Grootouders zijn een prachtuitvinding om als tegenwicht te dienen tegen ouders. Die laatsten voeden je namelijk op en dat moet dan gecorrigeerd worden door opa en oma.

Ouders zijn een noodzakelijk kwaad, maar grootouders zijn je échte vrienden, maatjes, makkers, kameraden voor het leven. Van je ouders moet je netjes eten, een handje geven, en nog een paar duizend andere zinloze dingen, waar je als puber gelukkig weer van genezen wordt. Tot die tijd kun je bij je oma en opa genieten, verwend worden, doen wat thuis niet mag, zoals: de boekenkast van je opa overhoop halen, oma aan d’r rokken hangen als ze het eten klaarmaakt, opa met zijn bretels wurgen als hij kookt of – nog leuker – keihard boven op hem springen als hij zijn krant leest, alle schoenen zoek maken, de krant in handelbare kleine stukjes verdelen, opa’s sloffen onder de kraan doen, de trouwfoto’s van je vader en moeder achter de kast laten verdwijnen, poes een staartje kleiner maken, in de mand van de hond kruipen, de pas gelapte ramen het keurmerk van je handjes geven (je ouders noemen dat met een volstrekt gebrek aan inzicht ‘vuil maken’, weten zij veel!), de – liefst zo jong mogelijke – plantjes in de tuin deskundig fragmenteren voor nader onderzoek, de tuinstoelen omkiepen, zaadjes strooien waar ze horen: tussen de voegen van de tuintegels, je sokken zoek maken, de inhoud van je bord pap of yoghurt gelijkelijk verdelen over het schone tafellaken of – als je daar niet bij kan omdat oma je per ongeluk te ver van de tafel heeft geplaatst- over je kinderstoel, naast de po piesen, het brood opeten dat voor de vogeltjes was bedoeld, jouw brood aan de vogeltjes voeren, het kattenvoer voor de eerstvolgende 27 dagen op de vloer verspreiden zodat opa dat voorlopig niet hoeft te doen, het breiwerk van oma alvast uiteenrafelen om haar wat rust te geven, de boekenleggers die oma in haar en opa in zijn boeken had gelegd verzamelen en in de wc leggen, testen of het elektrische scheerapparaat van opa waterbestendig is, op het behang alvast een ontwerp in kleur maken voor de nieuwe logeerkamer, stroop gebruiken als haargel, uitproberen of het bandje van poes sterk genoeg is om haar aan op te tillen, de kraan laten lopen en kijken hoe water zich verspreidt over de nieuwe houten vloer zodat die gedweild kan worden, je kaas aan de kat voeren en als die het niet lust zelf opeten.

Kortom: eindelijk eens gewoon kind zijn. Maar ja, je mag nou eenmaal niet veel…

Categorieën: Algemeen

7 reacties

Prlwytskovsky · 18 mei 2012 op 17:50

Ouders die jou vertellen dat jij ze ‘moet’ respecteren, is net zoiets als een baas die het personeel opdringt dat het bij hun bedrijf fijn werken is.
En heerlijk om je weer kind te voelen. Om ongegeneerd over de grond kruipen … zonder commentaar van je omgeving.

JanBontje · 18 mei 2012 op 20:31

Ik heb een kleinzoon van 1 jaar en voel me in zijn nabijheid weer kind: ik kruip met hem over de grond, speel met hem, heeeeeeerlijk!

sylvia1 · 18 mei 2012 op 20:47

Haha, leuk beschreven! Krijg gewoon zin om oma te worden 😀

JanBontje · 19 mei 2012 op 01:59

En hoeveel kleinkinderen neem je? :hammer:

Sagita · 19 mei 2012 op 13:23

Het grootouder zijn een nieuwe fase in je leven! Mijn eerste kleinkind is onderweg! Spannend en ontroerend.
Vanuit het perspectief van het kleinkind geef je hier een opsomming waarom je opa en oma leuker zijn dan je ouders. Heel herkenbaar en vaak om te lachen. Jammer vind ik wel dat het eigenlijk bij die enorme opsomming blijft. Het onderwerpt leent zich tot veel meer verdieping. Een prachtig voorbeeld van Grootvader-kleinkind is het boek ‘Tsjip – De leeuwentemmer’van Willem Elsschot.

LouisP · 20 mei 2012 op 11:26

Ha, die eerste twee zinnen! Schitterend Jan!

Mien · 20 mei 2012 op 23:14

Proud to be a troetelopa of-oma.
Leuke column.

Mien

Geef een antwoord