Zoals elke doordeweekse middag neem ik de afslag naar de A4 richting Schiphol, Den Haag. Ik hoor op de radio al dat er 22 km file staat op deze route vanwege een ongeluk in het Aquaduct bij De Kaag. Nu ik dit weet rijd ik in alle rust deze file tegemoet. Mijn mobiel gaat. Ik schrik wakker. Ik rijd inmiddels ter hoogte van Schiphol. Het is mijn buurman. De verbinding is slecht. “Wietse heeft een ongeluk gehad”, versta ik door alle ruis heen, en de woorden passeren me alsof ze nooit zijn uitgesproken. “Hij is met Laura met een ambulance op weg naar het Academisch Ziekenhuis Leiden!”, hoor ik hem nog zeggen.

Ik voel het bloed uit mijn hoofd verdwijnen, zit als een zombie in mijn auto en staar naar de auto’s voor me. “Bert, Bert, ben je er nog”, schalt het door de telefoon. “Je moet helder blijven, helder blijven, je moet nu je hoofd er bij houden, dat moet!!”, roept hij door de telefoon. Ik hap naar zuurstof. Voor een moment lijkt het of alle lucht uit de auto weggezogen wordt.
Ik hoor vaag nog de namen van mijn andere kinderen vallen, maar wat er gezegd wordt gaat compleet langs mij heen
Ik probeer hem te bedanken maar ook dat lukt me niet. De verbinding wordt verbroken.

Wat is er in hemelsnaam gebeurd? Hoe ernstig is het? Leeft hij überhaupt nog wel? Duizend en één scenario’s volgen zich op in mijn gedachten. Het duurt nog uren zo! Ik word gek! Kies ik voor de vluchtstrook?

Ik zit hier vast in de ijzeren wurggreep van de file. Ik zie de mensen om me heen, lachend en pratend, ze hebben er geen weet van. Het geeft een verstikkend gevoel en de afstand tot de auto’s om me heen wordt kleiner en kleiner. Het openen van ramen of aanzetten van de airco lost niets op.
Ik hoor zijn stem in mijn gedachten. Hij zit naast me en kijkt me vragend aan. Zijn warme adem beroert de kilte van mijn versteend gelaat. Ik weet dat hij leeft.
Langzaam maar zeker keert het gevoel terug in mijn lichaam en word ik me bewust van mijn aardse bestaan. De stoel naast me is leeg en blijft leeg.
Ik bevind me in Leiden. Geheel op de automatische piloot moet ik hier beland zijn. Het doet er niet toe.

In het ziekenhuis ren ik naar de balie en word naar een kamer doorgestuurd. Een doolhof van gangen, trappen en liften weerhouden me nu nog van het weerzien met onze zoon. Uiteindelijk kom ik buiten adem bij de juiste kamerdeur.
Ik zwaai de deur open…

Categorieën: Diversen

19 reacties

WritersBlocq · 17 augustus 2005 op 11:14

Hoi Bert,
Deze is ook weer steengoed geschreven. Het is niet handig geweest van de buurman om dit zó te vertellen, voor hetzelfde geld had jij je te barsten gereden maar ja, waar zal zijn wijsheid geweest zijn op dit dramatische moment?
[quote]Ik hoor zijn stem in mijn gedachten. Hij zit naast me en kijkt me vragend aan. Zijn warme adem beroert de kilte van mijn versteend gelaat. Ik weet dat hij leeft. [/quote]
Dit heb je niet verzonnen, dat kán gewoon niet, het moet zo geweest zijn dat Wietse jou de weg wees, al is het niet te ‘verklaren’.
Kippenvel!

Ma3anne · 17 augustus 2005 op 12:00

Bovenmenselijk prestatie om op zo’n moment vast te zitten in een file en toch heelhuids thuis te komen. Erg goed beschreven.

Stanislaus · 17 augustus 2005 op 12:18

Uit alle drie de columns blijkt wel, Wietse is een topper! Mooi en uit het leven gegrepen.

Domicela · 17 augustus 2005 op 12:46

En weer is ‘ie mooi.

prikkels · 17 augustus 2005 op 13:15

Ontzettend goed geschreven, je gevoel goed kunnen verwoorden. Een kleine opmerking, je schrijft een column geen thriller, dus ik had graag gelezen wat er gebeurde nadat je de deur had open gezwaaid. Nu krijg ik zo’n onaf gevoel. En da’s jammer, want je kreeg me op het puntje van mijn stoel en daar zit ik nou nog.

Wright · 17 augustus 2005 op 14:45

Even de twee voorgaande delen Van Bert lezen, prikkels.
Weer pakkend geschreven!

Troy · 17 augustus 2005 op 15:42

Op de een of andere manier spreekt dit derde deel mij het meest aan. Waarschijnlijk komt dit omdat je nu volledig vauit je eigen beleving alles verwoord.

De laatste zin voegt inderdaad een soort van thriller element toe aan je column. Aan de andere kant: ten slotte weten we nu ondertussen ook allemaal (je vaste lezers) dat het verhaal goed afloopt. Voor de lezers die net inhaken kan het inderdaad een beetje een gevoel van: “en wat nu?..” geven.

Een vierde deel lijkt mij iets teveel van het goede. Al met al was het een zeer sterk geschreven trillogie. Ben benieuwd naar je volgende column/verhaal.

