Met een uitmuntende steekpass liet ik mijn makker Basjan vrij lopen en hij schoot de bal ongenadig hard in de kruising van het doel. Ik kreeg de tranen in mijn ogen van de prachtige steekpass die ik gaf. Het was een zwoele zomeravond en ik was heerlijk aan het voetballen met mijn maten. De zomervakantie was net begonnen en er stonden ons nog veel prachtige avonturen te wachten.

Tot ik ineens werd opgebeld door mijn moeder. ‘Zeg, Nick. Dat bedrijf heeft gebeld. Je bent aangenomen.’ Dit bericht kwam aan als een bom van een Heinkel vliegtuig op een weeshuis in London ten tijde van de slag om Engeland. ‘Zeg maar dat ik ervan af zie,’ poogde ik nog. ‘Nee, nee, nee!’ zei mijn moeder. ‘Je gaat met je luie reet maar eens een keer aan het werk, in plaats van de hele zomervakantie uit je neus vreten als één of andere melaatse. Je participeert maar eens in onze mooie maatschappij!’ – Ik hing de telefoon op. Mijn vrienden keken me vol ongeloof aan. ‘Ze hebben me te pakken, jongens. Ik moet de Matrix in.’ Zwijgend liep ik naar huis.

De introductie

‘Dus het is als volgt,’ zei mijn Manager. ‘Je krijgt constant telefoontjes binnen van mensen die problemen hebben met hun internet, televisie of wat dan ook. Het doel is om mensen zo goed en vriendelijk mogelijk te helpen, maar het mag ook weer niet te lang duren, want anders komt er stagnatie in het klantenservice-verloop. Nog vragen?’ – Waarom heb je zo’n pathetische nepgrijns op je bek, Vieze Engnek? Dacht ik bij mezelf. ‘Nee, geen vragen. Heb er zin in!’ – ‘Mooi,’ zei mijn Manager. ‘De eerste dag gaan we vijf gesprekken van je monitoren, zodat we je van feedback kunnen voorzien.’

Het eerste gesprek

Telefoon: Tring Tring
Ik: ‘Hallo met Nick!’
Hulpbehoevend individu: ‘Hoi, met Rob. Mijn internet doet het niet. Weet u wat er aan de hand is?
Ik: ‘Wat vervelend, ik denk dat u verkeerd bent verbonden. Op internet staat informatie waar u wijzer van wordt. Houdoe!
Telefoon: Tutututu

‘Zo,’ zei ik trots tegen de Manager! ‘Was dat snel genoeg?’ – De Manager keek verongelijkt. ‘Neen, neen, neen! Dat is niet de bedoeling. Je moet weliswaar snel helpen, maar de klanten wel van juiste informatie voorzien!’ – ‘O,’ zei ik.

Het tweede gesprek

Telefoon: Tring Tring Tring Tring Tring Tring
Ik: ‘Ja, ja, rustig!’
Hulpbehoevend individu: ‘Pardon?’
Ik: ‘Oh sorry, ik had het tegen de telefoon. Niet tegen u. Waarmee kan ik u van dienst zijn?’
Hulpbehoevend individu: ‘Mijn internet valt om de vijf minuten uit. Ik ben helemaal overstuur, wat moet ik doen?’
Ik: ‘Kalm blijven.’
Hulpbehoevend individu: Nee, ik moet dat internet goed hebben voor mijn werk, Godverdomme!
Ik: ‘Ben je al kalm?’
Hulpbehoevend individu: ‘Nee!’
Ik: ‘Oké, bel maar terug wanneer je kalm bent.’
Telefoon: Tu tu tu

‘Kan die persoon geblokkeerd worden? Ik wens niet op deze manier behandeld te worden!’- ‘Neen, neen, neen,’ zei de Manager. ‘Ook mensen die enigszins gepikeerd zijn moeten op een fatsoenlijke manier worden geholpen! Je mag ook wel iets minder serieus zijn, maak het gesprek een beetje losjes met wat humor. Dan zijn mensen al snel rustig!’

