‘Hé, Sander!’ riep een vrouwenstem uit de auto.
Sander Deelman keek verwonderd op van het tafeltje op het terras waar hij was neergestreken voor een kop koffie. Op straat zag hij een bekend gezicht in een vuurrode open auto. Het was Yasmijn. Dikke Yasmijn die hij kende van de middelbare school. Ze wenkte. Hij dronk zijn laatste slok koffie op, stond op en kwam tussen de parasols door naar de auto bij de stoeprand.
‘Dag Yasmijn, dat is lang geleden dat we elkaar hebben gezien.’
Hij herinnerde zich die laatste keer nog goed. Ze hadden het bijna met elkaar gedaan, maar toen was haar vader plotseling op haar kamer gekomen. En daarna was het nooit meer wat geworden. Hij viel op dikke vrouwen en in het bijzonder op Yasmijn maar was haar helaas uit het oog verloren.
‘Yep,’ beaamde ze, ‘zin in een ritje?’
Sander knikte. ‘Dat is goed.’
Hij stapte in en ze trok op. Ze reed door straten, sloeg links af, rechts af, verliet de binnenstad en parkeerde uiteindelijk de auto voor een groot huis. En al die tijd keek hij naar haar. Yasmijn was een Rubensvrouw. Ze was overduidelijk te dik, maar ze verzorgde zichzelf tot in de puntjes. Ze was op een bijzondere manier aantrekkelijk.
‘Hier woon ik. Zal ik je het eens laten zien?’
Duidelijker kon een invitatie niet. Hij kon nog terug. Maar dan dacht hij aan die middag lang geleden. Misschien werd het nu afgerond, of zou ze dat niet bedoelen?
‘Is goed,’ grijnsde Sander. Hij had na zijn middelbare schooltijd nooit meer een vriendin gehad. Hij was druk, en de meeste vrouwen die hij trof waren van die spichten waar hij niets in zag.
Ze stapten uit. Yasmijn liep soepel naar de voordeur en deed die open. Ze ging hem voor naar binnen en nam hem mee naar de kamer.
‘Weet je,’ grijnsde ze, ‘jij bent echt een stuk. Daarom heb ik je meegenomen.’
Sander begreep opeens dat zijn voorgevoel juist was. En dat hing nu als een elektrisch geladen wolk boven hen. Yasmijn bewoog door de kamer en deed van allerlei dingen. Sander had sterk het gevoel dat ze om hem heen bewoog als een tijger. Haar voluptueuze rondingen vormden geen enkel beletsel geruisloos aanwezig te zijn.
Ze nodigde hem uit te gaan zitten en opende meteen een fles wijn. Ze schonk twee glazen in en overhandigde hem er een. Daarna kwam ze tegenover hem zitten. Sander bestudeerde het fijnzinnig opgemaakte gezicht. Yasmijn gebruikte weinig make-up maar wist hoe ze het moest toepassen voor maximaal effect.
‘Hoe vind je het?’ vroeg Yasmijn.
‘Ziet er leuk uit. Woon je hier al lang?’

Categorieën: Diversen

1 reactie

Ritazet · 8 april 2003 op 10:58

Hallo anoniem,
Zou je mij eens kunnen uitleggen waarom dit een column is? Ik zie het nog even niet.

Rita

Geef een antwoord