Strips. Jarenlang was het lezen en verzamelen van strips een grote passie van mij. Honderden exemplaren heb ik bij elkaar gesprokkeld, en deze staan nog altijd netjes op alfabet gesorteerd, uitgestald op mijn zoldertje. In afwachting waarvan? De hoop dat mijn kinderen zich tezijnertijd hiervoor zouden gaan interesseren is ijdel gebleken. Jammer maar helaas hebben zij weinig tot geen belangstelling ontwikkeld voor de prachtige uitgaven van Asterix en Obelix, Alex, Prins Valiant, Buck Danny, Eric de Noorman, Corto Maltese, Tom Poes, Kuifje, Blueberry, Tanguy en Laverdure, Blake en Mortimer, Suske en Wiske, en zo kan ik nog wel even doorgaan. Soms pluk ik nog wel eens een boekje van de zolder, en zwijmel weg in een nostalgisch verleden.

Bij ons thuis ontvingen wij vroeger de weekbladen Kuifje en Robbedoes. Met mijn broers was het vaak vechten over wie zich het eerste mocht laven aan de nieuwste avonturen van onze helden. Het kon wel eens gebeuren dat een van die bladen in het heetst van de strijd volledig aan stukken werd gescheurd. Maar dat is allemaal vergane glorie. Kuifje ging in 1993 ter ziele en Robbedoes in 2005. Desalniettemin, mijn zoldertje staat er vol mee. Strips, strips en nog eens strips. Van alle titels is er eigenlijk eentje mij min of meer blijven intrigeren: “De parel van Bagdad.” Een avontuur van de Rode Ridder, uit de koker van Willy Vandersteen. Waarom dit verhaal dan toch? Vandersteen nam het immers niet zo nauw met de historische achtergrond van zijn verzinsels, die sprong van de hak op de tak. Het was een ratjetoe, maar daar maalden wij niet om. Waar ging het in het geval van de ‘parel’ dan over?

Johan, de ridder in kwestie, wordt door gluiperige zeelieden ontvoerd en meegenomen naar de stad Bagdad. De wijze Omar stuurt hem vervolgens op pad, om een of andere uit de kluiten gewassen parel uit handen van de Zwarte Magiërs te redden. De glazen bol bevat een orakel, en dat waarschuwt voor een ernstig gevaar dat de stad in de toekomst zou kunnen gaan bedreigen. Natuurlijk lukt het Johan om de parel te ontfutselen, en terug te brengen naar de kalief van Bagdad. Het orakel waarschuwt inderdaad voor een gevaar, maar dit kan enkel worden opgeheven door een essentiële verandering in het beleid van de Kalief. Deze weigert pertinent de aanpassing uit te voeren met alle rampzalige gevolgen van dien. Als dit geen boodschap met inhoud is! Misschien dat ik het verhaal daarom nooit ben vergeten.

In ieder geval heeft mijn interesse voor het stripwereldje mij er zelfs toe gebracht, om pogingen te gaan ondernemen tot het schrijven van scenario’s. Bekende en minder bekende uitgeverijen werden regelmatig bestookt met door mij geproduceerde synopsissen, maar helaas, zonder het gewenste resultaat. Wel heb ik nog een brief mogen ontvangen van Bob de Moor, van weekblad Kuifje, met wat welgemeende tips, maar tegen de tijd dat mijn pogingen serieuzer werden, stortte het gehele stripsegment in. Mijn schrijfseltjes belandden op dezelfde zolder, tussen al de stripjes die het wel hadden gered. Zoals de parel van Bagdad.

 

Categorieën: Algemeen

G.van Stipdonk

Gerard van Stipdonk. Mijn motto: Wie schrijft die blijft.

5 reacties

Mien · 8 april 2016 op 14:23

Ik mis Guus Flater Gerard. Een van mijn favorieten. Asterix en Obelix en Kuifje volgen. Met Suske en Wiske als goeie vierde.
Tot slot wil ik je Glen Baxter aanbevelen. Niet echt een stripboektekenaar maar wel een grote meester in tekst en beeld. Een beetje vreemd maar wel lekker. Hij brengt je aan het wankelen met zijn combinaties van beeld en tekst. Zoek maar eens op. Leuke column bu the way!

Meralixe · 8 april 2016 op 16:43

Ik zou het boeltje toch maar niet zo maar mee geven met het recyclagepapier. Voor je ’t weet zitten er exemplaren in waar ‘echte’ verzamelaars tuk op zijn.
Als achteraan het blad de reeks eindigt op de zelfde titel van het blad dat je in handen hebt dan is het een ‘eerste’ uitgave. Die is dan veeeeeel meer waard dan een ‘herdrukte’ uitgave.
Succes!

Grumpy-old · 9 april 2016 op 20:18

Strips, niet alleen nostalgie hoor. Op de jaarlijkse stripdagen zijn legio nieuwe en oude strips te vinden. En dan spreek ik nog niet eens over comics. En zoals Lixe aangeeft , wie weet zitten er nog wat verborgen pareltjes tussen voor de verzamelaar…
Guust Flater , ja ook mijn favoriet, LOL, en uiteraard Robbedoes en Kwabbernoot, de Marsupilami. Franquin was geniaal.

Esther Suzanna · 9 april 2016 op 22:06

Leuk om te lezen. Asterix en Obelisk waren mijn favorieten. Die zijn nog leuk. Suske en Wiske, een beetje braaf en door Kuifje zag je nog iets van de wereld…en alle strips die eigenlijk voor ‘jongens’ waren…vooral Alex vond ik wel een lekker ding! 🙂

g.van stipdonk · 10 april 2016 op 19:48

Bedankt voor deze leuke reacties. Zoals ik al aangaf had ik nog wel even kunnen doorgaan met mijn lijstje. Guust Flater hoort daar zeker bij. Glen Baxter kende ik nog niet maar ga daar zeker naar op zoek. En voor wat betreft de ‘eerste’ uitgaven, die staan al apart.

Geef een reactie

Avatar plaatshouder