Stralend zit zij voor zich uit te kijken, een flauwe glimlach om haar mond. Haar tasje omklemt met beide handen zodat haar knokkels gewoon wit zien, zo hard knijpt zij in haar tasje. Want stel je voor dat het gestolen wordt.

Haar gerimpeld gezicht bezit de wijsheid van de leeftijd, de kraalogen in haar gelaat staan ondeugend en zij geniet van haar omgeving.
Contact hebben we niet, al wat ik zeg is een zwijgend knikken van haar kant. Zij beseft niet meer waar ze is, wie ze is, waarom ze hier in het park zit. Maar de frisse lucht gun ik haar nog even voordat zij weer naar binnen moet.

Haar kinderen hebben haar maar in een bejaardenhuis afgezet, omdat ze allen geen tijd voor mamma meer hadden. Druk met werk, met stappen, met vrienden en in het nieuwe grote huis is de logeerkamers voor hen die een slokje teveel op hebben dus kunnen blijven slapen.

Dus ging ma in het bejaardentehuis, zodat een ieder de vrijheid hield. En aguttegut wist die ouwe veel. Zij wist niet eens haar eigen naam meer. Dus waar hebben wij het over.

Haar vrolijke blik als zij mij aan zag komen vertelde mij dat zij wel degelijk wist dat zij af en toe een helder moment had. Vooral als zij over haar kleinkinderen sprak en foto’s liet zien. De kinderen zelf kwamen al niet meer naar oma. Hadden ze toch geen contact meer mee,

Dement of niet, ik wandel met haar. Een hond wordt vaker uitgelaten dan mensen in een verzorgingstehuis of bejaardentehuis. Het is een kleine druppel op een grote gloeiende plaat.
Maar als ik haar de broodkruimels naar de vogels zie gooien en hoor haar kraaien van plezier alsof zij weer dat kleine kind is dat ik dus nooit gekend heb, dan is mijn dag weer goed. Zij geniet van die wekelijkse momenten wanneer ik even tijd voor haar neem. Heb ik geen tijd, dan maak ik dat maar.

Ik hoop dat ik, mocht ik ooit zo oud worden als zij, dat er iemand is die mij dan ook eens of zelfs soms twee keer in de week even mee uit neemt om te luchten, gewoon even de buitenlucht snuiven en niet alleen via een open raam.

Mocht ik ooit dement worden, laat mij niet lijden, doch geef mij passieve euthanasie. Want zo wil niemand toch gaan?

Categorieën: Gezondheidszorg

klapdoos

Gewoon een Amsterdamse vrouw die met een vrouw getrouwd is, ziek is, zodanig dat de neerwaartse spiraal steeds verder zakt. maar een kniesoor die daarop let. Ik lach graag, heb genoeg traantjes gelaten om mijn ziekte en nu is het tijd om via mijn nieuwe boek eens door te gaan met uit het leven te halen wat er te halen valt, zeker in een crisistijd is het de kunst om toch vrolijk te blijven. Mijn motto is dan ook: Een dag niet gelachen is zeker een dag niet geleefd.

5 reacties

doemaar88 · 8 december 2008 op 16:05

Een gevoelig onderwerp, voor mij erg herkenbaar. Je hebt het mooi verwoordt. Mijn complimenten!

SIMBA · 8 december 2008 op 17:03

Gelukkig heeft mijn demente oma elke dag bezoek en sturen we haar ook kaartjes, want ook post ontvangen is erg leuk ook al weet je even niet meer van wie het afkomstig is.

KawaSutra · 8 december 2008 op 23:53

Is het gek als ik zeg dat dit één van de redenen is dat ik af en toe toch maar een sigaretje opsteek?
Who wants to live forever?

Mup · 9 december 2008 op 11:47

Mooi verwoord. Zelf zou ik in zo’n geval toch kiezen voor het bejaardentehuis. Als ik dan eens een helder moment heb, weet ik me tenminste met leeftijdgenoten omgeven en hoef me niet schuldig te voelen dat ik mijn familieleden tot last ben.

Ik kan het ze dan wel zelf lastig maken 😉

Groet Mup

Mien · 9 december 2008 op 18:40

Geluk en tevredenheid zijn een kostbaar goed voor degene die het waarnemen.

Nog mooier als je het ook kunt beschrijven.

Mien

Geef een antwoord