Ik glij. Het asfalt onder mijn skeelers voelt glad aan. Met mijn neus er dicht bovenop veranderen de kleuren in een wonderlijke waas. Grijs, paars, geel, alle steentjes zijn erin verwerkt. De wind duwt tegen mijn benen, mijn billen en het stukje rug dat niet haaks op mijn diepe zit staat. Zoef, zoef. De winterzon is warm op mijn gezicht. Plotseling moet ik remmen. Er staan Chinezen op mijn weg! Sterretjes. Wang, Lang, Hu en Ho Chi Min helpen mij overeind.
“Waar komen jullie ineens vandaan? Dat leek wel magie!”
De vriendelijke gezichten met de bruine ogen knikken er lustig op los. Ze blijven glimlachen.
“Willem-Alexandel woldt koning en dan wolden wij Nedellandels.”
“Pardon?”
“Ja, ja, paldon!”

Als zij verder lopen, kijk ik ze na als konijnen die net uit een hoed zijn getoverd. Ik bedenk me dat het onhygiënische imago van Chinese restaurants een zelf gecreëerde mythe moet zijn. Die luikjes van de keuken klappen vast zo snel dicht om alle illegale familieleden te verbergen. Ik skeeler voorbij de rij asielaanvragers en zwaai terug naar Wang. Of Lang. Of Hu. Ze lijken allemaal op elkaar.

Ik skeeler rustig door het zonovergoten landschap. Link van mij liggen weilanden. Er staan marshmellowschapen in de wei en in de verte weerkaatst een Fruitellagebouw het zonlicht. Op de weg rechts naast me haalt een Rode Cadillac een Zachte Toffee Truck in. De Zacht Zoete Kever toetert naar me. Ik volg de strepen Lange Jan op het fietspad.

Het wordt warmer. Dan zie ik in het weiland naast me een groot vuur, met een houten paal in het midden. Een vrouw wordt overgoten met emmers water. Als ik dichterbij kom, slaan vlijtige mannen een blusdeken om haar heen.
“Lucia? Lucia de B.?”
”Gut, Neus, lang niet meer gezien. En wat ben ik blij je nog te kunnen zien.”
“Luus, ik dacht dat jij tot de brandstapel was veroordeeld?”
“Waanzinnig! Het was een hele heksenjacht. Maar ze kunnen niet bewijzen dat ik die mensen inderdaad heb gedood. Ze vonden te lage doseringen bij de slachtoffers voor een vergiftiging.”
“Maar Lucia, dat is goed nieuws. Wat ga je nu doen dan?”
“Nu ik geen boze heks meer ben, wil ik het eens gaan proberen als stiefmoeder. Of goede fee. Ik weet het nog niet.”
“Nou, succes dan, Lucia!”

Na de lange tocht word ik moe. Er doemt een kasteel voor me op. Een bebrilde tovenaar kijkt me onberispelijk aan vanuit zijn toren. Ik rol de brug over en klop aan. De grote zware vestingdeur kraakt voor me open. Een zware rokersstem puft me vrolijk tegemoet:
“Schat, als je je mening wil geven, mail me dan maar! Ik ben nu online! Kom mee, de show gaat beginnen!”

Binnen in het hof is het een drukte van jewelste. Ik schuif achter IJzeren Rita aan, het publiek in. Ze herschikt haar maliënkolder en klept haar helm open. Als haar laptop weer roept dat ze nieuwe E-mailberichten heeft, klapt ze het dicht en gaat erop staan.
“Zo zie ik het beter!”

In het midden van de arena zijn de hofnarren al aan hun act begonnen. Mark en Geert draaien potsierlijk rondjes om elkaar heen. Vanuit het torentje valt een stuk zeep met een boog op de grond. Geert ziet het niet en glijdt uit. Mark giert het uit en het publiek joelt mee. Hoe enthousiaster het publiek wordt, hoe heviger Geert acteert. Net als de persoonlijke vete het voortouw neemt, springt Rita wildenthousiast op haar laptop. Ik hoor een krakend geluid en ze struikelt over mij. Ik voel haar zware lijf op me en het zweempje lucht croissant met brie dat uit haar mond komt, is voldoende om me alles te willen vergeten.

Sterretjes. Ik lig in bed. Voorzichtig open ik mijn ogen. Ik loop naar beneden om te zien of de krant er al is. Ik bedenk me opgelucht dat het allemaal maar een droom was. Toch?

Categorieën: Algemeen

7 reacties

Avatar

SIMBA · 8 april 2008 op 13:06

Leuk stuk NK!!
Eén slordigheidje, viel me direct op omdat jij altijd zo foutloos schrijft.
[quote]Link van mij liggen weilanden[/quote]

Avatar

arta · 8 april 2008 op 13:47

Wat mij betreft had je de eerste drie alinea’s weg mogen laten. Op de één of andere manier past het niet bij de rest, vind ik.

Zoals altijd goed en erg origineel geschreven, maarre…wat doen die slordigheidsfoutjes er nou in?(link ipv links, het woordje ‘laten’ vergeten) 😉

Avatar

trawant · 8 april 2008 op 17:38

Hou het nou bij een hálf flesje cabernet voor het slapen gaan, Neuskleuter. Dan droom je wat minder heftig..
Maar gelukkig werd je wakker, ik dacht tot de laatste zin even dat de Friese paddo’s niet zo lekker gevallen waren.
Maarr leuke verbeelding van de werkelijkheid in ons mooie Trrrotssse Nederland..
En ach die foutjes.. je weet dat IK daar niet zo over val.. 😉

Avatar

Li · 8 april 2008 op 20:24

O was je de s van links vergeten?

[quote]Sterretjes. Wang, Lang, Hu en Ho Chi Min helpen mij overeind[/quote]
Moet hier dan soms ‘stelletjes’ staan :eh: 😀

Ik dacht: die skeelert in Het land van Maas en Waal achter Boudewijn de Groot aan of zo… 😉

Li

Avatar

Mosje · 8 april 2008 op 20:54

Leuk stukkie Neus. Je schrijft lekker gevarieerd.

Avatar

Dees · 9 april 2008 op 07:50

Sluit me aan bij…

Mosje.

Ochtendluiheid.

Maar serieus, bonuspunten voor de variatie en originaliteit.

Avatar

pally · 9 april 2008 op 11:03

Origineel! Associerend schrijven maakt opgang, geloof ik. Het brengt wel levendigheid.
ik vind het gedurfd en grappig en als geheel net niet helemaal gelukt, maar toch leuk genoeg. Volg je me nog, ik begin ook al …..

groet van Pally

Geef een antwoord