‘KUT’ stond er op de schutting van de koer.
Geschreven met een geel vetkrijtje. Ik kende dat niet maar het was zo te zien iets smerigs.
Wat ermee op de schutting was geschreven kende ik evenmin en was blijkbaar ook niet zo netjes. Dat zag ik aan het lettertype maar vooral aan de reactie van de meester. De bedrukte gezichten van mijn medescholiertjes en die van onze ouders op het schoolplein spraken boekdelen.
“Weet u wat? Ik neem u mee naar mijn dorpje!” In de kerk op een steenworp van de school, halverwege de rijzende weg, woonde onze parochieleider. Een doodgewone vriendelijke pastoor. Enkele ramen van zijn vroegere verblijf zijn ingegooid. Het hele gebouw is onderkomen. Er hebben ooit asielzoekers onderdak gevonden.
Nog steeds vind u er het kerkhof tegenover de kleuterschool en op het dorpsplein staat een frietkot.
Vergeet het vettige verhaal van de schunnige schutting en spring even in de zandbak van mijn kleuterschool. De poort staat altijd open maar het lage heggetje is nog hoog genoeg om er overheen te klauteren. Kijk eens door de ramen. Er zit enkel glas in dus geen probleem voor mensen met een bril.
Ziet u mij al zitten? Tussen Marleentje en Brigitte. Tussen de grappigste en de mooiste meisjes van de klas. Knutselend knedend met zweterige groene klonterige klei of tekenend verkleed als verpleegsters en hun doktertje.

Het kerkhof aan de overkant ligt er stil en verlaten bij. Huppel er maar heen. Toe maar! Niet zo stijfjes! Negeer het pad en spring over ledenmaten van het dorp. Slalom tussen de zuilen en zerken, hand in hand met u beste kameraadje en ga op zoek naar een plaatsje uit de schaduw.

Beneden in het dorp bij café ‘Non Plus Ultra’ gaan we een tas koffie drinken. Hebt u daar zin in? Daar waar de Sint Ignatiusvloed, in de nacht van 1 februari 1953, besloot om te stoppen met het wegvagen en vernietigen van mensenlevens en hun levenswerk.

“Meer ga ik u niet laten zien van mijn dorp. Het is goed geweest. Ga maar weer terug naar uw eigen stad of dorp!”
Om voorgoed mijn jeugdplaatje te verlaten gaat u hier vanaf de parking naar links. Net buiten de bebouwde kom aan de linkerkant ziet u de open plek waar vroeger het grote witte huis stond. Daar woonde toen ‘buurvrouw’ die vaak buiten op een bankje met een pincet zat te prutsen aan haar kin. Terwijl haar man in het duivenhok een boekje las bij het wachten op de vallende duiven.
De duiven zijn dood. Het mooie kleiende meisje, Brigitte, is dood. Ad, de vettige gele vetkrijtschrijver is bij een verkeersongeval om het leven gekomen.

Buurvrouw en haar duivenmelker waren er toen al lang niet meer. Hun kleinzoon handelt in fossielen en antiek. Ik heb er onlangs een bananendoos met prullaria gekocht. Voor vijftig eurocent.
In de auto bewonder ik mijn aankopen. Twee exemplaren van ‘De Lach’ met een hoop kutfoto’s. De middelste pagina’s zitten aan elkaar vastgeplakt. Waarschijnlijk door duivenstront.
De door vocht aangetaste Zeeuwse koekentrommel gaat moeilijk open. Geen opgerold vergeeld stukje papier met een zwarte hand in de trommel. Wel een rolletje King, drie stukjes loodglas, een lege alikruik en een roestig pincet.
Er zitten twee zwarte haartjes aan vastgeplakt.

Categorieën: Algemeen

11 reacties

arta · 21 mei 2010 op 13:35

Mooi stukje melancholie!
🙂

sylvia1 · 21 mei 2010 op 14:04

Ik vind de eerste alinea heel erg mooi. En de laatste, ook. De titel begrijp ik niet helemaal. Mensen gaan dood, de wandeling stopt, maar het verhaal gaat toch verder… In jouw bananendoos.

Kwiezel · 21 mei 2010 op 14:33

Mooi geschreven Louis, waar blijft de tijd…

Letterlijke schuttingtaal bestaat dus nog, goed om te weten 🙂

SIMBA · 21 mei 2010 op 16:17

Aan elkaar vastgeplakt door duivenstront….ja ja 😉
Mooie mijmeringen! :duimop:

trawant · 21 mei 2010 op 17:05

“Weet u wat? Ik neem u mee naar mijn dorpje!”

Gráág..
Prachtige tussenzin, ‘n soort opmaat van de bassist voordat de solo inzet.
Louis, ik begin steeds meer van den Bels te houden door jouw stukjes..

LouisP · 21 mei 2010 op 21:06

en nu mezelf…oei…wat een leuke reacties
bedankt voor die reacties…wbt.werk, tijd en schrijfplezier komt die op de derde plaats in mijn lijstje..na Leed..en tunnelvisie..
Wel wat hak op de tak..en sommige ‘woordspelingen’ waarschijnlijk te ver gezocht…

Louis

Avalanche · 21 mei 2010 op 23:07

Leuk, dit inkijkje! De eerste zin deed me denken aan die keer dat mijn dochter, hevig ontsteld, vertelde wat er op een van de schoolmuren stond. ‘Fuck’. ‘Erg hè mama,’ zei ze, ‘wat betekent dat eigenlijk?’

Heb er zeer van genoten en vind de laatste zin een geweldige uitsmijter.

Ontwikkeling · 22 mei 2010 op 14:19

[quote]Twee exemplaren van ‘De Lach’ met een hoop kutfoto’s[/quote] :hammer:
Prachtig stukje, alleen wilde ik de weg terug niet meer vinden ;-P
Mooi geschreven Louis!

LouisP · 22 mei 2010 op 15:50

Bedankt voor de reactie..
bezoekers die niet alleen terugwillen…´k zal mee terug gaan….

lisa-marie · 22 mei 2010 op 15:55

Das genieten en nog eens genieten 😀

Anti · 26 mei 2010 op 10:34

Mooie, eigen schrijfstijl.

Geef een antwoord