Prikkeling ‘We leven in patronen’

Onze voeten geschoeid betreden betegelde paden. Paden, klinkers als een lange rij van zwijzamen, eindeloos. Eindeloos zonder eindpunt aan de horizon. Een verte zonder haltes, mensen; de kijkers. Kijken naar links dan rechts om dwalend te staren. Staren naar de overkant waar niemand wacht. Wacht!, wellicht op iets dat nooit komt, dat er nu niet is. Niets in het landschap. Landschap van een ooit verdronken land. Achter wat?, met niets en niet aan te raken. Patronen en rituelen van alles en nog wat of wat van alles dat niet mag. Kom je even bij me liggen? Liggen en niets, maar dan ook niets te moeten.

(meer…)