Ik moest erg lachen bij het lezen van de column [url=http://www.examedia.nl/columnx/modules/news/article.php?storyid=797]’Herkenning'[/url] van de Zwarte Ridder. Ik realiseerde mij dat ik ook zo’n oma heb gehad. Mijn oma is allang dood. Niet dat dat bijzonder is, oma’s doen dat bij tijd en wijle maar als ze nu nog geleefd had zou ze nog steeds zó rondlopen. Met zo’n hoofddoek. Ik kan mij haar nauwelijks anders herinneren. En inderdaad, liefst nog met krulspelden eronder en ‘unne sjollik’ om. Voor de niet Limbo, dat is zo’n keukenschort. In het geval van mijn dikke morsige oma zat die onder het eierstruif, fruitpulp, bloed, meel enz enz. Het oudje was de hele dag altijd in touw met bakken en braden. Al knedende, roerende, prakkende en snijdende veegde ze haar handen telkens weer aan die schort. Als je bij oma op bezoek ging betekende dat je van het begin tot het einde werd vetgemest met eigen baksels. Maar eerst werd je even strak tegen haar ranzige ‘sjollik’ geknuffeld.

Met pasen bijvoorbeeld. Dan ging je rond het middaguur met je ouders naar oma. In mijn geval was dat één deur verder. Dan werd eerst ‘geköpt’. Even uitleggen? Op tafel stond dan een schaal met, in dit geval, een honderttal gekookte en geverfde eieren. Je nam dan één ei en sloeg daarmee dan op het ei van een tafelgenoot. Degene die er een kapot ei aan overhield, mocht het opeten en de ander zocht een nieuwe tafelgenoot om mee te köppen. Dat deed je dan totdat je letterlijk stijf stond van het eiervreten. 4 tot 6 eitjes pp was wel het minimum. Waar dit volslagen belachelijke gebruik vandaan komt weet ik niet maar ik stel me voor dat het symbolisch bedoeld is, dat köppen. Wanneer het ter vervanging dient of symbolisch is voor het iemand op zijn of haar bek slaan, stel ik voor dat we dit gebruik landelijk populariseren. Nog voor de tafel werd ontdaan van talloze eierschalen werden de zelfgebakken vlaaien aangerukt. Ik had liever vlaai van de bakker moet ik bekennen maar oma’s pruimenvlaai moest gegeten worden op straffe van nog meer eigen baksels. Nu is het bij ons niet gebruikelijk dat je één stukje vlaai eet. Twee. Minimaal twee. Eerder ging je niet van tafel. Maar het bleef evenwel niet bij twee stukken pruimenvlaai. Oma had nog veel meer baksels en proeven moest je op zijn minst. Tegen een uur of drie was deze schranspartij meestal wel voorbij. Ooms gingen richting woonkamer, borreltje, sigaartje. Vrouwen in de keuken. Opruimen, afwassen en… avondeten voorbereiden. Jahaa, we gaan nog niet naar huis… Wij, mijn neefjes en ik, gingen een uurtje buiten keten, daarna klauwen wassen en weer aan tafel. Soep, broodjes, ragout, vlees zus, vlees zo. ‘Kinjer, aet uch nog get, ger hub doch nog nieks gehad. Sjtraks mot ich ut waer aan de hoonder vaore…’ Dat ging dan zo weer een paar uurtjes door. Bier werd aangerukt, borrels werden gekanteld tot in de late uurtjes.

En zo hadden wij veel feestdagen. En zo herinner ik me mijn oma. Oma’s van nu zien er niet meer zo uit. Dat had Godspeed al treffen geschreven in zijn reactie op de column ‘Herkenning’. Allochtone vrouwen zien er nu wel zo uit. Ik vraag me af he… zouden ze ook ‘unne sjollik’ om hebben?


1 reactie

Godspeed · 10 oktober 2003 op 07:38

[quote]’Kinjer, aet uch nog get, ger hub doch nog nieks gehad. Sjtraks mot ich ut waer aan de hoonder vaore…'[/quote]

Even de vertaling voor niet limbo’s.

[i]Kinderen eet toch nog wat, jullie heben toch niet al genoeg. Anders moet ik het straks weer aan de kippen geven.[/i]

Geef een antwoord