Het derde gesprek

Telefoon: Tring, Tring,
Ik: ‘Met Nick, laat me raden. Problemen met uw internet?’
Hulpbehoevend individu: Ja, hoe wist u dat?
Ik: ‘Omdat die mensen naar mij worden doorverbonden, ik ben een groot expert op dat gebied!’
Hulpbehoevend individu: ‘Nou, mijn internet werkt al een paar uur niet. En mijn vrouw is terminaal en die verveeld zich nu heel erg.’
Ik: ‘Vervelend, hebben jullie geen legpuzzel in huis?’
Hulpbehoevend individu: ‘Het internet moet het gewoon weer doen.’
Ik: ‘Waarom? Uw vrouw gaat toch dood, haha!
Hulpbehoevend individu: Wat een taal! Ik ga een klacht indienen, de groeten!
Telefoon: Tu tu tu

‘Neen, neen, neen,’ zei de Manager weer. ‘Godverdomme,’ zei ik woedend. ‘Wat is er nu weer aan de hand? Je zei dat ik humor moest gebruiken. Nu doe ik dat en is het weer niet goed.’ – ‘Dat is geen humor, maar beledigend!’ zei de Manager snedig. Wie ben jij om mij vertellen wat humor is, smerige kwal, dacht ik bij mezelf. ‘Smaken verschillen,’ zei ik. ‘Probeer nou gewoon iemand op een normale manier te helpen bij het volgende gesprek,’ gaf de Manager als advies.

Het vierde gesprek

Telefoon: Tring, Tring, Tring, Tring, Tring, Tring, Tring, Tring
Manager: Nick, kom van die wc af. Er belt iemand!
Telefoon: Tring, Tring, Tring, Tring, Tring
Ik: Ja, hallo. Met Nick
Hulpbehoevend individu: Ja, waarom duurde dat zo lang?
Ik: Ja, sorry ik was bruine vlinders aan het poepen op het sanitair.
Hulpbehoevend individu: Ah, ja dat moet ook gebeuren, hé.
Ik: Ja, precies. Maar tot zover de small-talk. Wat is je probleem en hoe kan ik dit voor je oplossen!
Hulpbehoevend individu: Ik kamp al tijden met doodsangsten. Hoe meer ik lees over de existentialistische filosofie van Camus en de zinloosheid van ons bestaan, hoe meer neiging ik krijg tot zelfmoord. Terwijl het juist andersom zou moeten zijn lijkt me?
Ik: Nou ja, in principe help ik mensen met hun internetproblemen. Maar ik denk dat je de existentialistische leer niet volledig hebt begrepen, dus ik zal het even uitleggen voor dummies. Het houdt simpelweg in dat je zingeving moet vinden binnen de ingekaderde zinloosheid van het bestaan. Klinkt paradoxaal, maar als je er meer over leest, is het eigenlijk best logisch. Bij die zingeving hoef jij je overigens niet te laten opdringen door wat de maatschappij denkt dat zinvol voor je is. Wat voor iemand anders gelukzaligheid brengt, kan voor jou juist zeer deprimerend zijn. Zo is mij nu maatschappelijk opgedrongen om op de klantenservice te werken, terwijl ik liever gewoon wil voetballen. Maar goed, ik kan hier uren over doorgaan. Voor meer informatie hieromtrent raad ik je het boek De mythe van Sisyphus van Camus aan.
Hulpbehoevende individu: O, ik dacht dat ik met de zelfmoordlijn belde, maar bedankt voor je advies! Hier heb ik wat aan!
Ik: Joe Joe!

‘Kijk,’ zei ik trots tegen de Manager. ‘Ik heb iemand geholpen!’- ‘Neen, neen, neen,’ zei de Manager weer. ‘Die man was verkeerd verbonden en het had geen betrekking op de taken waarvoor je bent aangenomen.’ Ik had zin om Gestapo-marteltechnieken toe te passen op zijn smerige bek.

Het vijfde gesprek

Telefoon: Tring, Tring, Tring
Ik: Ja, hallo met Nick. Hoe kan ik u van dienst zijn?
Manager: Je Manager hier. Je bent ontslagen!
Ik: Huh, ik zie je zitten. Waarom vertel je dit niet in mijn gezicht?
Manager: Is een policy in ons bedrijf. Emotioneel is het zwaar voor mij om mensen te ontslaan, dus gebruiken we deze techniek, zodat ik emotioneel stabiel blijf en me kan blijven inzetten voor het bedrijf.
Ik: Ah, een beetje zoals Heinrich Himmler, nadat hij getuige was geweest van een massa-executie middels vuurwapens, besloot dat er een humanere manier moest zijn om de psychologische last van zijn paramilitaire doodeskaders te verlichten?
Manger: Wegwezen!

Slotakkoord

Nog dezelfde avond liep ik fluitend naar het voetbalveld. Ik werd met luid applaus ontvangen. ‘Hij is terug uit de Matrix!’ riep men vrolijk in koor. Die avond trapte ik vier ballen in de kruising.

Categorieën: Algemeen

0 reacties

Geef een antwoord