Als ik uit het raam kijk, zie ik hem staan. Achter in de tuin, onze opgeknapte pipowagen, waar we afgelopen zomer lekker ontspannen mee bezig zijn geweest.
We wilden namelijk een schuur, maar toen ik bij de maffia langs ging, u weet wel,die club wordt ook wel eens gemeente genoemd, waren ze te-gemeen om mij een vergunning te verlenen.
Dan maar eentje op wielen. Heb ik toch mijn schuur en als ze er moeilijk over gaan doen, zet ik hem wel voor honderduizend euro te koop. Het valt trouwens om de drommel niet mee om zo’n ding op de kop te tikken. De meeste wagens zijn niet meer in gebruik en hebben vaak gigantisch achterstallig onderhoud.
Op een zaterdag waren Carla en ik weer eens op strooptocht en ergens bij een industrieterrein zagen wij er een aantal bij elkaar staan. Ze stonden wat ver van het hek en het leek ons een goed idee om het geheel van de andere kant te benaderen.
Toen wij daar arriveerden, bemerkten wij dat een in aanbouw zijnde loods ons het zicht ontnam.
Met mijn contactsleutel in de hand, liep ik door de loods en Carla liep mopperend achter mij aan, omdat zij vond dat dit niet hoorde.
Aan het einde van de loods was een ruime opening naar buiten, waar later waarschijnlijk een grote haldeur in moest komen. En toen gebeurde het……….

Net toen ik een voet buiten op de witgrijze aarde wilde zetten, was het alsof iemand met een telefoonpaal onder mijn lijf door zwaaide. Mijn benen zwiepten de lucht in en met een plof plonsde ik ruggelings neer in een poel van modder, waaronder zich een betonvloer bleek te bevinden. Als laatste kletste de rug van mijn hand in de smerige substantie, maar mijn contactsleutel hield ik stijf vast.
Nu zag ik dat Carla bijna een gekte kreeg van het lachen en het verwonderde mij dat zij geen enkele reactie gaf op mijn hulpgeroep. Bang als ik was om nog viezer te worden, bleef ik roerloos liggen en alleen mijn beide armen stak ik op in de richting van Carla, maar die bleef in haar onbedaarlijke schaterlach.
Het werd nog erger, toen zij aanstalte maakte om mij op te trekken, omdat ik alleen maar verder door de modder schoof. Ze liet mij weer los en zo belandde ik weer in mijn uitgangspositie en Carla wist met haar lachen van geen ophouden.

Afijn, uiteindelijk ben ik eruit gekomen. We hebben de pipowagens eigenlijk helemaal niet meer bekeken, want wij vestigden nu onze aandacht op de vervuiling die ik met mij mee droeg. Met een plank heeft Carla mij eerst geschild en preuts als ik ben, vertikte ik het om enig kledingstuk uit te doen.
“ Je gaat toch zo niet in die prachtige auto zitten he,” beet zij mij streng toe.
“ Ik dacht het wel,” zo antwoordde ik, een opengescheurde cementzak als compromis in de vorm van mijn stoel kloppend.
“ Nee, nee,” riep Carla nog, maar het zou een reus moeten zijn die mijn zware lijf kon tegenhouden.
“ Ik ben het er niet mee eens,” probeerde zij nog.
“ Zal ik er dan maar weer uitgaan?” vroeg ik.
“ Nee, blijf alsjeblieft stil zitten.”
“ Het is echt geen gezicht,” vertelde zij, toen wij weer huiswaarts keerden.
“ Er steken twee rare papieren vleugels boven je schouders uit.”
Steeds als zij iets tegen mij zei, wendde zij haar lachende hoofd af, om te verbergen, dat zij het in haar hart dol komisch vond.

Net toen het niveau van het gesprek iets boven de modder uit kwam, zagen wij een prachtige pipowagen ergens bij een huis staan.
“ Even vragen,” zei ik, terwijl ik stopte.
“Je wilt toch niet zo……….,“ maar de rest verstond ik niet meer, omdat mijn vinger reeds op de bel drukte, met de zak onlosmakelijk op mijn rug vastgeplakt.
Een vrouw van middelbare leeftijd deed open en keek verschrikt naar de papieren punten die boven mijn lichaam uitstaken.
“ Ik kan het uitleggen,” zo deed ik een poging, maar de vrouw zei dat zij dat helemaal niet uitgelegd wilde hebben en er ook niets mee te maken had.
“ Is die pipowagen te koop,” probeerde ik nog, maar de deur klapte reeds met een bons dicht.

Toch een hele kunst om een goeie pipowagen op de kop te tikken.

Categorieën: Algemeen

4 reacties

Prlwytskovsky · 17 april 2006 op 12:14

Rol de volgende keer eens door een varkenskot, wie weet helpt dat.
Leuke story.

Neuskleuter · 17 april 2006 op 14:57

Wel een aardig verhaal, maar ik geloof dat je er zelf meer lol aan hebt gehad tijdens de beleving dat ik bij het lezen. Het is dan ook erg moeilijk om achteraf een heel melig moment precies zo op de lezer over te brengen. Ik kan wel lezen dat iemand helemaal dubbel lag van het lachen, maar dat wekt bij mij niet dezelfde emotie op.
Misschien kan je zoiets anders beschrijven, door het probleem aan te sterken (Daar lag ik dan, languit in de modder te spartelen als een vliegje dat uit de stroop wil ontsnappen, maar niet weet hoe. (…) Hoe kan ik nou in deze gloednieuwe, zojuist gewassen BMW zitten, zonder de stoelbekleding te bevuilen?)

Hmmm… ik ben ook niet echt tevreden over mijn eigen voorbeelden, maar het is leuker om te lezen als je er leuke of idiote vergelijkingen bij zoekt, zodat het gevoel van je verhaal beter tot zijn recht komt.

Ik hoop dat je wat met dit kritiekpuntje van een nieuwe column x’er kan 😉

KawaSutra · 18 april 2006 op 01:17

Haha, ik vond het toch best lachen hoor. Maar de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik wel een biertje op heb. Alleen de combinatie al van het een en het ander is voor mij goed genoeg. Een volgend onderwerp zal wel lastig worden…. 😀

Raindog · 18 april 2006 op 19:58

Ik vind hem weer leuk. Het zijn enorme egodocumenten vind ik, deze columns van jou, maar je doet het in een stijl waarbij dat alleszins geoorloofd en geenszins storend is. Voor mij in ieder geval niet. Als persoon houd ik ook erg van de zgn kleine dingen en deze columns zie ik dan ook zo.

Geef een antwoord