Mijn schoonmoeder vond mij niet direct een goede huisvrouw. En eerlijk is eerlijk, als je de ouderwetse standaarden bekeek, was ik dat ook niet. Mijn linnenkast was een rommeltje, natuurlijk had ik voldoende handdoeken en theedoeken maar niet dat ik niet iedere week moest wassen. Mijn schoonmoeder kon geloof ik wel een maand zonder een keer naar de wasmand te kijken. Niet dat ze dat deed, ook op dat gebied was haar huishouden altijd keurig op orde. Alles netjes gevouwen op kleur en grootte in de kast.

Ik geloof wel dat dit een generatiedingetje was. Mijn moeder heeft nog handdoeken in de linnenkast liggen die stammen uit de eerste jaren van haar huwelijk. En dat is toch alweer een tijdje geleden. Wij plagen haar er wel eens mee. Ze ondergaat dat goedmoedig en wijst er fijntjes op dat wij, haar dochters, dat straks erven. Nou gaan wij er van uit dat mijn moeder 120 jaar oud wordt, dus dat duurt gelukkig nog even.

Wat de generatie van onze ouders ook belangrijk vond, was een goed gevulde voorraadkast. Toen wij mijn schoonouders gingen verhuizen van hun eengezinswoning naar een senioren-appartement, vond ik in de grote kelderkast doosjes van Honig met een logo dat ik niet kende. Zo oud was het al. Conserven die al vijf jaar over de datum waren, we hebben heel wat weggegooid. De koelkast was ook altijd goed gevuld. Ook later, toen mijn schoonvader alleen achterbleef, zorgde hij altijd voor een uitgebreide voorraad. Waar mijn koelkast aan het einde van de week wel wat gaten vertoont, zag die van hem er altijd goed gevuld uit. Als hij ’s avonds ergens trek in had, was er altijd wel een stukje kaas of worst voor handen. Mijn wekelijkse boodschappenexercitie met hem zorgde altijd weer voor veel vermaak.

Omdat twee van mijn zussen altijd voor de boodschappen van mijn moeder zorgen, heb ik me eigenlijk nooit gerealiseerd hoe dat bij haar was. Natuurlijk kom je tijdens een bezoekje niks te kort maar ik heb me nooit afgevraagd of zij ook weken vooruit kan. Tot laatst, mijn zus die belast is met “de grote boodschappen” was geblesseerd. Ze vroeg me of ik een keer voor haar wilde invallen. Nou, geen enkel probleem natuurlijk. Ik haalde mijn moeder op en samen togen we naar de Appie. Ik heb mijn ogen uitgekeken maar me ook kostelijk vermaakt. Mijn moeder houdt van lekker eten, dat heb ik wel gezien. Ze krijgt ook veel koffievisite en bij koffie hoort een koekje. Dus daarvan gingen ook verschillende pakjes in de kar. Toen ik bij de kassa de berg spullen overzag, realiseerde ik me dat mijn maatje en ik daar twee weken van kunnen eten. Met zijn tweeën.

Categorieën: Algemeen

0 reacties

Geef een antwoord