Het is 31 oktober 2007, ik heb mijn officiële werkkleding – een simpele polo en vreselijk oranje gekleurde (regenjas) –van de Jongerenraad ingeleverd. Ik heb ontslag gekregen na een slecht geschreven boek, zeker op het gebied van grammatica. Maar het had wel effect, alsof een tandarts boort tot de patiënt “auw” roept en na de behandeling zegt nooit meer terug te komen. Ik heb blijkbaar toch een zenuw blootgelegd. Ik wist dat mijn uitlatingen mij de kop konden kosten, en tijdens een trainingsweekend werd via diverse bronnen bevestigd dat dit ook zou gaan gebeuren. Sms was misschien prijzig, maar korte berichten zeiden soms meer dan een brief van 1000 woorden. Maar eigenlijk zat ik er niet zo mee, want ik had toch aangekondigd om te vertrekken per 1 januari 2008. Het was nu alleen vervroegd met 62 dagen! Maar 11 jaar later, als je goed nadenkt, wat heb je dan te vertellen aan het nageslacht? Is het te romantisch of ben je een zure man geworden, die altijd beter weet!

Nadat ik de gemeenteraad mocht aanspreken over plannen om een speeltuin als het ware te beschermen door grote hekwerken kwam ik terecht bij de Jongerenraad. Hoe raar kan het lopen? Ik moet eerlijk zeggen, de eerste vergadering zat ik daar wel met het idee: als ik word gevraagd dan zeg ik “ja”! Zeker als je na 11 jaar terugkijkt, dan proef je als je aan die bewuste avond terugdenkt dat je daar zat om met een grote omweg te solliciteren naar een plekje. Achteraf moet ik mij wel afvragen: wilde ik wat ik de pap te brokkelen hebben of wilde ik een statement maken, dat zelfs met een beperking en weinig scholing zo’n ambt haalbaar is? Ik ben daar nog over aan het aan het twijfelen.

Na de moord op Fortuyn, de opkomst van rechts en populisme voelde ik een drang om in een arena te staan. En ik kwam daar terecht, maar voor mij was het geen hobby, bijbaantje of vak. Het was een manier van leven. De geest is sterk, het lichaam is zwak! Ik ben nog niet goed door de medische molen gehaald, dus ik schommel dagelijks tussen goede en slechte dagen. Maar er brand een vuur in mij! Ik wil wat doen nu ik een plekje heb, en ik heb ook een goede leermeester. Ik ben politiek actief, lid van de lokale PvdA-afdeling met als leermeester oud-wethouder en dan fractievoorzitter de grote lokale sociaaldemocraat Volaard. Ik doe daarnaast ook nog werk bij een poppodium, allemaal op vrijwillige basis. Ook thuis gaat het niet goed, in de zin dat mijn moeders gezondheid slecht is.

Waar gewerkt wordt, zijn er toch groepjes en hokjes. Ikzelf heb moeite om samen te werken met wat ik het conservatieve deel van de raad blijf noemen. Mensen die de noodzaak van sommige veranderingen niet erkennen of zo tegenwerken dat het met een treuzeltempo gaat. Er zijn er ook een paar die neutraal genoemd kunnen worden; zelf zit ik een redelijk links progressief blok. We waren niet allemaal rode rakkers met de illusie dat wij de wereld konden veranderen.

Veel van mijn vrienden uit die tijd komen uit dat blok. We hebben het vaak privé ook over de dingen die ons drijven. Erkenning dat er armoede is onder de jeugd… zijn er genoeg banen straks? De veranderingen in de jeugdzorg, een zwaar en beladen thema, zeker als men daarover formeel ons advies vraagt in de raad. We praten, we denken na zelfs over dingen waar we totaal geen grip op kunnen krijgen. Maar ondertussen leven we wel. Ik merk aan mijzelf dat ik strijdbaar ben en er gebeurde iets binnen in mijn. Een zaadje dat lang sluimert was wordt een kamerplant, een kamerplant die ondanks slechte ondergrond de kracht heeft om net als mijn historisch voorbeeld PvdA-Premier Joop den Uyl de kracht te vinden om ergens voor te gaan ongeacht of dat binnen de tijd past. Dit is ook een wapen! Ik vond het heerlijk om de tijd die men had uitgetrokken te overschrijden. Praten, drammen, tegenspreken, suggesties doen tot iedereen op een punt is van “als we nu dit proberen, of stel maar wat voor!”. Want iedereen wil naar huis. Nog steeds een tactiek die ik graag gebruik, doorgaan tot een ander bereid is de handdoek in de ring te gooien of te vragen om een eindvoorstel.

Ik word ook beloond uiteindelijk, ik krijg een eigen werkgroep omdat er op dat moment iets gaande is. Jongeren snijden zichzelf. Het komt ter sprake en er komt een artikel op de site. En de reacties stromen binnen en daaruit komt mijn kindje, het JSCP (Jongeren Subculturen Project) voort. Van het recht op abortus tot zelfs het bezoeken van een krakerspand om te kunnen meepraten over krakers, we bespreken het en we doen het! Want in die groep zitten voornamelijk idealisten. Niet ieder artikel is een succes en sommige zijn zo geschreven dat ze de lezer dwingen om op het puntje van zijn stoel te blijven lezen, of belangrijker nog: te reageren!

Deel 2 vertelt jullie over de prijs die ik moest betalen voor het ambt en wat een grote wens is!


Tim uut Kwedamme

Ik ben man met een eigen manier van leven, stijl, gevoel voor humor en net als iedereen heb ik soms geluk en soms pech! Ik ben nieuwsgierige en leergierig als het gaat om de wereld rond mijn heen. Mijn leven deel ik tegenwoordig met een prachtige vrouw. Een steun en toeverlaat, die ik blind kan vertrouwen omdat we elkaar hebben leren kennen onder bijzondere omstandigheden. Ik leef in een klein dorpje in Zeeland. Ondanks mijn fysieke beperkingen, dit betekend niet dat ik niet leef. Ik probeer te genieten van elk moment van het leven, ik ben nog altijd een beetje kind gebleven waardoor ik van de kleinste dingen kan blijven genieten. Ik ben iemand die geniet van de bourgondische levensstijl. Ik ben enorme fan van de Griekse keuken, maar ik ben zeker niet vies van de Hollandse pot. Een glasje Samos wijn of een biertje op zijn tijd gaat er ook wel in. Ik leef met het motto “Wat er ook gebeurt, altijd blijven lachen” en dat helpt enorm als je bepaalde dingen gewoon niet kan. Ik ben gek op schrijven, muziek luisteren en goede films kijken.

5 reacties

Mien · 4 november 2018 op 13:41

Waar ik aan denk?
Aan Jopie Popie natuurlijk. Ook mijn held. Dankzij hem mocht ik een keer flink te keer gaan op de Rijksweg. Nu A73. Dat was kicken. De Rijksweg helemaal voor mij alleen. Een handstand heb ik erop gedaan. En een paar koprollen. Gerolschaatst ook. Ik zou het nu niet meer durven, wagen. De maximum snelheid is nu 100, maar toch …

Mien · 4 november 2018 op 13:43

Waar ik aan denk?
Het zou niet misstaan in de ColumX categorie ‘Ego-document’.
Misschien Arta even vragen deze categorie toe te voegen aan jouw column.
Heb je ze straks ook allemaal bij elkaar staan. Wel zo handig.

    Tim uut Kwedamme · 5 november 2018 op 02:43

    Ja, dit is een beetje ego. Maar ik heb 11 jaar geleden, ik heb toen ook wat gelezen over die paar jaar in de Raad. En ik las dat terug. Nu vond het leuk om de 31ste oktober, om in de pen te schrijven om terug te kijken. Maar nu met een meer neutrale blik. Ook dat ik toen mijzelf heel wat vond. Maar in 2de deel zal je ook zien, wat voor prijs ik betaalde. Fysiek en geestelijk. En mijn afgang.

Mien · 5 november 2018 op 06:52

Waar ik aan denk?
Niks mis mee hoor, met ego. Het is een van de belangrijkste drijfveren van een mens.

Tim uut Kwedamme · 6 november 2018 op 07:49

Een gezonde ego is inderdaad goed. Maar ik wilde na 11 jaar, want dat was het 31 oktober een nieuw beeld laten schijnen op een belangrijk gedeelte van mijn leven. Die korte tijd in ambt, die hebben mij ook wel geholpen in de toekomst. Ik heb vrienden en vijanden gemaakt. Maar ik heb met plezier gedaan. En ik wilde eerst 1 column doen, maar die werd zolang dat ik op advies hem 2 stukken heb gehakt.

Geef een reactie