Een vriend van mij betrok onlangs een nieuw huis en riep mijn hulp in voor het schilderwerk. Ik verliet mijn nieuwe woonplaats om gedurende het karwei bij een gezamenlijke vriend te logeren. Voor het eerst na meer dan twintig jaar keerde ik voor langere tijd terug naar mijn geboortestreek. ’s Ochtends fiets ik van de Engel langs de bloeiende bollenvelden aan de Heerenweg naar het adres in de Poelpolder. Grijze wolken jakkeren over het land, maar door het felle geel en rood van de tulpen en het stralende roze en paars van de hyacinten is het toch onmiskenbaar lente. De wind van zee is doorgaans krachtig, maar zelfs bij windkracht tien laat de zoete geur van hyacinten zich niet verdrijven. Ik probeer ervan te genieten, te leven in het hier en nu, maar zodra ik mijn achtzaamheid laat varen stevent mijn stemming af op melancholie.

Een half leven geleden verliet ik deze streek om niet veel verderop in een middelgrote stad te gaan wonen. Het dorp was ik ontgroeid en deze stad was net niet groot genoeg om mij verloren te wanen. Ik bleef er lang wonen, in de stad die ik op den duur de mijne ging noemen. Er was van alles te beleven, maar van lieverlee begon mijn interesse in al dat gebruis te tanen. Op den duur was het een hele geruststelling dat er van alles te beleven viel in mijn stad, maar ik hoefde het niet persé te consumeren. Liever was ik aan het werk in mijn tuin of maakte ik wandelingen in de groengebieden in de wijde omtrek.

Zo verstreken jaren totdat mijn middelgrote stad de geboorteplaats van mijn zoon werd. Mijn vreugde was grenzeloos en ik verkeerde in alle staten. Hetzelfde gold voor zijn moeder. Ook zij verkeerde in alle staten en daardoor was het huis al snel te klein. Dat ik huis en haard verliet, was haar nog niet genoeg. Zij wilde mij ook rigoureus en definitief uit het leven van mijn zoontje verbannen. Een omgang van twee uur per week op een door haar aangegeven tijdstip vond zij meer dan genoeg. Om verdere escalatie en pijnlijke confrontaties te voorkomen verhuisde ik andermaal, naar een grote stad in het zuiden des lands.

In mijn nieuwe woonplaats probeer ik met behulp van een advocaat een passende omgangsregeling voor elkaar te krijgen. Mij er thuis voelen doe ik nog niet, want mijn hart en ziel heb ik noodgedwongen in de vorige stad achtergelaten. Mijn nieuwe huis is een opslagplaats voor mijn inboedel en de nieuwe tuin moet nog ontluiken. Hier hoop ik over enkele maanden mijn zoontje te mogen ontvangen, zodat mijn huis en ik eindelijk weer tot leven komen.

Tegen het einde van de dag fiets ik via de Roversbroekdijk weer terug naar de Engel. De kalveren in de polder grazen met wolkjes stoom rond hun snuit het malse gras af. Sommige auto’s voor het stoplicht op de kruising met de Heerenweg keren met een gele bloemslinger op hun motorkap naar hun land van herkomst terug. Op weg naar mijn logeeradres heb ik soms de zoete wind in mijn rug.

Categorieën: Algemeen

12 reacties

KingArthur · 17 april 2005 op 14:38

Wat kan Lisse toch mooi zijn ondanks het slechte weer. Soms kan terugkeren naar je roots je helpen het thuis in jezelf weer te vinden. Wat aanvanklijk een blijde gebeurtenis zou moeten zijn kan toch vreemd uitlopen tot een hel. Sterkte daarmee.

WritersBlocq · 17 april 2005 op 16:52

Goh, wat een mooie column en zo triest. Hopelijk zit je zoontje gauw achterop jouw fiets en komt daar weer een mooi, maar uiteraard niet triest, verhaal over. Ik kijk ernaar uit! Knap dat je geniet van alles om je heen en de ellende binnen in je even buiten sluit. Sterkte onderweg, Pauline.

champagne · 17 april 2005 op 17:57

Mooie woorden voor een triest verhaal.
Wens je een goede omgangsregeling toe!

pepe · 17 april 2005 op 19:20

Poëtische zinnen lees ik hier, mooi geschreven.

Veel suc6 in de toekomst!!

Ma3anne · 17 april 2005 op 19:35

Aangrijpend hoe je je worsteling beschrijft om het gemis van je zoontje een plek te geven. Word ik stil van.

Raindog · 17 april 2005 op 23:17

Hele bijzondere en erg mooi geschreven column. Ben er ook een beetje stil van geloof ik. Prachtige woord- en beeldsprongen.

Soms de zoete wind in je rug.
Uit De Grote Dooddoenersdoos: toch fijn dat je daar in zo’n bittere situatie nog oog voor hebt, ook al zij het soms.

Louise · 17 april 2005 op 23:26

Met een ogenschijnlijk mooie fietstocht, de moeizame weg naar je zoontje beschrijven…
Aangrijpend en ongelooflijk mooi gedaan.
Sterkte!

Wright · 18 april 2005 op 09:28

Indrukwekkend mooie column!
Hoop dat het je in de toekomst wat meer vóór de wind zal gaan.

Mup · 18 april 2005 op 13:53

Een column die een gevoelige snaar raakt, mooi verwoord,

Groet Mup.

sally · 19 april 2005 op 00:20

Triest…
Sterkte

liefs
Sally

Dieperik · 20 april 2005 op 00:51

Dank voor al jullie hartelijke reacties. Gelukkig staat de pen tot mijn beschikking, zodat ik mij niet in batman- of zorropak hoef te hijsen en daken moet beklimmen om uitdrukking te geven aan mijn gevoelens van onmacht. Daarnaast sta ik pas aan het begin van de lijdensweg die juridische procedure heet…

WritersBlocq · 20 april 2005 op 20:17

Nogmaals: heel veel sterkte, je draagt het met kracht en veel karakter. Het levert nog mooie columns op ook, dus het het i.e.g. érgens goed voor. Dit bedoel ik goed hè, niet cynisch (zoals ik ook weleens kan zijn, lol).
Ciao, Pauline.

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder