Het werk blijft liggen. Op zijn rug. Het heeft er vandaag geen zin in. Het werk komt vandaag niet uit bed. Waarom zou het? Voor wie?
“Opstaan!”, wordt er van beneden geroepen. Het werk draait zich nog eens rustig om. Het is maandag, de week moet nog beginnen. Maar niet voor het werk. Het werk wil niet meer werken. Gewoon omdat het niet werkt. Het komt sowieso nooit af, dat werk. Lui werk is het en het levert nauwelijks iets op. Het kost alleen maar geld.

“Opstaan!”, wordt er weer van beneden geroepen. Het werk draait zich op zijn zij en stapelt zijn stroeve wervels een voor een op de juiste plek. De rug moet warm gehouden worden. Vooral tussen de wervels. Ook al hoeft het vandaag niet te werken, een soepele rug is erg belangrijk. Op iedere leeftijd is dat belangrijk. Het werk voelt zich best oud. Het heeft al een lange staat van dienst. Menig jubileum is al gevierd. Bij diverse werknemers. Maar dat was nog in de goede oude tijd, toen het werk nog als zoete broodjes werd weggegeven.

Helaas is dat in de huidige tijd niet meer het geval. Het wordt niet snel meer weggegeven. En de lieden die nog werk hebben, houden het krampachtig vast. Wat als de nemers het werk in de steek zouden laten? Dat zou onoverkomelijk zijn voor het werk. Nee, werklieden behouden het werk daar waar nodig. Ook al worden ze er zelf soms liederlijk van. Het is voor velen al lang geen hobby meer. Eerder noodzakelijk kwaad. Dat is ook precies wat het werk kwaad maakt. Werk dat niet gewerkt wil worden. Zo zonde.

Het enige werk dat niet blijft liggen is het overbodig werk. Maar dat overbodig werk wordt wel langzaam schaars. Het is er nauwelijks meer. Bijna volledig opgesoupeerd door vrijwilligers. Die werken vrijwillig het werk voor velen de deur uit. Ja, ja, u leest het goed. Zelfs overbodig werk wordt vrijwillig de deur uitgewerkt. Vrijwillige koesteren en waken over moeizaam verworven werk. Het zijn de nieuwe broodwerkers, broodnodig zoekend naar zingeving. Hongerig naar arbeid. Pathos volgt ethos. Er wordt niet langer uit de neus gegeten. Dat verdraagt het werk ook niet. Het neuseten. Waarschijnlijk verdwijnt de uitdrukking nog aan het eind van dit jaar uit de Dikke van Dale. Snotverdomme, waar blijft dan de groene romantiek?

“Opstaan, je hebt nog een kwartier!”, de toon van de oproep is wat feller geworden.
Het werk springt toch maar uit zijn bed. Wast zich, poetst de tanden, kleedt zich aan, eet wat. Er gaan vier boterhammen in. De boterhammentrommel blijft thuis. Het werk smaakt nauwelijks naar meer. Al heel lang niet meer. Met of zonder potentieel. Droef. Het is niet anders. Het werk klokt en logt thuis in. Met username ‘workaholic’. Maar wat was nu ook alweer het wachtwoord? Wachtgeld? Nee. Zakgeld? Nee. Toch maar even opnieuw opvragen. Marktplaats.nl vormt vooralsnog het enige platform waar werk te vinden is. In sommige gevallen zelfs gratis op te halen.

Categorieën: Actualiteiten

Mien

Bewonder luidruchtig en verwonder in stilte

23 reacties

arta · 16 september 2014 op 13:53

Origineel weer 😀

Een echte actualiteit vind ik het dan weer niet…

evil-ine · 16 september 2014 op 13:58

Leuk zoals je een reincarnatie van Werk beschrijft. Sleurtechnisch verantwoord weergegeven. Doet me denken aan een van mijn favo nummers.

http://www.youtube.com/watch?v=huOtZVPxzT8

Frans · 16 september 2014 op 14:06

Mij doet het aan het volgende liedje denken. Een klassieker, dat dan weer wel.

http://www.youtube.com/watch?v=xUQdSVBYR2A

    Mien · 17 september 2014 op 15:07

    Het werk dat naar zijn baas gaat, met vertraging. Leuk. Bedankt voor jouw reactie.

