Ik strijk mijn jas recht en haal een hand door mijn haar. Tergend langzaam doe jij de deur open.
‘Oh! Dat is een verassing!’, roep ik enthousiast als ik je zie. ‘Nooit, of nou ja, zelden, doet een prachtige vrouw de deur voor me open.” Het slijm valt van de zin af direct de hal in. Je kijkt verbaasd. Ik probeer al mijn charmes op je af te vuren, je te vangen met de rand van mijn pupil, tot je voorover valt in de diepte van iets willen geloven, en nu ben je van mij. ‘Zou ik even binnen mogen komen, ik heb een lang verhaal bij me’, zeg ik quasi nonchalant, mijn blik geen moment verlossend. Genadeloos.
Je zegt: ‘Ken ik u soms ergens van?’
Het argwaan doorzeeft me als een regen van kogels, maar ik herstel me snel.
‘Nog niet, maar het is me nu al een onuitsprekelijk genoegen’.

Het is belachelijk, achterlijk zelfs, maar het gaat niet om de woorden, maar om de lichte geur van mysterie, een waardig equivalent van een romantische droom.
Jij zegt ‘Ga zitten’ en ‘Wil je wat drinken?’.
Ik waag het erop. ‘Heb je whisky in huis?’ Je glimlacht met een geamuseerde afkeuring.
‘Mijn zoon zal straks wel terugkomen, hij is nog terug van een boodschap’, zeg jij, terwijl je me strak over de rand van je glas aankijkt. ‘Dat is oké’, zeg ik, opstaand en zwierig een hand uitstekend.
‘Ik ben Camel’.
‘Ik ben Lola’, zeg je.
‘Mag ik hier blijven slapen, Lola, op de bank, of waar dan ook… Ik slaap al een tijdje buiten, en het begint flink af te koelen. En graag zou ik ook een douche nemen, als je dat niet erg vindt…’

De volgende morgen vliegt je warme gevleugelde stem de trap op, en de formule van woorden doorboort me als een herinnering van pijn. Ik hoor het nu.

‘Camel, ik heb ontbijt voor je gemaakt’. Aan de deur hangt een kamerjas. Terwijl ik ‘m aandoe, kijk ik om me heen. Ik bevindt me in een tienerkamer. Geen posters. Geen foto’s. Alleen een paar witte a4tjes op het bureau, waarop hardnekkig op een handtekening was geoefend. Jorgen Bouma… Bonna… Hmm.

Beneden sta jij, een stralend witte glimlach en een kop koffie in je hand, gebarend naar de tafel, waar een prachtig Engels ontbijt op mij staat te wachten.
‘Je zoon… is hij nog niet thuisgekomen?’
‘Nog niet, nee. Maar hij komt altijd, hij heeft me nog nooit in de steek gelaten’.
Ik neem een hap van een vers croissantje.
‘Je vindt het toch niet vervelend dat ik hier ben, Lola?’ vraag ik, met de charme van een veel te goede dief.
‘Absoluut niet. Ik wil dat je je welkom voelt en je kunt opladen hier. Tot mijn zoon terug is ben ik toch maar alleen’.
‘Maar hij kan ieder moment komen, toch, Jorgen?’
Je knikt alleen.

Die avond sta ik bij de open haard. Geen enkele foto in dit huis. Geen achtergrond, geen verleden. Net als ik.

‘Niet om het één of ander, Lola, maar wat voor boodschap is Jorgen eigenlijk gaan doen?’.
Je prachtige ogen glimmen. Je bent een moeder zoals de natuur die bedoelt heeft.
‘Hij is rijst gaan halen. Mijn zus is laatst getrouwd. Daar was de rijst voor’. Je zucht.
‘Wanneer is ze getrouwd?’, vraag ik met een knoop in mijn maag.
‘Vorig jaar’, fluister je.

Categorieën: Liefde

7 reacties

Avatar

Yfs · 4 augustus 2012 op 16:09

Door de opmerking “Nu ben je van mij” ben ik verder gaan lezen met een kriegelig gevoel en het beeld van “De Vieze Man” van Van Kooten en de Bie in de deuropening. (ja, die met die ballen in zijn buik).

Ook de naam Lola roept andere beelden bij me op dan een voedende en/of zorgende moeder waar Alma Mater voor staat.

Daarmee lijkt het plaatje tussen een hulpzoekende en hulpbiedende uit balans.

Anderzijds geloof ik best in bijzondere ontmoetingen tussen “total strangers”. Ik begrijp de bedoeling maar omdat ik op het verkeerde been ben gaan staan in de eerste alinea.. worstel ik er nog mee….!

Avatar

Libelle · 4 augustus 2012 op 16:47

In de eerste twee alinea’s lijkt de hoofdpersoon op een energieverkoper van Nuon.
Dan wordt het een modern sprookje en blijkt dat Lola een veiligheidsmaatregel heeft getroffen.
Maar sprookjes lopen toch altijd goed af?
De charme van een veel te goede dief, waarom niet de charme van een goede dief? En die handtekening, en Jorgen? Moet ik terug naar de omnibus voor 65-plussers?

Avatar

SIMBA · 5 augustus 2012 op 09:52

[quote]’Oh! Dat is een verassing!'[/quote]
😕

Avatar

Meralixe · 5 augustus 2012 op 11:43

Welkom op column x met dit verhaal waar ik kop nog staart aan krijg. Het gesprek verloopt ook een beetje hoekig maar mede daardoor slaag je er in een vreemde sfeer te scheppen die aantoont dat je meer in je mars hebt dan deze column laat vermoeden. Op naar de volgende!

Avatar

Mup · 5 augustus 2012 op 14:01

Welkom op cx, weet niet zo goed wat ik van je stuk moet denken, maar het heeft me iig aan het denlen gezet,

[quote]hij is nog terug van een boodschap'[/quote]
mis de niet,

Goed einde,
Groet Mup

Avatar

Yfs · 5 augustus 2012 op 15:02

Ik was een tijdje op vakantie en heb nu pas in de gaten dat je nieuw bent? Tssss, waar zijn mijn manieren? Alsnog van harte welkom! 😉

Avatar

pally · 6 augustus 2012 op 17:24

Er zitten aparte elementen in deze column, die alleen hier en daar wat vreemd lijken te zijn samengevoegd. Het boeit wel,
welkom hier,

groet van pally

Geef een antwoord