In de namiddagzon waait het flink. De strandjes meteen onder de camping, een stukje verder weg van het dorp, zijn ruwer. De wind blaast hier vrij vanuit de zee. Het haventje dat als een buffer voor het dorpsstrand ligt en daar voor luwte zorgt, ontbreekt hier. Het water is wild. We hebben de heetste uren weggeslapen. Nu zijn we weer terug. De zee lonkt, of misschien is het Nina wel. Tot aan haar armen staat ze in het water. Traag wiegt ze heen en weer in de golven, kraaiend van plezier en mij toeschreeuwend dat ik er verdorie nou eindelijk toch eens in moet komen.
Als altijd stel ik uit. Hurkend op de vloedlijn tussen de ontelbare grijsblauwe kiezels knijp ik mijn ogen tot kieren en laat mijn dochter roepen. Het dikke, elastieken verlangen tussen haar en mij rek ik uit tot net niet knappen, sta dan abrupt op en loop de zee in. Dwars door voortdurend aangroeiende enorme schuimbekken die achter me in de kustlijn bijten, waad ik moeizaam naar haar toe. Azuurblauw in meerdere tinten; lucht en water strijden om wie mijn dochter precies in hun midden het beste kan versieren.

Als ik eindelijk naast haar sta keer ik me om. Golven zie ik nu op de rug, turkooizen tapijt dat nooit uitgerold raakt over de gladgeslepen stenen van een ondiep strandje. Het is niet meer dan een hapje uit het eindeloos lange, grillig slingerende lint van de Kroatische kust. Het strand botst tegen drie meter hoge lichtbruinoranje ravijnwanden die inzicht bieden in het zanderige binnenste van de aarde. Water en wind meanderen hier langs de afgronden, etsen zichzelf steeds verder naar binnen. Bovenaan, precies op de rand, waar de begroeiing begint en ophoudt, staan pijnbomen op vallen. Wortels klauwen al deels in het niets. Amper twee meter achter die laatste groeigrens begint de camping. Nauwkeurig parallel aan de ravijncurves ligt daar opnieuw een slingerende scheidslijn. Met tenten, caravans, auto’s, plastic tuinstoelen en tafels, volle waslijnen en hangmatten bouwen campinggasten daar zij aan zij hun surrogaat woonkamers, onder diepgroene dennendaken. Voor mijn ogen verbinden zich de obstakels tot een fragiele barricade.

Ik kijk weer terug naast me, naar mijn dochter in de golven. Ze slaat zichzelf met lange armen en benen om me heen. Een plakbeest van negen jaar met een babygewicht. Als één lichaam worden we opgetild en neergezogen, alles even vloeiend. Ik richt mijn ogen weer loodrecht op het strand waar ik de roze stipjes van onze handdoeken zoek. Ze zijn weg. Twintig meter naar rechts vind ik ze terug. Een onzichtbare hand trekt de kustlijn naar believen langs de zee misschien. Hop, we gaan weer omhoog, mijn voeten ontzweven te bodem en op de top check ik de puntjes opnieuw, net voordat ik met vertraagde val neerkom. En dan betrap ik de zee op heterdaad. We drijven af.

Onmiddellijk maak ik mijn dochter van me los en zwem met woeste slagen terug naar de beginplek. Luid protesterend komt ze achter me aan. Als ik mijn landloodjes weer gevonden heb waad ik in een zuivere rechte lijn terug naar de kant. Ik ga op de vloedlijn zitten, benen in het water, en kijk weer in de verte, naar mijn dochter, die gewoon doormoppert. Langzaam verschuift ze naar rechts. Richting de zon.

Categorieën: Diversen

19 reacties

Avatar

arta · 26 november 2007 op 20:37

Mooie zinnen aaneengeregen tot een prachtcolumn!
Mooi geschreven, Anne!
🙂

Avatar

Grumpy-old · 26 november 2007 op 20:56

Het had een leuke colum kunnen zijn maar ik heb het gevoel twee columns te lezen.

[quote]Azuurblauw in meerdere tinten[/quote]

?? Azuurblauw is toch al een tint die uit blauw voortkomt?

Grijsblauw, azuurblauw(in meerdere tinten) , turkoois, lichtbruinoranje, diepgroen en roze.
Op zich een mooi palet van kleuren die zeker passen bij Kroatië. Maar het onderwerp sneeuwt wat mij betreft een beetje onder.

Hier had je naar mijn mening beter twee aparte columns van gemaakt. Dan waren beide beter tot hun recht gekomen.

De kroatische kust heb je in ieder geval heel mooi beschreven. Ik had even het gevoel daar aan de kant van t water te staan

Avatar

Anne · 26 november 2007 op 22:38

Dag Grumpy,
Wat ik bedoel is dat zowel de zee als de lucht azuurblauw zijn en toch net een tintje verschillen van elkaar. Azuurblauw kan (een tint) donkerder zijn en/of (een tint) lichter, zodat het dan niet overgaat in een andere kleur. Het blijft azuurblauw.

(Overigens, dat diezelfde zee vervolgens turkoois is komt doordat ik me omdraai en het licht dan anders valt, en dus een andere kleur maakt.)

Dit stukje is lang, en dat vond ik nodig. De hele tekst sluit zich voor mij als een net over het thema: Het verband tussen de macht (van de schoonheid) van de natuur, en het paradoxale menselijke verlangen om daar tegelijkertijd door te worden opgeslokt en zich ertegen te verzetten.

