Twaalf uur in de nacht: eindelijk klaar met mijn planningen voor de volgende dag. Twee biertjes, tanden poetsen en m’n bedje in. Twee uur later lig ik te draaien en te malen, werk gerelateerde problemen aan het oplossen. Morgen om zes uur weer uit de veren, ik moet slapen! Nieuwe functie, nieuwe directeur dus mezelf opnieuw bewijzen. Zwarte koffie in de morgen moet me scherp maken. Dan gaat de carrousel weer draaien. Elke drie minuten gaat mijn telefoon. Af en toe hoor ik hem zelfs als ie niet afgaat. Vandaag kan ik op tijd naar huis. “Ik werk vandaag maar een halve dag” grap ik tegen een collega, maar twaalf van de vierentwintig uurtjes. Morgen weer zo’n dag. Ook in het weekend ontkom ik niet aan het circus. Ik heb me opgewerkt tot een plek net onder de directeur. Klinkt romantischer dan het is. Men weet je namelijk van boven én van onderen goed te raken. Maar Ik kan daar goed tegen. Sterker nog; ik geniet daar van! Misschien een sadomasochistisch trekje van me, wie zal het zeggen? Ik vind het in elk geval prettig om op een directe manier te worden behandeld. Hard maar duidelijk, daar hou ik van. Mentaal en fysiek zit het allemaal wel goed. Dat uit zich ook in de cijfers: ik heb de afgelopen vijftien jaar één week ziekteverlof genoten. Dat komt misschien ook omdat ik weet wanneer het genoeg is.
Nu is het zo’n moment. Ik moet er een weekje tussenuit. Een contact van mij in Finland, bied uitkomst. Hij heeft me zijn zomerhuisje aangeboden, voor vijf dagen. Ik besluit op zijn aanbod in te gaan. Het is een simpel houten huisje op een eilandje in de Finse archipel. Geen elektra, gas nog stromend water. Ik ontmoet mijn Finse kennis bij de haven van Turku. Hij vraagt niet waarom, hoe of wat maar overhandigd de sleutel. Finnen begrijpen dit, als je er in eentje even tussenuit wil. Ze laten je met rust. Precies wat ik nu nodig heb. Ik laad mijn spullen in zijn bootje. Het is een kleine kruiser, van ongeveer zes meter. Het is een half uurtje varen, ik zit op de punt van het schip. Af en toe voel ik een drup op mijn gezicht. Niet wetend of het regen is of opspattend zeewater. De lucht is grijs en het is een graad of zestien. Het kan hier eind mei al lekker zomers zijn, maar nu nog even niet. De boot mindert vaart en schuift langzaam naast een gammele stijger. Ik grijp mijn spullen en spring aan wal. Een flinke jerrycan met drinkwater, gaat ook mee. Met een Fins accent hoor ik nog “ Friday, around twelve!!”, en weg is ie.
Ik baan me een weg door het hoge gras, naar het huisje toe. Ik heb een tas met spullen van de Fin meegekregen. Lampolie, lucifers en veel ingeblikt voedsel. In de schemering weet ik een olielamp te vinden en ontsteek deze. Ik maak mijn bedje in orde en snuffel wat door het huisje. Er is een klein keukentje met een houtgestookt fornuisje. Daarnaast een kist met stookhout. Een kleine keukentafel een paar stoelen en een tweepersoons bed, dat is het interieur wel zo´n beetje.. Tegen het huisje is een kleine, houten sauna gebouwd. Op het terrasje staan een paar houten stoelen en een tafel. Ik loop naar de gammele steiger en kijk uit over de zee. Het contrast met mijn leven in Nederland kan bijna niet groter. Ik krijg trek in een sigaret, maar ik heb met opzet niets van dat alles meegenomen. Géén bier, koffie of sigaretten dus. Ook mijn telefoontje heb ik al in Nederland uitgezet. Het wordt wat frisser, dus ik besluit het fornuisje wat op te stoken. Ik drink een sapje en kruip daarna mijn slaapzak in.

Het gekwetter van vogels wekt mij in de ochtend. Rustig sta ik op. Ik laat mezelf langzaam realiseren waar ik ben. Ik verlang naar een kop zwarte koffie, maar dat kan ik vergeten. Ik stook het fornuisje nog maar eens op, om een potje thee te zetten. Ik heb geen enkel plan of doel vandaag. De zon is gaan schijnen en ik zit op het terrasje te nippen aan mijn kruidentheetje. Een bakkie thee waar ik ongeveer een uur over heb gedaan, om het te zetten. Een heerlijke leegte vult mijn dag. In de avond stook ik de sauna op en zweet ik de koffie, bier en stress uit mijn lijf. In mijn blootje spring ik van de stijger de zee in, om het ritueel nog eens te herhalen. De volgende dag verlang ik al niet eens meer naar koffie, bier of een sigaret. De dagen lijken leeg, maar ik verveel me geen ogenblik. Bloemen, bomen volgels en mijn eigen gedachten zijn mijn enige bezigheid. Op zo’n moment realiseer ik me, dat ik zó weinig nodig heb om te kunnen genieten.

Na een aantal dagen wordt het simpele leven al wat routine. De dagen sluipen voorbij en voor ik het weet is het alweer vrijdag. Ik raap mijn spullen bij elkaar, en verzamel alles bij de stijger. Ik zet mijn telefoon aan, om eens te kijken hoe laat het is. Tot mijn verbazing heb ik geen bereik! Ik loop met mijn GSM in de lucht gestoken het eilandje rond, maar niets! Lichte paniek overvalt me, todat ik een bootje aan hoor komen. De Fin schuift z’n bootje rustig aan de stijger. Hij ziet me prutsen aan mijn telefoon, en zegt “No reception here I think?” Ik schud m’n hoofd en begin spullen aan boord te laden. Even later zit een ander mens op de punt van het schip. De zon schijnt in zijn gezicht. Hij zit vol energie en staat te popelen. Hij wil actie, elke drie minuten een telefoontje. Hij wil terug naar Nederland. De carrousel zien draaien! Hij kan de wereld aan!


7 reacties

Meralixe · 31 maart 2012 op 12:27

Saai!!!

SIMBA · 31 maart 2012 op 12:40

[quote]Geen elektra, gas nog stromend water.[/quote] Aaaaaaahhhhhhhh! nog=noch!!!!
[quote]de stijger[/quote]wederom aaaaaaaaaahhhh!
En het ergste is dat je het al eerder wel goed gebruikt hebt, het woord steiger.

DreamOn · 31 maart 2012 op 17:44

Je schetst een mooi beeld van het ontspannen na veel te lange inspanning. Mooie sfeertekening.

Ondanks de kleine foutjes, vond ik het een prettig verhaal om te lezen.

arta · 31 maart 2012 op 18:18

Ik struikelde ook over de foutjes, maar vond het verhaal wél mooi!

Mien · 31 maart 2012 op 18:26

Ontspannen column. Leest als een trein … eeeh … boot. Graag gelezen.

Mien

BlogBoy · 1 april 2012 op 10:20

Ai.. Flinke blunders. Volgende keer toch maar even door iemand laten lezen, voor het inzenden.

BlogBoy · 1 april 2012 op 10:22

Niet iedereen kan zich met een harde werker identificeren..

Geef een antwoord