Ferrara · 16 september 2014 op 14:35

Mien, je hebt er weer veel werk van gemaakt.

Suus · 16 september 2014 op 17:01

Realiteit vrees ik. Mijn werk sterft ook uit…

    Mien · 17 september 2014 op 15:08

    Gaan we toch lekker met z’n allen ZZPen … 😉
    Crisis noopt tot creatieve oplossingen …

Pierken · 16 september 2014 op 23:05

Word je nou zelf nooit eens moe van al jouw kolderieke woordgrapjes en samenstellingskunstjes? Ik wel, Mien. Jouw columns zijn wat mij betreft te vaak gericht op geforceerd grappig willen zijn. Tegen het pijnlijke aan.

    Mien · 16 september 2014 op 23:43

    Waarom lees je ze dan …? Dat begrijp ik niet! Ik zie je niet vaak reageren op CX, maar wel hier kiften …? Het ontgaat me, sorry … 🙁

Pierken · 17 september 2014 op 00:25

Ach, je hoopt.
Voor jouw statistieken: Ik reageer m.i. evenveel als de gemiddelde actieve schrijver op CX. En kift wordt met name gevoed door jaloezie. Ik zou niet weten waar ik jaloers op zou moeten zijn als ik dit lees. Soms sijpel je door met iets dat levensvatbaar is, waarna je het dan toch weer dood schrijft met woordprut. Jouw uitgangspunt blijft doorgaans knutselen. Maar, hé, trek het je niet zo zwaar aan, het is maar een mening.

    Mien · 17 september 2014 op 15:01

    Je hebt je punt gemaakt … Dat is zeker. Ik spreek niet van jaloezie. Het schrijven is mij veel te lief. Jij noemt het prutsen en knutselen. So be it. Let it be. Evengoed bedankt voor jouw openhartigheid bij dit reageren.

    Suma · 27 september 2014 op 17:16

    Nouhuh, deze reactie vind ik een beetje respectloos. :-((

Frans · 17 september 2014 op 00:57

We schrijven allemaal gewoon zoals we kunnen, willen of weet ik veel, maar om daar nu virtueel ruzie over te gaan maken. Kom op zeg.

    Mien · 17 september 2014 op 15:03

    Ik zie het niet als ruzie, maar als woordenwissel. Ruzie is iets voor kinderen. Wij zijn hier volwassen. In de schrijverij gaat het dan af en toe met rauwe randjes. Dat mag wat mij betreft.

      Pierken · 17 september 2014 op 16:15

      Graag wil ik mijn reactie(s) nuanceren, want ik begrijp Frans zijn opmerking wel. Dat je kunt schrijven, Mien, bewijs je met stukken als ‘Stilleven (2)’ en de serie over Kees. Die (goeie) kwaliteit valt voor mij weg tegen de kwantiteit van het woordlijmen. In de tussentijd krijg je een kruiwagen vol goed onderbouwd commentaar aangereikt, waarvan ik het doodzonde vind dat je daar niks, dan wel veel te weinig, mee doet.

      Uiteraard is en blijft het aan jou om dat van je af te laten glijden en maak je zelf uit wat je schrijft. Je staat er alleen regelmatig 4x mee op de voorpagina, daar waar ik dan hoop op één van eerder genoemde goeie kwaliteit.

        Mien · 18 september 2014 op 10:40

        Ik denk dat je beter van te voren kunt nuanceren. Maar dat terzijde. Je punt is wederom duidelijk. Dank voor ook het compliment tussendoor. Een kruiwagen vol onderbouwd commentaar noem ik overdreven. Meestal gaat het commentaar dezelfde richting uit. Daarin blijf ik zoeken. Woordrijmen woordknutselen, woordspelen … of hoe het dan ook genoemd mag worden blijf ik doen. Het een hoeft het ander niet uit te sluiten. Jij mag overigens ook vaker inzenden wat mij betreft. Ik lees je nog steeds graag. Hrt hieft niet allemaal perfect te zijn. Zolang je maar plezier hebt in het schrijven, toch?