Grt Troy

bert · 17 augustus 2005 op 16:14

@Prikkels
[quote]Een kleine opmerking, je schrijft een column geen thriller, dus ik had graag gelezen wat er gebeurde nadat je de deur had open gezwaaid.[/quote]
Bedankt voor deze reactie op deel 3. Inmiddels heb ook jij via een Persoonlijk Bericht kunnen lezen hoe het verder verlopen is.
Het echte doel van de drie columns was om ons eerste gevoel te beschrijven tijdens en na deze waargebeurde traumatische gebeurtenis.
Iedere lezer die op 1 of meer delen heeft gereageerd heb ik verder via een PB op de hoogte gesteld van de huidige situatie.

Geertje · 17 augustus 2005 op 20:01

[quote]Ik hoor zijn stem in mijn gedachten. Hij zit naast me en kijkt me vragend aan. Zijn warme adem beroert de kilte van mijn versteend gelaat. Ik weet dat hij leeft. [/quote]

Prachtig omdat gevoel te lezen, een hart wat open staat. Drie prachtige columns, een heel mooie drieluik. Ik heb ervan genoten. Dank je wel. 😉

klungel · 17 augustus 2005 op 20:17

Bert, heele mooie drieluik. Je kunt waarschijnlijk niet voorspellen wat een mens doet in zo’n situatie maar de vluchtstrook had in mijn verbeelding de kleur groen gehad 😀

Trukie · 17 augustus 2005 op 20:35

Ondanks dat me dit de moeilijkste van het driluik leek, heb je ook je eigen emoties boeiend weer weten te geven. Het sterke voor mij is juist om op het juiste moment van de rit iets weg te laten.[quote]Ik bevind me in Leiden. Geheel op de automatische piloot moet ik hier beland zijn. Het doet er niet toe.[/quote]

Bedankt voor je mail. Het was idd zo meeslepend dat ik me echt afvroeg hoe het afgelopen is. 🙂

KawaSutra · 17 augustus 2005 op 20:59

Prachtig geschreven Bert. Dit vind ik ook de beste van de drie. Inmiddels heb je ook geleerd om te schrappen en wat er overblijft is een heel indringende perfecte column.

sally · 17 augustus 2005 op 22:13

Mooie beschrijving van een ijzingwekkende angstige onzekerheid.
Kan me er alles bij voorstellen.
Vorige week belde mijn man me en meldde: “Ik heb een niet zo mooi bericht”
Een schok van m`n kruin tot het puntje van m`n tenen.
“Eén van m`n kinderen”was m`n eerste gedachte.
Bleek er een verre kennis overleden. Oók erg voor die mensen. Maar de manier waarop ik op het verkeerde been gezet werd vond ik verschrikkelijk.
Maar goed, de buurman kon er in jouw geval niets aan doen dat jij in de file stond en hij ook niet wist hoe het verloop was.

liefs
Sally

Li · 17 augustus 2005 op 22:38

En zo is de cirkel rond.
Geweldig geschreven.De spanning benam me de adem en bezorgde me hartkloppingen. En dat terwijl ik al wist hoe het af zou lopen.
Knap hoor! En inderdaad de allerbeste van de drie. Maar deze is dan ook vanuit je eigen beleving geschreven. 😉

Li

Louise · 18 augustus 2005 op 07:56

Mooi Bert! Deze greep me het meeste van de drie. Waarschijnlijk omdat bij dit stuk het duidelijkste was van waaruit er was geschreven. Vanuit jouzelf dus.
Emoties mooi gedoseerd weergegeven.

Dees · 18 augustus 2005 op 09:19

Nu heb ik ze alledrie gelezen. In omgekeerde volgorde en dat was ook geen verkeerde volgorde. Indringend, die belevingen van verschillende perspectieven, allemaal met eigen angsten en reacties. Knap gedaan. Hebben je vrouw en zoon nou ook deelgenomen aan het schrijven? Dat vroeg ik me nog wel af. Hoe dan ook, knappe serie.

bert · 18 augustus 2005 op 09:31

@Dees
[quote]Hebben je vrouw en zoon nou ook deelgenomen aan het schrijven? Dat vroeg ik me nog wel af.[/quote]
Hoi Dees, ontzettend fijn dat jij ook op deze serie wilt reageren.
Uiteraard heb ik ook de afgelopen weken, voor, tijdens, en na het schrijven van deze 3 columns, veel gesproken met alle gezinsleden om hun eigen gevoelens van toen boven water te krijgen. Het was ook goed voor iedereen om hieraan mee te werken.
Het schrijven van de columns heb ik uiteindelijk zelf gedaan waarbij ik bij al mijn columns tot nu toe veel hulp ondervind van onze dochter Femke. Zij heeft veel kijk op taal en vindt het telkens weer ontzettend leuk om de puntjes op de i te zetten als ik denk dat ik weer iets moois geschreven heb. Mijn dank hiervoor.

Groeten, Bert

bert · 18 augustus 2005 op 23:38

Ook voor de reacties op deze laatste van de drie Doodsangst columns wil ik jullie allemaal heel hartelijk bedanken.
Ik vond het zelf heel fijn en leerzaam om deze 3 columns op papier te zetten en ben wel heel erg blij dat ze zo enorm gewaardeerd zijn, in ieder geval door iedereen die gereageerd heeft.
Morgen gaan we heerlijk een week met het hele gezin naar een huisje in Limburg. Begin september ben ik er weer met een nieuwe column. 🙂 🙂 🙂

Pebby · 19 augustus 2005 op 11:05

Ik heb enkel één woord voor je Bert:

Kippevel.

Alles is al gezegd. 😉

Geef een antwoord