Een chille zonnige dag is een mooi iets. Mooie zonnige dagen zijn niet alleen mooi vanwege het weer, maar ook dankzij iets anders. Op mooie zonnige dagen komt de mens uit zijn holen en kan je weer ouderwets mensen kijken.
Terwijl ik naar buiten loop rijdt de ijsco-belg voorbij. Een mooie zonnige dag + de ijsco-belg associeer ik altijd met zonnige Koninginnedagen, vroeger in Nieuwland. Op een van die dagen zag ik wellicht het meest schokkende beeld van mijn hele jeugd: op een met zonovergoten bankje zat een dikke vrouw pootje te baden in haar eigen zweet. De tientonner zat met drie ijsjes in haar hand naast een kinderwagen met tweeling erin. Tegen beter weten in wachtte ik op het moment dat de vrouw haar kindjes ging verblijden met een ijsje. Het moment kwam niet. Sterker nog: de drie ijsjes werden in een Guinnes book of records tempo naar binnengewerkt. De kids kregen kauwgom.
Op diezelfde dag, een kwartiertje later, werd ik mentaal gefucked door een jongetje van acht. Volgens zijn bordje was hij ‘schaakkampioen’ en kon je voor twee euro een potje tegen hem spelen. Als je won, kreeg je een stapel pokémon kaarten ter hoogte van het voorhoofd van de moeder van het jochie. En dat beloofde wat. Ik had een paar avonden geleden een stukje in de krant gelezen over de opening van de meeste topschakers: pion weg, rechter loper schuin drie naar voren. Er werden een aantal manier gegeven hoe deze tegenstanders vast te zetten en klaar was kees. Ik heb die dag geleerd dat dingen in theorie toch iets anders gaan dan in de praktijk. De schaakkampioen schoof in zijn eerste beurt de pion voor zijn toren weg. De kans dat hij nu nog met zijn loper ging openen was toch wel drastisch afgenomen. Hij opende inderdaad niet met zijn loper en binnen vierendertig seconden stond ik schaakmat. Ik gaf Ruben een hand, en ben gaan eten.
Dat was toen, en nu is nu. En in het nu zie ik veel te vaak het zelfde beeld: echtparen van in de vijftig op de fiets, de vrouw altijd vier meter achter de man, die al fietsende hun huwelijk proberen te redden. Quality time. Overigens is de fietsende tak van midlifecrisis mensen nog niet eens het ergste. De mensen die op een zonnige dag hun identieke scooters tevoorschijn toveren en een ommetje maken richting de plaatselijke snackbar voor een halve haan en zes broodjes bal zijn toch een tikkeltje erger.
Als ik langs de daadwerkelijke snackbar loop zitten er allesbehalve standaard klanten. Twee mooie vrouwen, vergezeld door twee oudere mannen, likken aan hun ijsje. De man met het overhemd aan lijkt een beetje op Toine van Peperstraten. De stem van Toine van Peperstraten is een van de meest legendarische ooit. Als Toine alleen al goedenavond zegt dan is het er een. De Toine look a like zegt iets tegen de man naast hem, en ik kom erachter dat hij zelf geen goede stem heeft. De brede man naast hem valt wat betreft stemgeluid nog het meeste in de categorie prins Friso. Hij zegt vrij weinig. Door zijn blonde krullen en brede bovenlijf lijkt hij deels op een kruising van Barry Atsma en Matthew McConaughey(ja, deze achternaam moest ik googelen). Barry Atsma en Matthew McConaughey hebben een paar dingen gemeen: ze lopen beiden te vaak naakt rond, gebruiken te vaak hun ‘sexy blik’ en zijn beiden ontzettend grote lucky bitches. De jongen naast de Toine van Peperstraten look a like is niet bepaald een lucky bitch. Boven zijn McAtsma bovenlijf prijkt een bijna perfecte kopie van het gezicht van Kevin Strootman. Dat is dan weer jammer voor hem.
Als ik boodschappen heb gedaan loop ik weer rustig terug naar huis. Met muziek in je oren veranderd de wereld om je heen. Op de terugweg blijkt echter dat de tijd het enige is wat veranderd. Op het bankje naast de snackbar heeft zich een dikke vrouw geworsteld, welke nu een ijsje wegwerkt. Als ik bijna thuis ben word ik ingehaald door McAtsma, Toine en de dames op identieke scooters. De cirkel is weer rond.

7 reacties
Libelle · 21 juli 2013 op 08:28
Gaandeweg wordt het iets te gecompliceerd voor mij om het nog leuk te vinden. De cafetaria scene ontspoort naar mijn mening. Ga niet te scheutig om met je talenten.
Meralixe · 21 juli 2013 op 08:44
Niet onaardig geschreven… :yes:
Dat vier keer “mooie” in de eerste alinea brengt de lezer direct in een eentonige sfeer.
Komt de mens uit zijn holen of komen de mensen uit hun holen?
Als je net over de helft van de column dan ook nog overgaat naar allerlei namen uit de Nederlandse samenleving dan ben je mij als Vlaming zijnde wel een beetje kwijt.
U voelt het al…’t Is hier ook een mooie zonnige dag!
Gans de dag dat geleuter met de wissel van de troon!
Excuseer me als ik wat saggerijnig over kom.
Jappie123 · 21 juli 2013 op 14:37
Ach, sorry Meralixe, ik zat nog te twijfelen bij de “mensen uit holen” zin. Had ik nu toch maar opgezocht. Geniet van de mooie zonnige dag!
Liedje · 17 juni 2014 op 12:48
chagrijnig
Mien · 17 juni 2014 op 14:42
Bijna een jaar lang over nagedacht … om daar achter te komen??? 😉
Yfs · 21 juli 2013 op 09:30
‘op een met zonovergoten bankje zat een dikke vrouw pootje te baden in haar eigen zweet’ :rotfl:
En zo staan er meer originele vondsten in. Ontzettend leuk geschreven maar ben het met Libelle eens dat het bij de cafetaria scene een beetje ingewikkeld wordt en namen te vaak herhaald worden. Afgezien daarvan een hele leuke column! :yes: :yes: :yes:
Mien · 23 juli 2013 op 14:17
Ik heb een poster van Camila Alves boven mijn bed hangen. Dat zegt genoeg. Dat de zon ook impact heeft op het schrijfwerk is duidelijk. Je fladdert als een vlinder van onderwerp naar onderwerp. Sommige geuren en andere niet. Ik vond je vorige twee columns sterker. Ben wel benieuwd naar de volgende.