‘Jij zit vast hè…’
Steunend schuif ik mijn bovenlichaam onder de auto vandaan.
Daar staat ze, drie turven hoog, blonde vlechtjes met een rose K3 tasje en blauwe laarsjes die maar net boven de sneeuw uitkomen.
Kernachtiger had mijn situatie niet onder woorden gebracht kunnen worden.
Ik zit vast. Als ik weg probeer te rijden gieren mijn banden over de aangestampte sneeuw die na luttele seconden in een ijsbaan verandert.
Elke keer als ik een beetje sneeuw heb weggeschept neem ik hoopvol plaats achter het stuur , stamp tegen de treeplank de blubber van mijn schoenen en start de wagen..
Rustig aan, béétje gas, handrem los ? Ja, tweede versnelling, kom op toe nou..toe nou. de Kerstboodschappen..ik móet!
Achter de auto stijgen dikke wolken CO2 uit de dubbele uitlaat.
Ik zit vast.
Ik heb alle goden al uit de hemel gevloekt, de sneeuwresten op mijn knieën beginnen te smelten, water sijpelt mijn broekspijpen binnen.

‘Ja’, antwoord ik, ‘dat heb jij goed gezien, ik zit vast.’
Ik heb bij het schoonvegen van het dak en de voorruit al een vracht sneeuw tussen mijn trui en mijn T shirt gekregen.
Dat was een half uur geleden toen ik toen ik nog blindelings vertrouwde op mijn VOLVO met 4 wielaandrijving die me zo direct wel los zou trekken.
Ze zijn in Zweden immers wel wat meer gewend dan die prutswintertjes bij ons.
Toen de kille waarheid tot me doordrong dacht ik de zaak nog op te lossen door mijn AH boodschappentassen onder de wielen te schuiven voor meer grip.
Die konden na één poging meteen de container in.

‘Mijn papa is wél weg.’ Een trots glimlachje trekt over haar gezicht.
‘Tuurlijk, jouw papa kan dat heel erg goed.’
‘Hmm’, knikt ze bevestigend.
Ik niet. Waarom ben ik niet zo’n handige papa, die dit soort situaties in een handomdraai oplost. Maar ja we hebben hier al 10 jaar geen winter meer gehad.
‘Wat nu’, mompel ik meer tegen mezelf dan tegen haar.
‘Je moet de sneeuw weghalen’, zegt ze ernstig.
‘Met de schep.’
Daar had ik zelf ook al aan gedacht, maar toen we naar dit appartement verhuisden hebben we alle sneeuwattributen ruimhartig aan de nieuwe bewoners van ons oude huis geschonken.
Gelukkig, die hadden we niet meer nodig.
Maar ze heeft gelijk, ik moet op zoek naar zwaar materieel, schuivers, planken, kartonnen dozen , duwhulp, ANWB ,maar ik ben nu al kapot.Ondertussen blokkeer ik de uitrit van onze parkeerplaats, dus er zal iets moeten gebeuren.

‘Dié heeft een schep.’
Met een blik van ‘Ik moet hier ook alles alleen doen’ wijst ze met haar groene wantje.
Achter me aan het eind van de parkeerplaats staat een vaag bekende buur sneeuw voor een auto weg te schuiven.
Mijn hart springt op.
Als ik me omdraai zit ze voorop bij haar moeder in het fietsstoeltje.
Voorzichtig schuifelen ze naar de straat.
‘Ik ga naar oma’, zegt ze.
‘Wat leuk,veel plezier’, zeg ik en ga glibberend op weg naar de verlossende sneeuwschuiver.

Categorieën: Algemeen

7 reacties

Avalanche · 29 december 2009 op 19:40

Wat een kostelijk verhaal en wat prachtig opgeschreven.

LouisP · 29 december 2009 op 20:27

Trawant,
met relatief eenvoudige ingredienten heb je er een absoluut mooi grappig en origineel verhaal van gekookt….

Louis

Prlwytskovsky · 29 december 2009 op 20:40

Wat een heerlijk verhaal Trawant. :duimop:

Blijkt ook maar weer dat Nederlandse sneeuw anders is dan Zweedse. 😉

KawaSutra · 30 december 2009 op 01:41

“Kijk”, zei het meisje, “ik zal het je nog één keer uitleggen. Het ligt niet aan je motor. Je moet de sneeuw voor je wielen wegschuiven. Wie gaat er dan onder zijn auto liggen?”

Verder een uitstekende column Trabant! 😀

pally · 30 december 2009 op 13:18

Ha Trawant,
Wat een leuk sneeuw- en bijdehand kleinkind plaatje!

groet van Pally

arta · 30 december 2009 op 19:10

Wat een héérlijk verhaal, Trawant!
🙂

Ma3anne · 31 december 2009 op 10:00

Genoten van dit kleine verhaaltje. Ik vind je in dit soort verhaaltjes het sterkst. En in je gedichten natuurlijk.
Eenvoudig taalgebruik, zelfspot, humor, het beschrijven van details, die maken, dat ik het helemaal voor me zie.

Heerlijk!

Geef een antwoord