uitkijken, ik heb zo een fietser onder mijn wielen. Een advertentiebril van een brillenwinkel helpt daar niet bij. Die fietsers vormen een grijs gebied, zeker nu ze op die elektrische dingen met 50 km per uur komen aansjeesen. Flits; voorbij of onder je bus. Ze doen alsof ze alles mogen, kijken niet uit en steken geen handen uit hun mouwen. Stel dat ik er een aanrijd, dan ben ik, wat er ook gebeurde, schuldig. Uitkijken op een rotonde? Waarom? Iedereen stopt wel voor mij, denken ze. Gebeurt ook nog.

Wat zou ik graag brandweerman willen zijn. In een knalrode ladderwagen mogen rijden met groot licht aan en de sirene op honderd decibel.

Is rood beter zichtbaar dan blauw? Welnee, een rood verkeerslicht wordt ook niet gezien. De harde sirene dan? Ook niet. Die oordoppen zitten verankerd in die flappen. Wat moet ik doen om gezien te worden? Niets. Gewoon een paar keer achter elkaar ongenadig fietsers van hun sokken rijden. Leergeld voor anderen.

Zucht. Met lichte tegenzin klim ik de drie treetjes van de bus omhoog naar mijn stoel. Veilig achter dubbel kogelwerend glas bekijk ik gelaten de passagiers. Glipt er eentje zonder te betalen de bus in, doe ik niets. Ik kijk wel uit. Voordat ik het weet lig ik KO op straat en daarna op de OK in het ziekenhuis.

Mijn kinderdroom heeft me bedrogen. De wereld is niet mooi, de straten zijn grijs. Ik rijd in mijn blauwe bus de eenzame, kleurloze straat uit.


Suma

Een oud-docent Gezondheidskunde en Huishoudkunde, Mbo scholen, maar helaas nu in de WAO. Mijn hobby is: schrijven, ik werk aan drie manussen tegelijk. Af en toe een gedicht er tussendoor, heerlijk. Als ik maar op een stoel kan zitten, mijn vingers nog kan gebruiken, blijft mijn hoofd wel werken.

8 reacties

troubadour · 6 augustus 2015 op 08:18

‘Gewoon een paar keer achter elkaar ongenadig fietsers van hun sokken rijden. Leergeld voor anderen.’
Bloeddorstig stuk! En die ‘lichte’ tegenzin is wat eufemistisch uitgedrukt, krijg ik de indruk. Kortom, niet Ok wat mij betreft.

Yfs · 6 augustus 2015 op 11:24

Nieuwsgierig makende titel!

“Ik kijk wel uit. Voordat ik het weet lig ik KO op straat en daarna op de OK in het ziekenhuis”
Leuk gevonden!

“mijn kinderdroom heeft me bedrogen”
heel erg mooi, net als de rest van de afsluiting.

Eenvoudig doch zeer pakkend geschreven.

Voor mij een nominatie waard als CvdM!

:yes: :rose:

troubadour · 6 augustus 2015 op 12:44

O ja Suma, een sirene van een brandweerauto produceert 120 dB. Dat is twee keer zoveel dan 100 dB omdat de schaal logaritmisch is opgebouwd. Een vuilnisauto produceert 100dB.
Een beoordeling hier is geluidloos, maar heeft veel impact!

Esther Suzanna · 6 augustus 2015 op 18:19

Ik word hier wel een beetje verdrietig van…

Niks is zoals het leek als je eenmaal volwassen bent maar met een beetje fantasie …

Een bus is een bron aan inspiratie in de schrijverij, denk aan al die persoonlijkheden met hun eigen verhaal 😀

Nachtzuster · 6 augustus 2015 op 19:00

Een kinderdroom aan duigen doordat de realiteit anders in elkaar zit. Mooi weergegeven. Een beetje weemoed, klein opgetekend. :rose:

trawant · 6 augustus 2015 op 22:41

Als je hobby je werk wordt, je fantasie werkelijkheid, de droom bewaarheid wordt.
Ik had wel hijskraanmachinist willen worden in A ad Rijn bijv.
Gelukkig werd ik afgewezen. Ga jij maar schrijven manneke, zeiden ze op het ponton. Nou ja zeg..!

Meralixe · 7 augustus 2015 op 08:34

Dat dromen bedrog zijn maak je hier wel duidelijk. Mooi hoe je wat je ziet afhankelijk maakt van de gemoedstoestand. 😥
C vd M? Nu ja en nee. Er kan altijd concurrentie komen he.

Suma · 7 augustus 2015 op 14:52

:yes: Dank jullie allemaal voor het lezen n de reacties. :-)) Grappig hoe een gedicht inspiratie kan geven voor een verhaal of column.

Geef een antwoord