In de wieg al een ongelooflijk verwend kolerekind. Een keel van hier tot Tokio als het verkeerde speeltje voor haar verwende smoel werd gehouden. Niet veel later konden papa en mama vier keer per jaar opnieuw behangen: de verkeerde smaken Olvarit werden genadeloos door het kind tegen de muur gesmeten. En op de crèche had ze de helft van het lokaal voor zichzelf. Want ze had ruimte nodig, had papa de leidsters bezworen. Vriendinnetjes had het kind niet. Omgaan met leeftijdsgenootjes vond ze maar kinderachtig. Ze was immers al best groot. Vond ze zelf. Maar leuk samen het speelgoed delen, nee, dat ging niet best. Zó volwassen was ze nou ook weer niet. Alles was van haar, vond ze. Overigens, na het onvrijwillig inleveren van het speelgoed mocht geen enkel kind nog bij haar in de buurt komen. Ruimte nodig.

Als kind op handbal gezeten. Maar ook dat was geen succes. Teamsport? Nee, dat was haar niet op het lijf geschreven. Ze deed liever iets in haar eentje. Papa vond dat ze daar erg zelfstandig van werd. Mama vond van niet. En steeds als mama wat probeerde bij te sturen, hoorde ze haar echtgenoot zeggen: “Laat dat kind. Ze heeft ruimte nodig.”

Papa had makkelijk praten. Papa was vaak van huis. Want papa had een hobby. Mama niet. Die had geen hobby. Die zat met een onhandelbaar kind, dat als ze de kans kreeg op het behang tekende, en een greep in de huishoudportemonnee deed om een bezoek aan de naburige snoepwinkel te bekostigen.

Lichamelijke opvoeding. Ook daar vertoonde ze vreemde kuren. Klimrek of bok konden haar niet bekoren, ze vertikte het eenvoudigweg om daar oefeningen mee te doen. Maar van de touwen en de brug (al dan niet met ongelijke leggers) was ze niet weg te slaan. Het was trouwens sowieso niet slim om haar te slaan. Gedurende haar tijd op de basisschool werden zeven klasgenootjes en twee leerkrachten in het ziekenhuis opgenomen met raadselachtige botbreuken. Maar ja, bewijs maar eens, wie de dader is…

Mama meldde zich inmiddels regelmatig bij het RIAGG. Gék werd ze van het kind. Al helemaal toen dat het nodig vond om vanaf het balkon met een megafoon over het villawijkje te roepen dat ze later heel beroemd zou worden, en dat het lidmaatschap van haar fanclub slechts 25 euro per jaar zou kosten. Papa, echter, vond het allemaal prima. Zulk ondernemerschap was een prima stap op weg naar volwassenheid en met bescheidenheid kom je niet ver in het leven, zei hij. Waarna hij het gezin weer verliet om zich gedurende zes weken aan zijn hobby te wijden. Ook papa had ruimte nodig.

In de brugkas werd het duidelijk. Het kind wilde naar de Zeevaartschool. Maar daar werd ze wegens haar ernstige gedragsproblemen niet aangenomen. Niet getreurd: papa kocht gewoon een zeilboot voor zijn lieve meisje, en alle problemen waren opgelost. Dure grap, die boot, dus mama moest helaas stevig bezuinigen op het huishoudgeld. Dat was voor mama trouwens de druppel die de emmer deed overlopen. Ze scheidde van haar man, die gelukkig de zorg voor zijn door en door verwende oogappel op zich nam.

Mama was nét op tijd weg. Want nu begon de ellende pas echt. Zonder de remmende invloed van haar moeder raakte het kind het spoor totaal bijster. De wereld rond. Dat wilde ze. In een zeilboot. Dát was haar doel. Want ze had ruimte nodig! Niet gehinderd door enige bescheidenheid of zelfreflectie kondigde ze aan, dat de afvaart niet lang meer op zich zou laten wachten. Ze was er nu oud genoeg voor. Al bijna 14, immers. En papa vond het best. Sterker nog: hij fotografeerde het kind in allerlei bevallige poses op de boot, waarmee hij haar in feite degradeerde tot een zielige Lolita. De definitieve doorbraak van de aandachtshoer die in het karakter van het kind altijd al verscholen had gelegen.

Gelukkig was er één iemand die het toch aandurfde om het ontspoorde rotkind een halt toe te roepen. De plaatselijke leerplichtambtenaar. Die constateerde dat een zeiltocht rond de wereld en het verplichte dagelijkse bezoek aan een klaslokaal niet samengaan. Onderzoek door allerlei zielenknijpers volgde. Conclusie: het verwende nest vond zichzelf weliswaar al een hele dame, maar feitelijk was ze gewoon een labiele idioot. Naar de rechtbank. Een verbod om het ruime sop te kiezen.

Het werd rustig rond het trieste kind. Zelf vond ze dat verschrikkelijk. Geen interviews meer, haar naam niet meer in de krant en op school viel haar een totaal gebrek aan aandacht ten deel. Haar enorme ego werd niet langer gestreeld. Hoog tijd voor actie. Het achteroverdrukken van geld had ze als klein kind al geleerd, dus die 3700 euro van papa jatten was geen enkel probleem. Per trein naar een buitenlandse luchthaven, een ticket naar de Cariben, en een gouden, onbezorgde toekomst lag in het verschiet. Als popster. Fotomodel. Zeevrouw. Beroemde Nederlander. Vond ze. Maar nee hoor. Een middelbare dame herkende haar op een zonnig strand en belde met de lokale veldwachter. Meisje in de boeien, en op het vliegtuig naar Holland. Maar voorlopig niet naar papa.

Want dat is en blijft de vraag: was deze over het paard getilde puber een heks van zichzelf, of werd ze gemaakt tot wat ze is door een slechte opvoeding? Ik ben benieuwd. Maar één ding hoop ik wel: dat het nu eindelijk stil wordt… Kolerekind!


DriekOplopers

Driek Oplopers is het pseudoniem van veelschrijver Rikus Spithorst. Rikus is actief als voorzitter en woordvoerder van de Maatschappij Voor Beter OV en is hoofdredacteur bij stevigestukkies.nl

5 reacties

Avalanche · 27 december 2009 op 13:46

Goede column, Driek, zeker ook wat opbouw betreft, want het duurde even voor ik door had over wie het ging.

Ik heb zelf een veertienjarige dochter en we hebben de berichtgeving rondom het ‘zeilmeisje’ – wie zou die benaming bedacht hebben – met verbijstering gevolgd.

Dat zij van zichzelf vindt, dat ze hier groot genoeg voor is kan ik nog wel snappen. Dat ze hierin niet gecorrigeerd maar juist aangemoedigd wordt, vind ik dieptriest.

Mien · 27 december 2009 op 14:49

Goede diepgang in deze vlotgetrokken zeewaardige column. En ja, ook de beste stuurmannen gaan wel eens kopje onder.

Het mag duidelijk zijn, het zeilmeisje is goed loos. Genoeg voer voor vissers en psychologen.

Mien Schepnet

LouisP · 27 december 2009 op 19:07

Driek,
’t is geweldig goed geschreven met leuke vondsten.
Ik volg het nieuws niet dus ik weet niet of al die meer intieme gebeurtenissen, zoals haar gedrag op school en zo, wereldkundig zijn of dat jij dat zelf hebt onderzocht. Of is het een beetje overdreven?

Louis

Prlwytskovsky · 28 december 2009 op 20:20

Haar vader had zijn kwakkie beter op de kachel kunnen leggen. Had het nog met een sisser afgelopen. 😉

KawaSutra · 30 december 2009 op 01:33

Zeker goed geschreven. Wel veel woorden nodig voor een simpele boodschap. Je richt je pijlen op het kolerekind en de ouders blijven hoegenaamd ongemoeid?

Geef een antwoord