‘This is what the whole world would be doing on a Saturday night if the nazi’s had won the war. This was the third reich.’
– Hunter S. Thompson, Fear and loathing in Las Vegas Voor veel Nederlanders is Las Vegas het Sodom en Gomorra van de Westerse Wereld (iets dat Amerikanen overigens over Nederland denken). Hoewel ze er nog nooit geweest zijn hebben ze allemaal hun meninkje klaar over de Verenigde Staten, Californië met gouverneur Terminator en Las Vegas. Alleen The Hangover-kijkende jongeren hoor je momenteel enigszins positief over de gokstad roepen. Soms hoor ik een verdwaalde Hunter S. Thompson-quote.

Maar de mening van SBS-6kijkend Nederland over Las Vegas is dat het een kitscherige, hebzuchtige, criminele, gewelddadige, decadente stad is. En dat hoor ik van mensen die er nog nooit zijn geweest. Het zijn dezelfde mensen die brieven schrijven naar kranten. Dezelfde mensen die zeuren dat alles in Nederland ‘zo Amerikaans’ wordt. Alles wat uit die hoek van de wereld komt is volgens hen fout. Deze mensen hebben thuis natuurlijk ook geen iPod, televisie, wasmachine, of Windows op hun PC.
Las Vegas ís kitsch. Las Vegas ís decadent. Waarschijnlijk is Las Vegas nog steeds crimineel en gewelddadig. De stad is per slot van rekening groot geworden door de maffia. Maar dat neemt niet weg dat het een stad is die leeft. Momenteel zijn ze aan de Strip bezig aan het grootste bouwproject van de Verenigde Staten; het City Center: een gigantisch hotel, woon en winkelcomplex. Er is alles aan gedaan om dit bouwproject, na een korte tijd stil te hebben gelegen door de crisis, weer van de grond te krijgen. En nu gaan ze ervoor in Vegas. Ze willen vooruit. Dát is Amerika. Investeren, niet de hand op de knip houden. Laat dat maar over aan de Chinezen.

Las Vegas bestaat nu eenmaal. Het is een voorbeeld van een stad in een land waar het altijd belangrijk is geweest om ergens voor te gaan. Om niet bij de pakken neer te zitten. De Verenigde Staten willen verder. Moéten verder. Het zijn de Verenigde Staten die de kar trekken waar Europa al jaren achteraan hobbelt. Toegegeven: ooit was het omgekeerd. Toegegeven: China is ook hard op weg om wereldmacht nummer één te worden. Ik zie het alleen nog niet snel gebeuren dat we massaal achter de Chinezen aan lopen.

De drang naar olie, het legale wapenbezit, de slechte gezondheidszorg, de doodstraf: dat is natuurlijk de duistere zijde van de Verenigde Staten. Maar verder, en misschien stap ik nu op heel veel tenen, verschillen de Verenigde Staten eigenlijk helemaal niet zo veel van Nederland.
Ik zag ooit op een tentoonstelling in New York oude zeekaarten uit de VOC-tijd, waarop Nederland letterlijk het middelpunt van de wereld was.
Ooit was Nederland namelijk ook vooruitstrevend en namen we het voortouw. Die durf hebben we niet meer zo. In deze tijd al helemaal niet. Terwijl het juist nu belangrijk is.

Net terug en nu al een gigantisch verlangen om terug te keren naar Las Vegas. Heerlijk om voor het slapengaan voor het raam te staan van je hotelkamer met als uitzicht de Strip in al haar glorie. ’s Middags lekker aan het zwembad met een cocktail, misschien een autoritje naar Death Valley of Red Rock Canyon. ’s Avonds in één van de hotelbars een mojito doen, luisterend naar een soulbandje, met op de achtergrond het geluid van honderden fruitautomaten. Laat maar rollen die dollars.

Laat rollen en groei. En laat de rest weer achter je.


2 reacties

LouisP · 23 april 2010 op 09:18

f.
ik vind het jammer dat je met een engelse zin begint.
Het stuk is goed geschreven. Zeker van jezelf…

gr.
L.

Chi_Dragon · 23 april 2010 op 20:26

Ik begrijp wat je wilt vertellen maar vind je stuk wel erg generaliserend.

Niet meer dan mijn mening en mede hierdoor vond ik het moeilijk om door je verhaal heen te komen.

Geef een antwoord