In het dorp van mijn jeugd zet Het Leger Des Heils jaarlijks een grote tent op.
Hoe de oudere bevolking van ons dorp met het evangeliseren omgaat durf ik niet te zeggen.
Voor de kinderen levert het vrolijke middagen op met mooie en spannende verhalen en veel zingen.
De tekstboekjes mogen mee naar huis en ook daar zing ik: “Blij, blij mijn hart is altijd blij, want Jezus is een vriend van mij, daarom is mijn hartje blij.” Tijdens één van die middagen wordt de geschiedenis van Zacheüs in de vijgenboom verteld en om het verhaal aanschouwelijk te maken, mag klasgenootje Joop, als Zacheüs in de tentpaal klimmen.
Maar de gladde tentpaal is geen vijgenboom en blijkbaar heeft Joop niet voldoende grip op de materie want hij valt, na enige hoogte te hebben bereikt, pardoes naar beneden.
Grote schrik bij zowel de kinderen als de Heilsoldaten en al snel zien deze er weinig heil in de voorstelling voort te zetten.
Joop blijft liggen, hij heeft een been gebroken.
Het jeugdige publiek wordt naar huis gestuurd en Joop wordt met een ambulance afgevoerd.

Hevig snikkend kom ik thuis en moet met een glaasje water tot bedaren worden gebracht.
Gevoel voor drama is mij blijkbaar niet vreemd. Uiteindelijk weet ik uit te brengen:
“Zacheüs klom in de vijgenboom, hij wilde Jezus zien en toen viel hij uit de boom en nu heeft hij zijn been gebroken.”
Bureau slachtofferhulp zou vandaag de dag behoorlijk wat werk hebben gehad aan al die geschokte kinderzieltjes.
Maar dat bureau bestond toen niet en bij mijn weten heeft niemand, behalve Joop, er een trauma aan overgehouden.

Categorieën: Algemeen

Ferrara

Wie sturen kan zeilt bij elke wind

5 reacties

TimT · 8 april 2011 op 12:53

Mooie droge humor, het bevalt mij enorm. Ik moest vooral lachen over dat stukje van slachtofferhulp.

arta · 9 april 2011 op 19:47

Anekdotes met een glimlach, zo noem ik jouw stukjes stiekem…

sylvia1 · 9 april 2011 op 20:05

Ik had pas bij de derde (dus laatste) alinea door dat je zelf nog een kind bent in dit verhaal. Daardoor kwamen de eerste alinea’s een beetje vreemd op me over. “Het dorp uit mijn jeugd” betekent niet automatisch dat je schrijft over de tijd dat je zelf nog kind was, toch?
Maar verder, je hebt een goede schrijversneus voor kleine anekdotes die luchtig en prettig lezen.

lisa-marie · 9 april 2011 op 22:54

zit hier met een grote glimlach, een heerlijk humoristisch luchtig stuk. 😀

embee · 11 april 2011 op 19:46

Lekkere humor vind ik dit.
Met jouw interesses ken je natuurlijk ook de Nederlandse uitvoering van Peter Koelewijn..

goetje, embee

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder