Diz iz e never ending fairy tale. Rood down in e very diffikult lengwitch. Watch out, zit bek en verbaas yourself. Its abaut strange piepel det lif in a dak forrest. Wie wil miet piepel with strange hebbits. Hebbits det wil emees you. Lets go. In to the wild woed. Fasten jor sietballs. The first stranger we wil met is a Flierefluiter hoe goes als een Tierelier. Hou hie does that? You won’t no. He lifs toegetter wit a Gelaarsde honey. She never gets wet viet. Det is e grait voordeel in a land wit muts rain.
Diep, diep, heel diep in de forrest lifs anotter strange krietjer. He has a funny name: ‘Oncetherewas …’. Mind de three dots. When you concur anotter krietjer wit two dots, den walk keihard away. He eats you rauw. Both krietjers ar born in a fentesieland. I found de naam of de kontrie bij accident. Its kold Serendipity. Ik heb dat geread in a paars boekske. Een boekske dat is geschreven door een geenalcohool, genaamd Pikantje. Pikant schreef naast geschiedenisboeken en geenalcohol vooral over nestgeur. It’s a kind syndroom. Net als een sprookje. Op dit moment rait awee is Pikantje stil raiting. He raits abaut e nieuw hebbit. Somting abaut Weekupfukking. Je ken er aan verslaafd raken. maar not in diz never ending fairy tale. It’s too exhausting.
Nau let op. We come at a river. To kros the river we niet a pont. Happilie ter ar alwais ponten to find in a Fairy tale wood. But de pont we found is wel a heel speciaal. This Fairy tale ferrie ken tok. He tells joe de wai to neverland. Ferry hendig. en het is een very speciaal pont. De pont loeks ferrie muts op een kroessgip. En de reis wie teek is ferrie sprookjeskroes alaik. Aan boord is muts enterteenment. Ter is a men kold Thymen hoe is a real player. Hie plees de benjo. He is so good det he makes wimmanboebs wit his music fiel laik mandarines. Just perfect. But watsj out for tis men. He ken make you dizzy with his muziek. En ten joe sea spoken. Very tall tale spoken. Hide from them. Wen joe sie tem its toe leed. Met toe leed joe better wair de rait sjoes. Ai niet only to tel joe the story of het mannetje Bergmans. He tried to talk his way out wen he concurd a taleghost. But eenfortjoeneet hie hadn’t enuf monnie. And we all know. Monnie, monnie, meeks …
And djoe toe de monnie, we kontinjoe in keeping on telling and raiting tis sprookje. Tis never ending fairy tale. Het sprookje CX will never end en zo we step in toe the night. Surtsjing, surtsjing, windsurtsjing.

5 reacties
Mien · 31 mei 2014 op 23:56
Deze is geschreven door:
[img]http://www.how-to-draw-funny-cartoons.com/image-files/cartoon-worm-7.gif[/img]
Pierken · 1 juni 2014 op 00:30
Waailt ges; dit resumé zou zomaar geschreven kunnen zijn door de assistente van dokter Van der Ploeg.
Nachtzuster · 1 juni 2014 op 01:19
Ferry nijs deze :-). Ik denk zomaar Mien. Vraag mij niet waarom 😉
troubadour · 1 juni 2014 op 06:10
Wat heerlijk toch, raden maar. Het valt me toch zo ontzettend op dat we niet eens de moeite nemen om een inhoudelijke beoordeling te geven over het themawerk.
Deze bijvoorbeeld is bijna leuk, een misleiding dus, Pierken stelt zich wel meer voor van zijn werk, dan om alleen leuk te willen zijn.
Ik houd het op een duocolumn van N. en P.
Mien · 2 juni 2014 op 18:28
Helemaal goed Nachtzuster en Pierken. Deze heb ik geschreven. Heb even gewacht met bekendmaken maar begrijp nu dat er vanaf 2 juni ook niet meer geraden zal worden.