          Mien · 18 september 2014 op 10:44

          Op een of andere manier kan ik mijn commentaar niet meteen editen. Hrt moet het zijn. Tussen woordrijmen en woordknutselen moet een komma.

          O ja, nog vergeten te melden, ik ben nog steeds in de leer. Waarschijnlijk een leven lang. Voor mij is het schrijven dan ook een oefening. Oefeningen die overigens best vaak gelezen worden. Dat is dan weer mooi meegenomen. Blijf vooral feedback geven, want ook daarvan word ik en waarschijnlijk anderen ook wijzer.

          Pierken · 18 september 2014 op 13:29

          Het gebeurt me niet vaak, maar zag eergisteren voor het slapen gaan dat ik eerder die avond het ook jou welbekende elixer was vergeten. Op ruim 34 gaat dan de zaag op tafel. Dus ja, beter vooraf nuanceren.

          Alhoewel dat ook paradoxaal aanvoelt, want over het algemeen verbaas ik mij over hoe je voor genuanceerde tips, m.b.t. de kern van jouw schrijven, wegduikt. Je wordt, daar waar van toepassing, gewezen op dat er geen verhaal in jouw verhaal zit. Of dat er andersom een verhaal in een verhaal verstopt zit dat alleen voor jou te begrijpen is. Als je dan toch leert, vraag je dan eens af of woordentrucs dan wel onoplosbare cryptogrammen hele columns kunnen dragen. Of dat de lezer iedere keer de moeite wil nemen om te schakelen naar een versnelling waarin hij/zij een ongemakkelijk aantal toeren moet draaien. Voor de afwisseling denk ik, zeker, maar niet voor nagenoeg continu.

          Het klinkt wellicht afwijkend, maar ik luister graag naar atonale muziek. Een heel concert daarvan is mij echter teveel. Nu heb jij een goed gestemde viool in een koffertje zitten, daar heb je op gespeeld. Trap dat ding eens af zou ik zeggen. Schoffeer het paardenhaar. Die dingen gaan langer mee dan jij!

          Dank voor de uitnodiging en de waardering, maar columns schrijven staat momenteel even niet op de eerste plaats. Daarin zie ik grappig genoeg een patroon door de afgelopen jaren heen. Het komt wanneer het komt.

Mien · 21 september 2014 op 15:45

@Pierken (18 september 2014 om 13:29):
Ik ben het gedeeltelijk eens met jouw betoog. Dat er geen verhaal in mijn verhaal zit daar ben ik het niet mee eens. Dat het niet altijd begrepen wordt daar kan ik niets aan doen. Je kan altijd uitleg vragen. Ik start vaak intuïtief met schrijven. Daar stop ik dan een stuk van mezelf in. Daarnaast vind ik het prettig om met taal te spelen. Wat er tussen de regels door te lezen valt laat ik graag aan de lezer. Tijdens het schrijven denk ik daar overigens niet aan. Loslaten heet dat. Misschien dat deze uitleg wat meer verduidelijkt over mijn schrijven. Wanneer de tijd weer rijp is lees ik je graag.

P.s. Vanochtend bij Vrije geluiden een bijzondere uitvoering gezien van een stuk van Steve Reich, door een Nederlandse gitarist die 4 uur lange uitvoering deed op het festival ‘Into the great open’ op Vlieland. Een aanrader om even terug te zien. 😉

    Mien · 21 september 2014 op 23:20

    Het festival heet [url=http://nl.m.wikipedia.org/wiki/Into_the_Great_Wide_Open_(festival)#Geschiedenis]’Into the great wide open’.[/url]

Geef een reactie

Avatar plaatshouder