Misschien verschillen we van mening over wat jij het onderwerp noemt, en wat ik de kern, of het thema. Wat zouden voor jou dan die twee aparte stukjes zijn geweest?

groet Anne

Avatar

pally · 26 november 2007 op 22:46

[quote]het dikke elastieken verlangen tussen haar en mij rek ik uit tot net niet knappen[/quote]

Prachtige metafoor!

[quote]azuurblauw in meerdere tinten[/quote]
dit vind ik juist heel mooi, hoewel in plaats van tinten, ‘tonen’hier misschien een iets beter woord zou zijn. Azuur heeft zoveel nuances van blauw naar groen van licht naar donker…

Deze column bengt mij heimwee naar de zomer.Hele mooi beschrijvingen van het in de zee zijn.
Het-deel-uitmaken-van-de-natuur gevoel.
misschien een tikje aan de lange kant.
Maar erg genoten!

groet van Pally

Avatar

Beryl · 26 november 2007 op 22:52

Hi Anne, de zee blijft een bron van inspiratie voor jou hè?! Ik hoop dat dat nog even zo door zal gaan…! 😉

Avatar

Anne · 26 november 2007 op 23:03

Verrek Pally, dat ik daar nou niet opkwam, tonen..
Tja, dat zal mijn niet-schilder-schap zijn misschien, maar jammer is het wel.

Avatar

WritersBlocq · 27 november 2007 op 00:18

Het verschil tussen de controle verliezen en je gewoon mee laten voeren.

Dat is verzet, heb jij verzet.

Brrr, kippenvel, boelveel mooi, wat mij betreft de CvdM voor december.

Maar wat is ‘te bodem’? Ik vind het wel kicken klinken, maar volgens mij is het gewoon een foutje 😉

Avatar

Grumpy-old · 27 november 2007 op 01:24

Tonen, ja dat was het wat ik ook in gedachten had, maar niet op kon komen.
Omdat ik wél schilder bekijk ik kleuren waarschijnlijk anders 🙂

En die twee aparte stukjes, tja ik had echt het gevoel dat je én de prachtige Kroatische kuststreek beschreef en daar het verhaal over je dochtertje dat afdreef in de zee in probeerde te verweven.

Maar ik ben dol op Kroatië, en kom er graag en that heb je wat mij betreft heel erg mooi omschreven.;-)

greetz
Grumpy

Avatar

Anne · 27 november 2007 op 07:35

WB, niet te geloven, lees ik het stukje twintig keer over, van voor naar achter en weer terug, woordje voor woordje letter voor letter, en dan laat ik verdomme weer een foutje staan…. Dat is echt balen. Maar ja, niks aan te doen. Echt jammer dat je hier op cx je foutjes als de teksten eenmaal geplaatst zijn niet meer kunt wegpoetsen.

Avatar

lagarto · 27 november 2007 op 07:41

Ik vind hem SUPER. Soms kan ik kippevel krijgen van iets heel erg vervelends. Dit verhaal geeft mij kippevel van schoonheid, dat is een nieuw fenomeen, haha..bedankt.
Lagarto

Avatar

SIMBA · 27 november 2007 op 08:30

[quote]Als ik mijn landloodjes weer gevonden heb [/quote]
Prachtig! Net als het hele verhaal trouwens.

Avatar

Ineke · 27 november 2007 op 12:38

Mooie zinnen en mooie woorden gemaakt tot een prachtige column. De zee is voelbaar zoals jij hem beschrijft.

Groeten Ineke

Avatar

KawaSutra · 27 november 2007 op 18:12

Mooie zinnen weer Anne. Heel mooie.
Een perfecte aaneenschakeling van mens en natuur. Niks twee columns.
En 3235 karakters is ook zeker niet te lang.

Avatar

pepe · 27 november 2007 op 19:19

Na deze woorden verlang ik naar de golven en zou ik direct wel even naar die zee bij jullie willen vliegen.

Prachtig een column om te :kus:

Avatar

Anne · 27 november 2007 op 19:31

Dank voor alle geluiden, zowel kritisch als lovend, ik vind alles heerlijk 😀

Avatar

Happyturf · 27 november 2007 op 20:50

Anne, heel gevoelig geschreven. Ik waande me even op een onbewoond eiland. Een oermens, helemaal alleen met de elementen. Vreselijk dat er ook nog een camping was die mij weer op aarde deed terugkeren.:-x

Happyturf

Avatar

DreamOn · 27 november 2007 op 23:13

Heerlijke column, die mij de te korte zomer hier en de novemberstormen even laat vergeten…

Groetjes DO.

Avatar

Anne · 28 november 2007 op 11:20

Dank Do en Happyturf.
@Happyturf, voor mij is het weer anders. Ik kijk juist het liefste naar de confrontatie tussen natuur en cultuur, naar hoe en wat dat aan resultaten geeft, en wat dat zegt over geheime motivaties van mensen.
Ik heb een tamelijke campingallergie, eigenlijk, maar deze camping, in Živogošće, had bij mij die allergie zomaar kunnen genezen. Prachtige camping, met precies de juiste balans tussen voorzieningen en kaalheid. En die staplekken aan het water….hemels!

Avatar

Mup · 28 november 2007 op 11:28

En dan betrap ik de zee op heterdaad.
Zo mooi, en mij nog niet gelukt,maar ik geloof je direct,

Groet Mup

Geef een antwoord