Kabouter Sipje was op een dag een beetje somber, hij was sipper dan op andere dagen. Hij nam zijn padden-stoeltje erbij en ging voor de spiegel zitten. Hij praatte wat tegen de kabouter aan de overkant maar werd er niet bepaald vrolijker van.
Eigenlijk had hij alles wat hij wilde; een goeie job als vertegenwoordiger van witte stippen, een liefdevolle familie en een dak boven zijn hoofd. Toch miste hij iets, niet zomaar een hond of een dikke cavia, nee, hij miste de warmte van een vrouw. Hij moest de liefde van zijn leven nog ontmoeten. Zonder haar was hij niet helemaal volledig.
Kabouter Sipje had ooit wel eens een boon gehad voor een zekere Sneeuwwitje maar zijn boontje reikte helaas niet diep genoeg. Ze schoof hem aan de kant voor één of andere lapzwans, ze noemde hem zelfs haar prins. Kabouter Sipje moest toen even door de zure appel heen bijten, … slikken, en er weer tegenaan gaan.
Plots kreeg hij een geniale inval: hij zou zich inschrijven voor een datingsite. Hij grabbelde even door zijn lange baard en googelde op het woord ‘dating’. De eerste vraag die ie voorgeschoteld kreeg, was onmiddellijk een moeilijke: “Omschrijf je droomkaboutervrouw”. Hij dacht zorgvuldig na en typte dan: “Ik zoek er eentje die mij groter maakt,…als kabouter en als mens.” Daarna kwam de vraag wat zijn favoriete bezigheid was. Tja, dat was dan weer een makkelijke: “Eerst een stevige wandeling in het bos om daarna af te zakken naar mijn stamkroeg, in het gezelschap van wat vrienden en een heerlijke Chouffe.”
Het eerste vrouwtje dat reageerde was een kop groter dan hij en droeg geen pinnemuts, … ze was van een ander geloof. De volgende geïnteresseerde was vroeger een man geweest en droeg nog de sporen van een baard, … haar snor bleekte ze af. Bij het derde kaboutervrouwtje gaf ie er de brui aan: haar lievelingsbezigheid was het verzamelen van grijze borsthaartjes.
Op een dag, toen hij al lang niet meer in de liefde geloofde, ging hij wat hout sprokkelen voor in zijn gietijzeren kacheltje. Plots hoorde hij iemand lachen, het was zo’n lach waarbij je spontaan mee begint te giechelen. Hij sloop wat dichterbij, sleurde zijn hout achter zich aan en dan zag hij haar: een wondermooi kaboutervrouwtje met een felrode jurk aan. Haar blonde lokken leken wel van goud en haar tietjes stonden flink rechtop, als twee mandarijntjes, net voldoende voor zijn kleine handjes. Wat was ze mooi! Hij volgde haar ogen om te zien waarom ze lachte. Hij zag twee egeltjes tikkertje verstop spelen maar tijdens het rennen vielen ze telkens over hun korte pootjes. Ze glimlachte opnieuw. Met heel veel lood in de schoenen en een bundeltje hout achter zich aan, stapte hij op haar af. Hij schraapte zijn keel en zei: “Euh, kabouter Sipje, aangenaam.” Zij keek eerst met een nieuwsgierige blik maar antwoordde dan dapper: “Ik heet kabouter Glimlach.” Zodra ze dat zei maakte zijn hart een sprongetje en ook een duikeling of drie. Hij had zijn bruid gevonden, zij zou hem groter maken.

9 reacties
troubadour · 26 mei 2014 op 07:12
Een hele leuke deze! Kan alleen maar Anders zijn, of iemand die in haar huid is gekropen, iemand met mandarijntjes?
Toch hou ik het op haar.
brilmans · 26 mei 2014 op 08:03
Ooit schreef ik het nooituigegeven prentenboek ‘muisje sip’. Het liep hetzelfde af. Leuk verhaal!
g.van stipdonk · 26 mei 2014 op 08:42
Het zou zomaar Anders kunnen zijn. Grappig verhaal.
Nachtzuster · 26 mei 2014 op 19:02
Meer dan schattig, prettig leesbaar sprookje. Ik denk ook aan Anders. Hoewel ik twijfel…
Mien · 27 mei 2014 op 09:00
Deze is geschilderd door:
[img]http://www.winsornewton.com/assets/hints_tips/basic_palette_angle_01.jpg[/img]
Nachtzuster · 31 mei 2014 op 12:08
Ik heb geen idee wie je hiermee bedoelt, Mien?
trawant · 27 mei 2014 op 12:22
Ik denk Arta..mooi sprookje trouwens. Loopt lekker goed af!
Pierken · 31 mei 2014 op 22:12
‘Tikkertje verstop’ spelen ze wellicht voorbij Turnhout. Ik gok ook Anders…
Anders · 1 juni 2014 op 17:18
Bedankt voor de reacties! Inderdaad, ik was het