Het is al weer enige tijd geleden dat een tsunami een aantal kusten teisterde. Inmiddels is eenieder overgegaan tot de orde van de dag, de gemoederen zijn een beetje geluwd. Tijd dus voor “anders” doorzagen over dit onderwerp. En toen kwam het vrouwtje klaar. Rijkelijk sproeide zij haar golven water over het hete zandstrand en verzwolg alle meeëters die haar huid teisterden. Dit had een wereldlijk liefdesverhaal kunnen zijn. Een verhaal dat alle lezeressen in katzwijm zou doen laten vallen en wat de mannelijke lezers amechtig zou doen laten verlangen naar het voorafje. Echter, niets is minder waar. Het is de bittere werkelijkheid. Moedertje Aarde is het vrouwtje en de meeëters op haar huid, dat hadden u en ik kunnen zijn. In werkelijkheid waren dat argeloze vakantiegangers en watervrezende, en derhalve de zwemkunst onmachtig zijnde, lokale bewoners.

Een verhaaltje om minimaal twee keer te lezen. Na de eerste keer zult u vol walging reageren. Maar doe dat nou niet. Lees het gewoon morgen nog een keer en denk eens na. Het is makkelijk mee te heulen met de massa en de geëigende zondebokken weer van stal te halen (dat levert makkelijke verhalen op); het is moeilijker te relativeren en de omstandigheden te bezien tegen de achtergrond van de falende mens (kortom, de hand in eigen boezem insteek). Natuurlijk hoeft u het niet met me eens te zijn. Dat verwacht ik niet en dat wil ik ook niet. Mijn mening is mijn mening en u vormt uw mening maar op uw manier. Toch zou u het verhaaltje nog eens moeten lezen. Wedden dat u gaat nadenken? En dat is nou precies de bedoeling…

Er was een tijd dat Nederlanders bekend stonden als degenen die gaven. Wij gaven van alles en nog wat voor om het even welk doel. Mies B. en Het Dorp bijvoorbeeld. Een dorp overigens waar achteraf wel het een en ander op viel af te dingen. Op de organisatie bijvoorbeeld. Toen werd het stil, heel stil. Af en toe laaide de graaiwoede even op; af en toe hoorde je nog wel van een directeur van een liefdadigheidsinstantie die teveel in eigen zak stak en af en toe wilde de media er ook nog wel iets over zeggen. Maar meer dan dat leek er niet meer in te zitten. Het leek wel alsof de Nederlander geen zin meer had in het afkopen van het eigen geweten. Was er nog wel een eigen geweten of betrof het eigenlijk een gezamenlijk geweten dat het liet afweten? Totdat er zich weer eens een echte ramp aandiende. Nou ja, een ramp? Meer een symptoom van iets veel ergers. Maar dat wordt natuurlijk niet begrepen. Jammer toch.

Wij, de moderne mensen van het nu, zijn, net als veel van onze voorouders (en mogelijk geheel in hun spoor), wereldwijd bezig een wonderbaarlijk paradijs te verzieken. Dat paradijs heette ooit eens moeder aarde te zijn. Korte termijn denken (denken gericht op snelle winsten en geheel voorbijgaan aan welzijn op langere termijn voor ons en onze nazaten) gaat gepaard met onze hang naar ónze welvaart (waarbij we voorbijgaan aan onze naaste). Tal van organisaties die al dan niet wereldwijd georiënteerd zijn en het eigen geluk hoog in het vaandel dragen. Natuurlijk zijn er tal van particuliere initiatieven actief in ontwikkelingslanden maar bijna altijd met een tekort aan… uw geld! Blijkbaar is hun moeite voor u niet een aanleiding om uit de stoel op te veren en te doneren. Wat is voor u dan wel een aanleiding om op te staan en te geven? Een grote ramp (vergelijkbaar met die van de bedoelde tsunami die wij, als echte Nederlanders, hebben omgedoopt tot zeebeving omdat tsunami volgens een enkeling teveel klinkt als een lekker oriëntaals gerecht)? Blijkbaar.

