Ik weet even met mezelf geen blijf. Bejaardentehuis Windzorg staat op zijn kop. Het is december. Een maand waarin alle bewoners zich het liefst verstoppen. Verstoppen onder gespreide dekens van AaBe. Behalve dan diegenen met een groot netwerk. De netwerkopa’s en –oma’s. Zo noem ik ze altijd. Een geheime club die altijd heel interessant en heel erg druk afwezig door de gangen struint. Zogenaamd okkupaid afwezig.

Het is een elitaire club die de life line met hun achterban openhoudt via dievaizes die met een kleine i beginnen. In de gang zijn het dan ook niet alleen rollators die piepend ‘ie’ roepen. Neuuhhh, hordes bejaarden beoefenen deze diepe keelklank. Ieeeeeeeeeeeeeee, waar is mijn ieeee-pad? Waar is mijn ieeeee-foon. De aiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii kennen ze niet. Helaas, veel te buitenlands. Daar doen de oudjes niet meer aan.

Fonetisch geeft het anders wel leut. Ze raken van de Engelse terminologie compleet in de war en verhaspelen de woorden geheel eigenzinnig. Zo is het niet de ef-bi-ai maar de fibi. Niet de sevvenup maar de zuup. Het is toch wat. Eén ding blijft in het hele verhaal heilig. De iepad en de iefoon.

Het is wel heftig voor het personeel. Die lopen sinds kort met stoffen geweitjes op hun hoofd. Je weet wel, van die lelijke roodgroene wichelroedes. Maar het moet gezegd. Van dartele reetjes houdt het bejaardencorps wel. Maar deze december hoofdtooi is niet enkel bedoeld om de oudjes te dartelen. Ik heb namelijk een geheim ontdekt. De geweitjes klemmen de oren af en verbergen zodoende de oordopjes die het personeel beschermt tegen vervelend en doordringend geluid. Zo zijn ze gewapend en beschermd tegen al die irritante iPhone-ringtones, die stuk voor stuk en om de haverklap “ho, ho, ho” en “jinglebells” schreeuwen. Een van de bewoners heeft de ringtone “U zijt wellekome”, een aangename afwisseling, maar helaas, de bewoner neemt nooit op. Ze is verdwaald en geeft niet thuis.

Heel lang heb ik overwogen om ook een iPhone te nemen, alleen al ter wille van mijn favoriete ringtone. Ja, ja, u raadt het al. Met het vrolijke deuntje, “Alles, alles geht vorbei.” Zo ook gelukkig de barre decembermaand. Niets zo erg dan een maand lang de geuren op te moeten snuiven van oude dennen en weeë narcissen. En dan heb ik het nog niet gehad over de jeuk die door vervallen kerststukjes, afhangende dorre takken en ernstig naaldverlies ontstaat. De naalden vallen immers altijd in mijn nek.

De kerstroos en de sudderlapjes mogen ze wat mij betreft ook houden. Geef mij maar een warme wollen deken van AaBe. Dan blijf ik in de hysterische decemberrumoer lekker okkuplaid afwezig.

Categorieën: Gezondheidszorg

Harrie

Tijdreiziger

5 reacties

LouisP · 6 december 2013 op 12:44

Ik zou hier precies hetzelfde kunnen schrijven als de reactie bij die column van Mien.
Oppervlakkig. Te veel proberen origineel te zijn, geen greintje diepte of echt eigen gevoel. Het lijkt wel op iets van compensatieschrijven, volgens mij.

    Spencer · 6 december 2013 op 12:59

    Ieder vogeltje zingt zoals het gebekt is. En oppervlakkigheid is het kenmerk van deze tijd. Van alle tijden eigenlijk.

Libelle · 6 december 2013 op 13:03

Wordt het eens geen tijd om, “Alles, alles geht vorbei” aan te passen aan Windzorg? ‘Wir wollen niemals auseinandergehn’, bijvoorbeeld.
Leuke spraakklanken!

Mien · 11 december 2013 op 11:49

Tjemig Harrie, en dan moet de kerst nog komen. Druk zijn met afwezig zijn is eigenlijk best droevig. Zelfs onder een wollen deken van AaBe. Een column met meerdere laagjes.

Harrie · 11 december 2013 op 14:05

Dank voor de reacties.

Geef een reactie

Avatar plaatshouder