Daar, daar, daar ligt een grote lange stok. O snel Chrisje, pak hem voor mij. Ik heb het zo koud. De ijsblokjes staan bijna tot aan mijn lippen. Snel, snel. Ik ben dan misschien wel koelbloedig. Maar straks stolt mijn bloed. Ik mag absoluut geen bloedpegels krijgen. [i]Chrisje is helemaal beduusd van het voorval en ziet hoe Smiecht de bibber krijgt. Hij bibbert zo hard dat zijn grote flaporen hard op het ijs slaan. Het maakt een schel geluid. Alsof iemand met bekkens slaat. Het tafereel is best wel komisch. Chrisje schiet dan ook keihard in de lach. Een dubbele lach. Want ze lacht ook van de zenuwen. Haar lachsalvo’s reiken tot in de verre omtrek en blijven niet onopgemerkt. Zo ook het bekkengekletter van Smiecht. Een stukje verder in het bos worden de geluiden al gauw opgemerkt door mams.[/i]

Wat zijn dat voor vreemde geluiden? Deksels, wat een maf kabaal. Hee, en dan die lachsalvo’s erachter. Daar loopt iemand in het bos keihard te balken. Maar … maar … maar … ik herken die lach. De … de … de … dat … dat is de lach van mijn Chrisje. Ia, ia, iaaaa … dat kan niet missen. Chrisje! Chrisje! Chrisje!. Waar ben je? Meissie, meissie … ik ben in de buurt!

[i]Al snel heeft Chrisje haar zenuwen onder bedwang en schat ze de ernst van de situatie op juiste waarde in. Sterker nog. Ze handelt er ook naar. Heel bijzonder voor een meissie van amper zes. Ze weet uit recente eigen ervaring dat watertrappelen erg vermoeiend kan zijn. Vlug pakt ze de lange grote stok en schuift hem richting Smiecht. Hopelijk heeft ze voldoende kracht om hem aan wal te trekken. Met bibberende handjes pakt Smiecht de stok vast en probeert via de stok uit het water te klimmen. Intussen zoekt mams verder naar haar meissie.[/i]

Waarom moet mijn meissie toch zo lachen? Heeft ze plezier? Dat kan toch niet. Ze is verdwaald. Net als ik. Nee … nee … nee … ze lacht niet voor haar plezier. Ze lacht van de zenuwen. Ja … ja … ik hoor het aan haar laatste iaaaa. Verdomme … die ging door merg en been. Niet echt handig nu, met die soepbenen van mij. Wat is er toch aan de hand met mijn meissie. Vlug, vlug … ik moet de sesamzaden volgen. Ze moet hier vlak in de buurt zijn. Chrisje! Chrisje! Ik kom eraan.

[i]Voorzichtig probeert Smiecht het ijs op te klimmen. Maar dat lukt niet echt. Chrisje heeft niet voldoende kracht om de stok met het gewicht van Smiecht naar zich toe te trekken. Tot haar spijt moet ze loslaten. Op het gezicht van Smiecht verschijnt lichte paniek. Zijn oren beginnen steeds harder te flapperen van de kou. Met een bijkomend voordeel. Het breekt het ijs rondom hem heen in kleine stukjes. Tot op circa drie meter van de wal. Daar is het ijs te dik. Wat nu?[/i]

Categorieën: Fictie

Harrie

Tijdreiziger

7 reacties

Nachtzuster · 19 februari 2013 op 15:33

Elke keer weer ben ik verheugd jou te lezen, Harrie. Met name in het vervolgverhaal. Meesterlijke woordspelingen! 😀

arta · 20 februari 2013 op 11:44

Drie verhaallijnen door elkaar en het blijft overzichtelijk en vermakelijk!

Harrie · 20 februari 2013 op 13:29

Ja, ja, ik weet het, er zit behoorlijk wat speling op mijn woorden. Zolang de rek er maar inblijft komt alles goed, toch? Dank voor het compliment. Groetjes, Harrietje.

Harrie · 20 februari 2013 op 13:31

Hee Arte en dan zomaar vier keer een ij in één zin gebruiken. Dat vind ik pas knap. Om over het aantal e’s nog maar te zwijgen. Dank voor het compliment. Groet, Harrietje.

Sagita · 21 februari 2013 op 12:10

Ik heb het er koud van gekregen. Hoe moet dat nu met Smiecht?
Groet Sa!

Harrie · 21 februari 2013 op 13:24

Sa ge weet het ooit nooit maar het komt goed.

Harrie · 3 april 2013 op 17:14

Vervolgverhaal: Aflevering 5 van 20

Afleveringen 1 t/m 20 > https://www.columnx.nl/author/Harrie/

Zie alle columns onder de categorie Fictie.

Te beginnen vanaf ‘Lost’.

Geef een reactie

Avatar plaatshouder