Hoe was je weekendwip? (Deel 28)

Schoorvoetend stapt Michael in. “Hai,” begroet hij Shirley. Ze straalt hem tegemoet. “Wat heerlijk om je weer te zien!” juicht ze bijna, en ze buigt zich naar Michael toe om hem een kus te geven. Onhandig zoent hij haar op beide wangen. Even kijkt ze verwonderd, maar ze zegt niks. “Kom. We gaan naar huis,” zegt ze enkel, en meteen geeft ze gas. Michael slikt. Naar huis? Wat haalt ze zich nou in haar hoofd? Hij is helemaal niet uit op een relatie met haar, hij zoekt alleen een tijdelijk onderkomen.

Hoe was je weekendwip? (Deel 27)

Langzaam wordt Michael wakker. Zijn hoofd bonkt, en zijn tong voelt aan als van leer. Hij rilt van de kou. Even moet hij nadenken waar hij nou precies is. Hij kijkt om zich heen. O ja, nou weet hij het weer. In het huis van Paul. En geen wonder dat hij het zo koud heeft. Hij ligt, gehuld in slechts een boxershort, op de koude leren bank van Paul. Hoe laat zou het zijn? Hij werpt een blik op de klok. Drie uur. Wat is er ook alweer gebeurd? Flarden van herinneringen komen boven. Hij had gedronken, vanmorgen al. Hij is jarig.

Hoe was je weekendwip? (Deel 26)

Michael wordt wakker. De zon schijnt door het zolderraam. Alweer zo’n prachtige zomerdag. Hoe laat zou het zijn? Met een ruk draait hij zich om. Wat kan hem het schelen. Hij is werkloos. Zijn vrouw en kind kwijt. Hij woont in het huis van iemand die hij amper kent. En bovendien; hij is vandaag nog jarig ook. Een bittere trek komt om zijn mond. Jarig. Alsof hij wat te vieren heeft. Het contact met Monique verloopt stroef.

Hoe was je weekendwip? (Deel 25)

Michael heeft toch maar gebruik gemaakt van het voorstel van Paul om tijdelijk bij hem in te trekken. Eigenlijk wel wrang: hij heeft Paul altijd als een aartsrivaal beschouwd, maar hij blijkt uiteindelijk de enige naar wie hij toe kan in deze netelige situatie. Michael peinst er niet over om bij zijn ouders aan te kloppen. De eerste keer is hem dit ook helemaal niet bevallen, en met wat voor verhaal moet hij komen? Ik heb mijn vrouw bedrogen en nu moet ze niks meer van me hebben?

Grondvest

Telkens wanneer Lief en ik het over de aanstaande verbouwing hebben, met hier en daar een kleine verandering, ontploft er een gillende keukenmeid in mijn bovenkamer. En het is nog lang geen oudjaar.
“Weer twee weken langer,” spookt het in mijn hoofd. “Nog een hypotheek erbij”, zeurt een klein stemmetje vanuit mijn portemonnee.
Lief zegt dat het komt, omdat ik het niet “zie”.