Aarde, de wieg van moeder natuur. Aan haar voelt de landloper zich verbonden. Zonder vaste stek is hij thuis op elke plek. Desondanks sluipt de tijd stilaan verder in de regelmaat van de natuur. Seizoenen trekken ook aan hem voorbij. Het klamme zweet van de zomer weggespoeld door een koude douche van de herfst. Maar achter de wolken schijnt altijd nog de zon, de lucht is opnieuw geklaard. Mistroostig staat de zon aan een ijzig blauwe hemel. Stilte voor de storm, koud en donker, koning Winter is in aantocht. De herfst was al ruig en roerig, een gevecht tegen de tijd. Meedogenloos en onontkoombaar betaalde hij uiteindelijk toch een hoge prijs. Een reisgezel ontviel hem. De zandloper, zijn vriend, was kapot van het water naar de zee. Met de laatste ademstoot heeft hij zijn vuur gedooft, de kunst van zijn geloof. Zand erover. De aarde eist ook haar tol. Alles wat eraan ontsproten is komt haar telkens weer ten deel.

Een huivering loopt over de rug van de vrijbuiter. Waar moet hij slapen bij vorst aan de grond? Hij voelt zich eenzaam en verlaten, vastgelopen op de éénrichtingsweg van het leven. Het vinden van een schuilplaats kan hem nauwelijks nog deren, hij steekt zijn kop maar in het zand en graaft zich in. De koude sneeuw dekt hem teder toe met een isolerende, blanco deken. Langzaam worden de oppervlakkige sporen uitgewist op de schone lei. Maar de herinnering blijft te diep geworteld om zomaar te vervagen.

In de put blijft hij graven om te delven uit een bodemschat. Onderwijl ontvouwt zich een droom in de aard van zijn geest. Want na de vorst ontluikt het lentekind, de tijd is daar om te gaan bloeien. Met zijn neus in de wind en de wereld aan zijn voeten. In de voetsporen van zijn wijlen vriend heeft hij de zevenmijlslaarzen verworven waarmee hij reuzenstappen maakt op zijn pad, om los te komen uit de klei en af te reizen naar een rots in de branding. Met het gedachtengoed van de verloren tijd in zijn hart heeft hij de voedingsbodem om daar opnieuw te aarden.

Categorieën: Thema column

10 reacties

SIMBA · 12 december 2008 op 08:36

Een héél “aard”ig stukje 😀
Vooral de tweede alinea vind ik prachtig.

Troy · 12 december 2008 op 09:19

Stuk voor stuk zinnen die inspirerend werken. Wat ik ook zo mooi vind is de tijdloosheid van deze tekst. Het leest als een soort reis.

lisa-marie · 12 december 2008 op 10:17

Adembenemend zoals je mij mee neemt door de “eeuwig voortdurendheid van moeder aarde”!

arta · 12 december 2008 op 15:54

Mooi geschreven stuk.
Doordat je het op meerdere manieren kan interpreteren, zal iedereen er wat anders uithalen…
🙂

Mup · 12 december 2008 op 17:20

Bijna de mannelijke versie van Het meisje met de zwavelstokjes,

Groet Mup

pally · 12 december 2008 op 17:25

Heel apart beschreven, King, jouw aardse element. Origineel. Door de archaische beschrijving is het tijdloos geworden, wat er nog iets extra’s aan meegeeft. :wave:

groet van Pally

Ma3anne · 13 december 2008 op 12:19

Ik lees een driedubbele bodem en dat is fascinerend.

Dees · 13 december 2008 op 14:05

Grappig. Is het meisje met de zwavelstokjes een schaduwthema? 🙂

Vind het mooi. Vind het mooi ook omdat je het aarden en de aard en de wortels hebt gekozen.

KawaSutra · 15 december 2008 op 01:09

Mooi King. Eenmaal een overwinteraar, geen aarde die je eronder krijgt.

Mien · 15 december 2008 op 09:17

Leuke vondst en initiatief deze Thema-column King.

Sterke opening en eerste alinea.
Daarna blijft het voor mij hangen in landloperij en iets te veel gemetafoor.
Naar het einde toe wordt het een tour de force.
De laatste zin ontkracht het hele stuk omdat hij niet past in het ritme van het verhaal en te lang is.
Dat is jammer.

Mien

Geef een antwoord