Maar hoe groot is nou eigenlijk die ramp waar iedereen het over heeft? Er zijn namelijk soortgelijke rampen te bedenken die een veel groter effect teweegbrengen. Wat te denken van bijv. een krater op een eiland die uitbarst en vervolgens het eiland in twee stukken doet veranderen. Zoiets levert een nog veel grotere tsunami op: dan komt New York onder water te staan. Dit staat ons nog te gebeuren. Of wat te denken van die breuklijn waar Los Angeles patent op lijkt te hebben? Dan vallen er meer doden dan bij de tsunami van Azië. Zo bezien praten we hier eigenlijk over een rampje. Maar waarom spreekt iedereen over een erge ramp? Wat maakt een ramp erg? Wat maakt een ramp zo erg dat massaal gegeven moet worden? Wat maakt een ramp zo erg dat een iedereen die niet geeft, opeens niets meer te zeggen mag hebben? Want hoe je het ook bekijkt, ik vind het eigenlijk wel meevallen. Ik zal het even uitleggen.

Honderdveertigduizend doden, een onbekend aantal vermisten, een onbekend aantal gewonden en een slechts te schatten schadebedrag richting de infrastructuur in de getroffen gebieden. Een dode is dood. Niet doder of doodst maar gewoon dood. Een dode drinkt niet, eet niet, heeft geen medicijnen nodig noch een dak boven het hoofd. Het aantal doden bepaalt dus niet de omvang van een ramp. Althans als de link wordt gelegd naar de opbrengst der giften gerelateerd aan de ernst en omvang van de ramp. Een vermiste is iemand die verdwenen is danwel door niet vermisten niet gevonden kan worden. Een vermiste heeft behoefte aan eten, drinken, medicijnen en een dak boven het hoofd. Althans, dat neem ik aan maar aangezien de persoon vermist is, levert navraag problemen op. Immers, de persoon in kwestie is vermist. De opbrengst der giften, waaraan al eerder is gerefereerd, zal dus ook in dit geval niet noemenswaardig fluctueren. Blijft over de gewonden en de beschadigde infra-structuur. Veel inheemse gewonden hebben voorheen een leven geleid van armoede en ontbering. Niet dat ik ze dat toewens, maar feit is dat in de getroffen landen de welvaart een bedenkelijk niveau kent, waar wij, verwende westerlingen, graag misbruik van maken. Niet in het minst omdat wij niet te veel willen betalen voor onze vakantie in den vreemde. Om nog maar niet te spreken van sommigen onder ons die tijdens hun vakantie van enkele weken hun jaarlijkse portie kindersex en uitverkoopprostitutie denken te kunnen inslaan. En wat het ergste is: het mag blijkbaar. Maar nu dwaal ik te ver af (dit is iets voor een andere column).
Terug naar de gewonden, de tsunami, de infrastructuur en onze rol in het geheel.

De gewonden dus. Menselijk leed dat niet te bevatten is. Een menselijk drama dat zijn hoogtepunt kent in een symptoom. Dit leed toekennen aan God of iets dergelijks getuigt van kortzichtigheid en onbegrip. De mens is immers de veroorzaker. Niet een Godheid. De mens is van nature geneigd bij voorspoed de mens centraal te stellen en bij tegenspoed een God verantwoordelijk te houden. Het verwijt aan een Godheid waarom kinderen hier de dupe van moeten worden is al een teken op zich. Het absolute onbenul ten top. Welk verwijt kun je een Godheid maken bij zoveel menselijk falen? Juist, geen enkel. En daarom dus, de gewonden. Geef wat u hebt voor deze mensen maar geef vooral met uw hart en geef met de juiste instelling. Dus niet omdat u wil meetellen in uw wereldje, ook niet omdat u het geld eigenlijk te makkelijk kunt missen (want dan is het geen offer meer) en ook niet uit een soort van opgewonden spanning. U zult merken dat er andere manieren bestaan om te geven. Giro 555 is niet de enige manier. Geven kan ook op een andere manier. Een lankmoediger vreemdelingenbeleid van de Nederlandse overheid maakt het mogelijk levende slachtoffers adequaat op te vangen in geborgenheid, hier dus. Daarvoor is steun nodig richting de politiek. Een geluid derhalve van de bevolking deze richting op is dus van essentieel belang. In de getroffen landen zijn ook andere groeperingen actief. Groeperingen die niet betrokken zijn bij het genoemde gironummer. Groeperingen waar aanmerkelijk minder aan de strijkstok blijft hangen dan de gebruikelijke 35%. Er is zelfs een groepering actief waar niets aan de strijkstok blijft hangen. Deze groepering timmert niet aan de weg, zoals dat heet. Dat hoeft ook niet. Dat doen die andere organisaties wel. Mensen in nood, begrijpen over wie ik het heb. U ook?

