Sommige dagen zijn allener dan andere. Ik heb het opgezocht, het woord bestaat echt. Het geeft ook goed weer wat ik op zo’n dag voel. Dat heeft ook niks te maken met de afspraken die ik heb of met de dingen die ik moet doen. Het is een soort leegte die in mijn ziel kruipt en die maakt dat er een kilheid in mijn botten komt. Op die dagen begrijp ik dat mensen die alleen wonen de verwarming een graadje hoger zetten. Je krijgt de neiging je dikke sokken aan te doen en bovenop de kachel te gaan zitten. Maar het helpt niet, de kou komt van binnenuit.

Op die dagen moet Stef een heel eind mee gaan wandelen. Hij wordt van zijn warme vacht afgehaald en hup, naar buiten. Mijn handen diep in mijn zakken, kraag omhoog en lopen. Stef vindt dat op zich niet erg. Zoals gebruikelijk loopt hij mijn route drie keer. Heerlijk om een hondje te zijn. Toch is Stef op zo’n dag veel meer troost dan die kleine man beseft. Onwillekeurig krijg ik toch meer energie van zijn enthousiasme. Ook de frisse lucht doet goed, het waait toch de mistflarden uit mijn hoofd.

Weer thuis doe ik dan mijn best om de draad weer op te pakken en te proberen positief in het leven te staan. Meestal gaat dat dan ook wel een stuk beter, zo’n wandeling doet goed, hoe slecht het weer ook is. Natuurlijk moet ik wel zorgen dat ik eerder bij de deur ben dan Stef. Die viezerik banjert overal doorheen en loopt met een grote boog om de handdoek in de garage heen. “Pootjes schoonmaken Stef”, nee, dat is niet zijn favoriete bezigheid. Maar om te voorkomen dat het in huis gaat kraken als je door de kamer loopt, moet er toch flink gepoetst worden.

Meestal ga ik dan even aan tafel zitten. Even helemaal niks. Straks ga ik weer aan de slag maar nu wil ik even voor me uit staren. En dan hoor ik de stem van mijn maatje stil in mijn hoofd. “Kom op Mach, jij kunt alles.” Nee hoor, lang niet alles, maar ik doe mijn best.

Categorieën: Liefde

1 reactie

Nummer 22 · 3 februari 2022 op 08:46

Dat gevoel van een allener met het alleen zijn?, enfin wie zou dat nu niet hebben. Soms druipt de eenzaamheid af van het gezicht en dan wordt er gedacht ‘daar loopt een eenzaam men, alhoewel toch niet… de wandelgenoot – in deze geschreven observatie- kuiert er iets verder achter en draait het koppie naar mij maar ziet niets, want ik ben er niet. Het is een ruwharige teckel, tenminste dat is naast mijn 2 anderen favoriete hondenrassen: de Airdale terrier en de Wiemaraner, een hondje dat sinds 1927 als op ene familiefoto staat. In NL aangekomen ging de enige zus van mijn moeder verder met het fokken van deze kleine ruwharige teckel. Mijn ouders niet.. die kochten een Boxer, maar dat allemaal hierboven terzijde.

Een hond kan de allener gezelschap en troost geven.

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder