Ik houd me niet actief bezig met het weer. Ik heb zoiets van, ik zie het morgen allemaal wel. Een goede paraplu tegen de regen, een extra laagje als het kouder wordt of minder kleden als het wat warmer is. Invloed hebben op het weer kan voor zover ik weet niet, en dat is dan ook nog een reden waarom ik me er niet aan stoor. Maar zodra de weervrouw rept over zwoele, broeierige, plakkerige en benauwde dagen begin ik spontaan te zweten. Het is vrij laat als ik op zo’n zwoele dag naar bed ga. Hoewel ik morgenochtend vrij vroeg op mijn werk moet zijn lever ik expres wat slaapuurtjes in, in de hoop dat ik zo sneller in slaap zal vallen. Hoe langer je wakker bent hoe ‘moe-er’ je wordt en hoe later je naar bed gaat, hoe langer de zon niet heeft geschenen wat mijns inziens een lagere temperatuur met zich meebrengt. Wanneer ik op bed lig, doe ik hoopvol mijn ogen dicht en begin meteen met het simuleren van slapen. Dan ga ik namelijk op mijn buik liggen en adem goed door mijn neus en beweeg me zo weinig mogelijk zodat het verloop naar echt slapen optimaal is. Dit werkt bijna altijd als het lekker dekbed weer is. Hoewel het te warm is om een deken te gebruiken, probeer ik het toch. Al na een paar minuten wordt het al te warm en ga ik zonder deken verder met me proberen-te-slapen houding. Dit kan ik vrij lang volhouden, maar in de zomer niet. Na tien minuten overtreed ik al een gouden regel voor mezelf, ik begin namelijk te bewegen. Zodra ik me omdraai blijf ik draaiende. Elke keer zoekend naar een stukje koeler stukje van mijn matras. Hoe langer ik me aan een zijde bevind, hoe koeler het niet belaste stukje van mijn matras wordt. Dus komt het voor dat ik aan een zijde alle warmte voor lief neem en op het moment supreme me verplaats naar het koele stukje. Als ik geluk heb val ik heerlijk in het koele stukje in slaap, als ik pech heb wordt het koele stukje heet voor ik in slaap ben gevallen en begint het proces ongewijzigd opnieuw.

Na zo een aantal uren wakker te hebben gelegen meende ik iets te horen. Ik wilde echter niet gelijk krijgen en deed net alsof ik niets had gehoord. Wel merkte ik jammer genoeg op dat het intussen warmer werd, waardoor het nog sneller warm werd. Wat ik niet wilde horen, hoorde ik nu echt zeer luid en duidelijk. Iets wat onlosmakelijk is verbonden aan de zomer zijn de muggen wel. Alleen al de gedachte dat ze bloed van je nodig hebben om te kunnen voortplanten maakt me misselijk. Ik had ze dus nu beter gehoord en dat betekent voorts dat ze vlakbij waren. Vliegen doen ze niet, het lijkt eerder op bijna ziekelijk, doelloos zweven. Kort nadat ik deze constateringen deed, hoorde ik plotseling dat typische muggengejank in me oor. Ik schrok zo hevig dat ik mijn oor pijnlijk een klap gaf. Hoewel zo’n mug een veelvoud kleiner is dan mij, krijgen ze mij keer op keer klein. Zal wel een combinatie zijn van het geluid dat ze produceren en het doel van hun aanwezigheid wat mij zo bang maakt. Zo lag ik dus nog altijd wakker, en onder me dekens. Ik wilde onder geen omstandigheid me overgeven aan de dorst van de muggen. Gefrustreerd hoorde ik het gejank van de muggen aan. Af en toe doe ik een stukje van mijn deken open om verse lucht en verkoeling te krijgen. Intussen zweet ik me helemaal suf. Ik tolereer dit tot ik me realiseer dat ik nog niet slaap en nog wel erg weinig tijd heb om te slapen. Zo zorgt een combinatie van de gedachte dat ik vroeg moest opstaan en de aanwezigheid van muggen ervoor dat ik nog steeds kant en klaar wakker was. Dit zorgt tevens ervoor dat ik in woede uitbarst en snel mijn kamer uitvlucht. Wat zal ik nu gaan doen? Ik heb geen muggenverjager in huis en heb ook geen zin ze conventioneel weg te werken. Ergens anders slapen is ook geen optie en wachten tot het tijd is om ‘op te staan’ is uit het verleden gebleken geen aanradertje. Mezelf overgeven kan ik echt niet.

Ik besluit een douche te nemen ter verkoeling en bezinning om vervolgens nogmaals te proberen te slapen. Ik lig weer onder mijn dit keer bezwete deken en hoor gelukkig niets meer. Ik neem zelfs het risico mijn deken weg te doen. Even luister ik heel goed. Weer niets. Ik heb mijn slaaphouding weer aangenomen en weet op de een of andere manier dat ik me ga verslapen. Dit kan me op dit moment niet schelen. Ook dat ik morgen weer mensen met teenslippers zal zien wiens kleinste teen niet genageld is, weerhoud me niet. Een opmerking als ‘’je bent niet moe, want je lag toch’’ evenmin.

Categorieën: Algemeen

1 reactie

Avatar

KawaSutra · 14 juni 2007 op 16:50

Op zich heel aardig geschreven op een paar foutjes na. Met het woordje ‘me’ moet je wel uitkijken; nooit als bezittelijk voornaamwoord gebruiken, dan is het ‘mijn’.
Het onderwerp heb je zeer gedetailleerd en boeiend beschreven maar het had van mij wat beknopter gemogen. Het einde zakt een beetje in, daar had je denk ik een leukere afsluiter voor kunnen bedenken.

Geef een antwoord