Vogel
Mei 2006.
Ik ben aan het werk, en krijg een telefoontje:”U moet komen, nu!”.
Ik spring op mijn fiets, en race, alle verkeersregels vergetend, naar de stad.
Mei 2006.
Ik ben aan het werk, en krijg een telefoontje:”U moet komen, nu!”.
Ik spring op mijn fiets, en race, alle verkeersregels vergetend, naar de stad.
We kussen elkaar, en ik stap met een gelukzalig triest gevoel in de trein. Ik vind een plaatsje in een drukke coupé bij het raam.De trein begint te rijden, en iedere meter die hij van jou wegrijdt, lijkt minstens een kilometer, net als dat iedere minuut die ik niet bij je ben wel een uur lijkt.
Vandaag is geen dag als alle anderen. Vandaag doe ik alles als anders, met maar één verschil….Het begon allemaal vanochtend vroeg. Ik liep met mijn kinderen richting school, en mijn dochter zei: “Onee, he…Nu moet ik weer de hele dag maroc power aanhoren. “Ik, nog naief denkend, dat het om een of ander rap-nummer ging, hoorde vervolgens: “En Nederland voor de Marokkanen, ik moet verhuizen van hem…”