Op sommige dagen beleef ik niets bijzonders, terwijl ik over andere dagen duizend-en-één dingen zou kunnen schrijven.
Neem nu gisteren. Na ruim twee maanden op de wachtlijst te hebben gestaan, had ik eindelijk mijn afspraak bij de KNO-arts. Ik heb dit jaar een abonnement bij deze arts. Reeds driemaal heeft hij in mijn linker oor een buisje geplaatst. Buisjes die evenzo snel weer door mijn lichaam werden afgestoten. Tijd voor hardere actie, aldus mijn KNO-arts. Daarom heb ik nu een buisje met zogenaamde weerhaken. ‘U zult ervan versteld staan hoe goed deze zal blijven zitten, mevrouw’. Ik ben sceptisch. Mijn rechter oor had voorheen ook van die kuren en uiteindelijk is daarin ook een buisje met weerhaken gezet. Om er vervolgens na een week of twee met grof geweld uitgehaald te worden. Een voordeel is dat ik sindsdien een permanent gat in dit oor heb. Nadeel is dat ik minder goed hoor.
Afijn, het zou een appeltje-eitje ingreep zijn. Daarom had ik deze ingreep tussen mijn werkzaamheden door ingepland. Zo van; ik ga even, en ben zo weer terug, voor de volle honderd procent functionerend. Fout, fout en nog eens fout ingeschat. Ik functioneerde nog maar met moeite: mijn evenwichtsorgaan was danig in de war, ik had last van misselijkheid, ik voelde warm en dan weer koud aan. Als ik bukte, moest ik mezelf vasthouden, wilde ik niet onderuit gaan.
Mijn faalgevoel aan de kant schuivend, ben ik naar huis gegaan en mijn bed ingekropen.
Tijd om pas op de plaats te doen en rust te nemen.
Helaas. De rust was van korte duur. Toen ik na mijn hazenslaapje even op zolder was, kreeg ik de schrik van mijn leven: Er zitten muizen op zolder, want het muizengif dat ik voorzorgshalve op zolder heb staan was opgegeten. Gatverdegatver!
Hoewel nog steeds doodmoe en draaierig, heb ik alle dozen en spullen verplaatst. Geen muis gezien, wel muizenontlasting. En niet zo weinig ook. Dit was te vies voor woorden.
Ik onderdrukte met grote moeite de neiging om alles met ontsmettingsmiddel te lijf te gaan. Belangrijker was om te kijken of er nog levende muizen zijn, dus heb ik op meerdere plaatsen een schoteltje met het overheerlijke muizengif neergezet. Spullen muizen!
Tja. Toen was ik dus op zolder. Alle dozen in mijn handen gehad, zo ook de kerstspullen.
Hoewel ik hevig zweette, was ik in een ontkenningsfase. Die kerstspullen moesten naar beneden en wel meteen. Daarna moest ik echt even gaan zitten. Weer was ik mijn grenzen voorbij gegaan.
Na een uurtje adempauze stond mijn besluit vast: nu de kerstboomspullen eenmaal beneden stonden, was de verleiding te groot: ik ging de kerstboom opzetten.
Ieder jaar is het een heel gestoei met het in elkaar zetten van de standaard. Ik ben nou eenmaal compleet a-technisch.
’s Avonds rond zeven uur was de klus geklaard. Het gekke is, dat mijn misselijkheid en draaierigheid ergens tijdens de werkzaamheden opgehouden zijn. Moe was ik nog wel; zij het voldaan moe.
Ik en rust nemen. Wij passen niet zo bij elkaar.

8 reacties
Libelle · 14 december 2013 op 09:07
Een verhaal moet toch een kop, een romp en een kont hebben?
Een uitsmijter, Een tranentrekker, een apotheose, een epiloog, een les, een pointe, een moraal?
Of het moet poëzie zijn.
Kom je op de nieuwjaarsreceptie?
irma1969 · 17 december 2013 op 01:46
Nee, voor mij aub geen recepties
Yfs · 17 december 2013 op 08:18
Wat een vreemde reactie Irma op een uitnodiding waaruit blijkt dat je aanwezigheid duidelijk welkom zou zijn. Alsof het een oneerbaar voorstel is. Op zich heb ik ook een hekel aan het woord receptie. Nieuwjaarsborrel klinkt misschien al een stuk beter? 😉
irma1969 · 17 december 2013 op 13:12
Kijk, dat klinkt al beter… wanneer is deze nieuwjaarsborrel en waar? Het woord receptie associeer ik met met geveinsd vrolijk zijn en verplicht zoenen… het is vooral dat laatste waar ik een gruwelijke hekel aan heb. 😉
Spencer · 14 december 2013 op 11:12
Bent u Truus de mier?
Nachtzuster · 14 december 2013 op 17:53
Ik zou zo graag hier iets positiefs over willen zeggen. Over dit flinterdunne verhaal. Je schrijft al zo veel langer dan vandaag of gisteren en je hebt zelfs je eigen autobiografie uitgegeven. Dan weet je wat wel en wat niet interessant is voor de lezer. Hoop ik. Een verhaal mag best heel dun zijn, maar pak er dan één punt uit wat meer uitgewerkt wordt. Zoals jouw angst voor muizen. Verzin er voor mijn part een horrorscenario bij. Over een traumatische beleving die je zogenaamd hebt gehad. Of had de operatie meer uitgebreid beschreven. Wat je vooraf voelde. En achteraf. Aan welke regels je je moest houden. Dat is wat rust nemen. Vanwege je evenwichtsorgaan waar meestal aan geprut wordt tijdens zo’n operatie. Dat je daarna als een gek allerlei dingen gaat doen, (schijt aan de artsen) met ziek, zwak en misselijk zijn als eindresultaat zou een leuke afsluiter kunnen zijn. De titel spreekt ook niet echt aan. Ik vind het vreemd, want ik best goede dingen van je gelezen. Sorry als dit allemaal leermeesterig overkomt. Ik probeer de angel te vinden waarom het voor mij niet heel erg interessant was om te lezen.
Mien · 15 december 2013 op 22:15
Voor dit soort columns hebben we een categorie die gezondheidszorg heet.
Maar onder algemeen kan ie natuurlijk ook.
Hij stijgt daar nauwelijks bovenuit.
arta · 18 december 2013 op 08:25
Eens met Nachtzuster: Dit kan spannender en het is geen schande om de waarheid wat smeuïg geweld aan te doen als het ten goede komt aan het verhaal.