De tsunami dus. Een symptoom van een bewegende aardkorst. Of van een vulkanische ejaculatie. De ramp die zich voltrekt in het eigen naar sport neigende lichaam onder vetcellen of een ramp met een tsunami die zich voltrekt in Azië onder de plaatselijke bevolking geeft als beeld een redelijke gelijkenis. Er zal een tijd komen dat de gemaakte plaatjes door mensen zullen worden bewonderd. Er zullen prijzen voor gegeven worden. De world press photo is al lang realiteit. Er zal worden verdiend aan menselijk leed. Hoe macaber is de menselijke psyche.

De infrastructuur dus. Dit is niets meer en niets minder dan een bodemloze put en een dankbare kweekvijver. Een praktijklokaal voor beginnende en onvermoeide planologen, organisatie-adviseurs, economen, financiers en andere ratten. Want wie is er het meest mee geholpen? Niet de bevolking. Een uitgelezen kans voor het uitdokteren en toepassen van nieuwe technieken en inzichten. Het wiel mag weer worden uitgevonden. Oude technieken worden van stal gehaald, tal van bedrijven verdienen hier goud geld mee. De VN maakt zich met dank aan de getroffenen onmisbaar en dus waardevol, terwijl diezelfde VN vooroploopt in de teloorgang van moedertje aarde (maar hierover later meer en dus nu terzijde).

Om met het laatste af te ronden: onze rol is heel wrang en dubbelzinnig. Enerzijds maken we er weer een sport van zoveel mogelijk te geven (het begint zowaar een wedstrijd te worden). Anderzijds geven we niet teveel. Een grote verzekeraar die de noodklok luidt omdat de schade nauwelijks betaald kan worden. Een grote verzekeraar dus die betaalt omdat het moet en niet omdat het wil. Daarnaast zal de belastingaftrekbaarheid van giften diverse ondernemers parten doen spelen.

Stel je nou eens voor dat we zoveel geven dat de plaatselijke bevolking, althans degenen die het overleefd hebben, weer geheel boven Jan komt en zelfs uit het royaal geschonken restgeld een hogere levensstandaard kan scheppen. Dan raken deze mensen gewend aan het leventje dat wij al reeds enige tijd leiden. Dan worden het duurdere mensen. Duurder in het toerisme, duurder omdat ook zij aan het geluk kunnen ruiken (wat ik hen overigens niet misgun, maar dat terzijde), duurder binnen economische waarden. Kortom, wij voelen dat direct in onze portemonnee. Zoiets heeft een boemerangeffect. Zoiets blijft niet zonder gevolgen. Goedkope kleding uit Azië wordt dan goedkopere kleding uit Nederland (die in eigen ogen al veel te duur is), goedkope vakanties in Azië worden dan relatief goedkopere vakanties in eigen land (wie wacht er nou eigenlijk op de zon? Je kunt toch ook een zonnebankje pakken?), goedkope Thaise sex wordt dan weer ouderwets ketsen op de achterbank van de eigen auto met moedersmooiste op een regenachtige vrijdagmiddag met de blik op verre einder en het verstand op nul. We moeten dus niet te veel geven. Net genoeg om:
a. ons geweten af te kopen,
b. de buren en andere bekenden te laten zien dat wij MEEDOEN,
c. onszelf in de ogen van de ander te vervolmaken,
d. net niet zelf nare gevolgen te ondervinden van onze royale geefzucht,
e. voor de volgende geefronde een goed excuus te hebben om dan even niet mee te doen.

Natuurlijk is het allemaal afschuwelijk en kun je tranen met tuiten huilen bij het zien van zoveel leed. Maar eigenlijk zou je meer tranen met tuiten moeten huilen bij het besef dat veel van dergelijk leed is te voorkomen. De massale commerciële houtkap in landen die een stevige en gezonde grond node missen, alleen maar omdat wij daar de vruchten van willen plukken, heeft gevolgen voor die en andere landen. Milieuvervuiling op zeer grote schaal waarbij wij onze koppen in het zand steken voor de problemen die dit geeft voor na ons komende generaties. Denk ook eens aan het broeikaseffect, een opwarming van de bodem, de introductie van wespen op de pool (ogenschijnlijk een nietig effect doch in werkelijkheid een doorbraak van jewelste van het natuurlijk evenwicht dat nog niet eerder is voorgekomen in de wereldgeschiedenis). Ozonlaagproblematiek etc. etc. etc. Een zijn met moedertje aarde, een zijn met de natuur levert karakter c.q. persoonlijkheid op. Het begint erop te lijken dat de weldenkende mens van nu massaal lijdt aan persoonlijkheidsproblematiek. Een stoornis die goed behandelbaar is mits we ons tijdig aanmelden bij de plaatselijke psychiater in plaats van doelloos geld storten waarmee we krampachtig de vicieuze cirkel in stand willen houden.

De leverantie aan arme Afrikaantjes van melkpoeder die ze konden aanlengen met water waarna ze heerlijke melk konden drinken. Melkpoeder die uiteindelijk niet werd aangelengd omdat het melkenzym zo specifiek was dat onze arme Afrikaantjes eraan bezweken. En we bleven maar opsturen en doen. En we bleven onszelf maar op de borst slaan en oh oh oh, wat waren we vol van (misplaatste) naastenliefde. Enfin, morgen weer naar het werk, me klem zuipen aan de koffie (koffie uit die arme landen, die binnenkort aanmerkelijk duurder wordt), een beetje meekletsen met die collega en dan fluks en gezwind weer aan het werk. Wat mij opvalt, is de manier van doen.

Persoonlijk geef ik geen cent aan een dergelijke actie. Ik voel me daardoor niet minder. Persoonlijk geef ik al zo’n 15 jaar mijn beschikbare centen aan mijn schoonfamilie die in kommervolle omstandigheden het hoofd boven het spreekwoordelijke water probeert te houden in een land waar het begrip verzekering ontbreekt alsmede welvaart, welzijn en een adequate levensstandaard. Daarbij beperk ik me niet tot mijn standaard inkomen. Leningen worden hier ook voor ingezet. Het besef dat mensen ermee in leven worden gehouden die anders zouden verhongeren is voor mij genoeg reden de rest van mijn leven leningen af te betalen. Ik hoef daarvoor geen eervolle vermelding te hebben. Normaal gesproken had ik er ook niets over vermeld. Doch de gekunstelde vrijgevigheid dwingt mij ertoe. Een leven is ook waardevol als het niet in aanraking is gekomen met een tsunami. En het leven blijft ook belangrijk na vandaag. Hoevelen van de gulle gevers geven over pakweg een half jaar (of over vijf jaar) ook nog? Of gelden er dan opeens andere normen en waarden?

En zo zijn er talrijke medelanders die ook niet geven. Niet omdat ze niet kunnen maar omdat ze niet willen omdat er zoveel andere redenen zijn om het geld anders te besteden. Dat maakt niemand minder… Wel suggestieve opmerkingen.
JAB


2 reacties

melady · 9 februari 2005 op 00:18

Het is een stelling…geen column die me tot nadenken zet. sorry.

[quote]Dat maakt niemand minder… Wel suggestieve opmerkingen.[/quote]

Ik zeg niks.

Melady

Shitonya · 9 februari 2005 op 11:39

Goed begin, maar veel te langdradig, m’n gedachten versprongen alweer op de helft. Maar je hebt een goede stelling en goed beargumenteert 🙂

Geef een antwoord