Een paar ferme tikken met het reflexhamertje op de diverse pezen, een aai over het linkeronderbeen, eentje over het rechteronderbeen en een half metertje op en neer strompelen waren voldoende. Terwijl ik mij aankleedde, geselde de neuroloog via het toetsenbord zijn bevindingen de computer in. Terwijl ik nog bezig was mijn voeten in mijn schoenen te wringen, sprak de arts zijn oordeel uit: ‘Het zit tussen uw oren. Ik vermoed een conversiestoornis.’

Oké, een vermoeden. Het is dus niet zeker dat het mank lopen en de pijn aan mijn linkerbeen min of meer psychisch zijn. Want dat is wat een conversiestoornis is: het lichaam zet psychische klachten om in lichamelijke.

Ik waag de diagnose van de neuroloog te betwijfelen. Niet alleen omdat ik mezelf goed ken, maar ook omdat het lichamelijke onderzoek in minder dan een vloek en een zucht plaatsvond. Wel heb ik de schijn tegen. Zelfs wanneer, zeer uitzonderlijk, in de verwijsbrief niet al gewag wordt gemaakt van mijn carrière in de GGZ, dan verraadt mijn lichaam me wel. Dat lijf met de littekens die getuigen van excessen die zich voordeden in tijden van diepe wanhoop.

Nog een (vermoedelijke) diagnose erbij. Al jaren behoor ik tot de categorie pliënten (kan nooit kiezen tussen cliënt of patiënt) op wie comorbiditeit van toepassing is. Er is bij mij ruimschoots sprake van twee of meer stoornissen die tegelijkertijd voorkomen. Tenminste, als je mijn vuistdikke dossier mag geloven. Behandelaren hanteren al die verslagen over mij zo’n beetje zoals gelovigen de bijbel toepassen. Er is altijd wel een passage te vinden die dat wat je wilt beweren staaft. Eigenlijk is het hilarisch dat ze mij labiel genoemd hebben als je ziet hoe weinig standvastig de professionals zijn in hun meningen over mij.

Misschien is het een idee om een keer een balletje op te werpen hier bij het buurtcentrum voor het organiseren van een alternatieve bingo. Speciaal voor alle mensen met comorbide stoornissen. De bingo formulieren zijn bij deze variant niet bedrukt met cijfers, maar met allerlei verschillende psychiatrische diagnoses. Wanneer iemand een volle kaart heeft roept diegene “KNETTER!” of iets anders naar wens. Na controle van de volle kaart krijgt de deelnemer een passende prijs. Dat kan variëren van een extra strip valium tot een extra huisbezoek van de ambulant begeleider.

Ondertussen heb ik gewoon pijn, loop ik mank en ben ik beperkt in mijn mobiliteit. Het is een geluk dat we in 2022 leven en dat er al zestien jaar geen verwijsbrief meer voor de fysiotherapie nodig is. Tel daarbij mijn eigenwijsheid en volharding op en je hebt een behandeling bij een geweldige fysiotherapeut die bereid is objectief te oordelen en je effectief op weg te helpen.


0 reacties

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder