“Wat heb ik hier in vredesnaam te zoeken?”

Ik liep langs de bosrand en wierp een blik het bos in, in de hoop te ontdekken of het de antwoorden op mijn vragen bevatte. Maar al wat ik zag was bomen en struiken. Takken. Bladeren. Niets wat deed vermoeden dat daar, tussen al het groen en bruin, de sleutel zou liggen voor mijn overpeinzingen. Enigszins vertwijfeld bleef ik staan. Het bos was groot en donker. Ondoorzichtig, enigszins onheilspellend zelfs. De warme ochtendzon die hierbuiten scheen en me aangenaam verwarmde, bleek binnen de bosrand ongewenst vreemdeling. Slechts een enkele zonnestraal had zich een weg gebaand tussen de forse boomstammen en dikbegroeide takken, om een glimp van wat zich voorbij de eerste bomenrij bevond, te verlichten.

Hardop vroeg ik me af of ik niet beter had kunnen luisteren naar de twijfel die ik had gevoeld voordat ik aan deze reis begon. “Waarom ga ik op zoek naar antwoorden die vrijwel zeker onvindbaar zijn?”, had ik mezelf afgevraagd. Maar ik had mijn kracht verzameld en was niet afgeweken van mijn voorgenomen reis. Pas als ik het gezocht heb zal ik weten of het onvindbaar is. Ik was ervan overtuigd dat ik juist had gekozen had. Toen nog wel.

Ik draaide me om en keek terug naar het pad dat ik bewandeld had. Het platgetrapte gras toonde de route die ik had afgelegd door de hoogbegroeide weide. In de verte zag ik de heuvel waarlangs ik was afgedaald en het beekje waar doorheen ik had gewaad. Ik zag de grote grijze rots die ik was gepasseerd en het maisveld dat ik had doorkruist. Boven de verre heuvels verzamelden zich donderwolken terwijl ik verzonk in overwegingen.

Gezeten op het kruispunt van mijn twijfel drong het opeens tot me door dat het pad dat ik had afgelegd nu mijn verleden was. Iedere stap die ik had gezet, had een nieuw onomkeerbaar stukje toegevoegd aan mijn persoonlijke geschiedenis. En hoewel ik bij iedere stap de keuze had gehad deze te zetten in welke richting ik wilde, al mijn stappen bij elkaar hadden me hier gebracht, aan de rand van dit bos. Mijn huidige positie kon ik zien als een onverklaarbaar toeval, een speling van het lot, of als een logische optelsom van iedere stap die ik tot nog toe had gezet in mijn leven. Niets hieraan was toeval, drong het tot me door. Tegelijk werd ik me scherp bewust van het feit dat ik bij iedere volgende stap opnieuw de vrijheid had om mijn richting te kiezen. Niet één gezette stap van de voorbije wandeling, verplichtte me om de volgende stap in dezelfde richting te zetten. Het besef drong door dat mijn donkere bos geen onherbergzaam woud was, maar eigenlijk een open veld, waarin ik iedere stap opnieuw bewust kon kiezen. Dat besef bracht een haast serene rust over me heen die me de kracht gaf mijn volgende stap te zetten.
Ik keek nog eenmaal achterom en stapte met enkele grote passen het bos in.

Categorieën: Algemeen

5 reacties

champagne · 27 september 2006 op 12:19

Ik vind dat je mooie zinnen hebt formuleerd en een prettig leesbare overpeinzing hebt neergezet.

pally · 27 september 2006 op 16:20

Een filosofisch stukje met mooie zinnen.
Maar naar mijn gevoel iets te lang, waardoor je in herhaling lijkt te vallen.

KawaSutra · 27 september 2006 op 17:08

Ik hoop dat je tussen de bomen het bos zult kunnen zien.

Ma3anne · 28 september 2006 op 06:42

[quote]Gezeten op het kruispunt van mijn twijfel [/quote]Mooi!

Laat de platgetreden paden maar lekker achter je. Op naar een open toekomst.

Beetje de stijl van King, maar toch anders. Ik hou hier wel van.

klapdoos · 28 september 2006 op 09:33

Ik ben zeer regelmatig in de bossen, en kan mij die stemming volledig voorstellen. Filosofisch, haast dichterlijke vrijheid, maar mooi geschreven. En daar gaat het om, dat je het van je af kunt schrijven als je dit soort gedachten op papier kunt zetten…

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder