Jaren geleden zat ik met een culinair clubje ergens wat te wokken. Ons gesprek ging over het luisteren naar muziek en zelf muziek maken. Een van de culinarie speelde al jaren als gitarist in een band en een ander van de club vroeg zich af, of hij ons geen gitaarles wilde geven? We maakten een deal en zo zaten we de eerstvolgende maandagavond al bij hem op les, vier aspirant gitaristen in de dop. En zo ging het een tijdje; elke maandagavond zaten we trouw bij iemand van de club thuis te jammen, te zuipen en te palaveren, over muziek en andere relevante zaken. Maar alras werd het clubje kleiner, de een na de ander viel af; geen tijd, geen aanleg, te dikke vingers. Maar ik ging door, en zelfs optredens volgden, tijdens feestjes en partijen. Na een van die optredens stond er daags naderhand een dame bij mij op de stoep. Haar koor zocht een gitarist en of ik als muzikaal begeleider wilde intreden? Daardoor kwam mijn muzikale ontwikkeling in een stroomversnelling. Elke week werd er gerepeteerd en ik oefende me de blisters on my fingers om het repertoire van die club onder de knie te krijgen.

Van het een kwam het ander. Een kennis bezorgde mij een oude mandoline, die voor geen meter stemde. Ik ging op zoek naar een instrumentenbouwer om het ding te laten nakijken. De bouwer gaf al meteen aan dat het ding niet voor reparatie in aanmerking kwam, maar wel had hij juist een mooie mandoline in de aanbieding. Die kon ik niet laten staan. Als huiswerk kreeg ik van hem een partij cd’s mee naar huis vol met bluegrass repertoire. Veel mandoline en banjo werk. The Cox Family, Earl Scruggs, Lynn Morris, Bill Keith. Allemaal artiesten die op ‘Rounder Records’ uitkwamen, een label gespecialiseerd in bluegrass. Daarbij zat ook een schijfje van ene Alison Krauss, met daarop prachtige vocalen en vingervlug mandoline en banjospel. Dat was kicken! Ik was verkocht. Een indrukwekkend artieste die Alison, die trouwens niet bang was om buiten het geijkte bluegrass pad te treden, getuige haar samenwerking met Led Zeppelin voorman Robert Plant. Vele prijzen sleepte ze in de wacht, zoals voor haar medewerking aan de soundtrack voor de film O Brother, where art thou? In de daaropvolgende jaren kocht ik zelf een banjo, een citer, een ukelele, zelfs een kruising tussen een banjo en een mandoline! Bovendien leerde ik mezelf mondharmonica spelen. De instrumentenbouwer zag mij graag komen.

Dat is al weer enkele jaren geleden. Het enthousiasme van die jaren is inmiddels weer weggeëbd en het instrumentarium uitgedund. Maar de liefde voor de bluegrass is gebleven en zeker voor Alison. Want bluegrass en Alison: een perfecte match!

Eerder verschenen in G. van Stipdonk’s Thank you for the Music:

25-01-2015 Shemametew (Mikaya Behailu)

02-02-2015 Naturally (J.J. Cale)

17-02-2015 Bridge over Troubled Water (Simon & Garfunkel)

24-02-2015 Pat Garrett & Billy the Kid (Bob Dylan)

24-03-2015 Madame Butterfly (G.Puccini)

30-03-2015 Captain Fantastic (Elton John)

19-07-2015 Cosmo’s factory (C.C.R.)

06-10-2015 Vroeger of later (Robert Long)

13-01-2016 Long may you run (Stills-Young band)

25-08-2016 Rumours (Fleetwood Mac)

06-09-2016 After the storm (Chris Ledoux)

24-04-2017 J.C. Superstar (A.L. Webber – T. Rice)

11-12-2017 The Weavers’ answer (Family)

15-02-2019 Happy together again (The Turtles)

29-07-2019 Songs in the key of life (Stevie Wonder)

Categorieën: Algemeen

G.van Stipdonk

Gerard van Stipdonk. Mijn motto: Wie schrijft die blijft.

6 reacties

Mien · 13 mei 2020 op 23:08

Waar ik aan denk?
Tim op zijn Knol.
Mooi stukje Stip.

    G.van Stipdonk · 14 mei 2020 op 16:42

    What’s in a name. Dankjewel voor deze stipnotering.

Nummer 22 · 14 mei 2020 op 07:39

Waar ik aan denk? Stel dat de kleur van gras blauw is? Zou dan deze music wellicht ‘ Nobody is afraid for Green, Blue and Red’ worden herinnerd en in de woorden van Tom Jones maar dan anders ‘ The blue blue grass of home’ een hit werd in de vorige eeuw en er nu dames en willicht ook heren zijn die hun slip, onderbroek op het podium gooiden tijdens een optreden van nu Sir Tom Jones in the Blue Moskee, op het Rode Plein, in het Witte Huis, in Zwartewater, in Oranjestad, in Groenekan en Geel (B) Dit zijn nu mijn ochtend gedachten! Goedemorgen Gerard! Chapeau en helder gedeeld met ons!

    G.van Stipdonk · 14 mei 2020 op 16:43

    De naam komt van Kentucky: de “Bluegrass State”, naar het Kentucky bluegrass , een grassoort die daar, naar het schijnt, veel voorkomt. Heb ik van horen zeggen, maar pin me d’r niet op vast. En good old Tom Jones, wordt op 7 juni a.s. 80, heb ik van horen zeggen. Het gras is altijd groener bij ons thuis, hoor het hem nog zingen. Dankjewel voor deze openhartige ochtend gedachten.

van Gellekom · 15 mei 2020 op 13:05

Alison Krauss. Ja, dan heb je het niet over Sienneke.

Geef een reactie