Lief wratje

Liefde is als een wrat. Maar niet zomaar een wrat. Een enorm geelachtig uitstulpsel die mijn vinger twee keer zo dik maakt, waardoor de wijsvinger de middelvinger niet meer raakt. Het hoornige ding wordt gecharmeerd door kleine zwarte en bruine puntjes die het bewijs zijn van eerdere bloedige mislukkingen. Het bewijs van vele proeven om de dokter te ontwijken.

Miss November

De deur kraakt zacht. Ik ram op de lichtknop en verwijder de deken met een ruk van het bed. De beide mannen die erin liggen, grijpen van schrik naar hun geslacht. Ik ben ze zat. En dat zullen ze weten ook. Mijn stem woekert op stormkracht en ik stort me midden op het bed. ‘Wakker worden, luie donders!’

Scheepsmeisje van d’Haelve Maen

Mijn handen beven. Vol ontzetting kijk ik toe hoe de roodharige Ier boven water komt. Zijn rug is rood en het bloed gutst uit de ontvelde delen. Hij beweegt niet meer. De mannen laten hem met een natte plof op het dek vallen en er schiet een pijnscheut door hem heen. Ik wil hem helpen, maar mijn lichaam blijft staan. Ik durf niet te kijken, maar ik moet het weten. Bovendien zit ik nog met een prangende vraag.

Met een rokje op de herenfiets

Och, die arme fietsersbond. Metromannen met hun zalfjes en vrouwentrekjes worden steeds meer geaccepteerd, mannen willen vaderschapsverlof. De gelijkheid tussen man en vrouw is intussen zo sterk, dat vrouwen nauwelijks meer vechten voor hun eigen rechten. Vrouwen zijn niet meer trots omdat ze een broek dragen. Die hoort er gewoon bij. De emancipatie is geblust. Mannen die geen metroman zijn willen mannelijker worden, vrouwen vinden borsthaar en sterke kaaklijnen weer aantrekkelijk. Het is niet vreemd dat het allemaal wat onbegrijpelijk is geworden. Maar Kees van de fietsersbond snapt er helemaal niets van. Die komt plotseling met de laatste emancipatiegolf: de afschaffing van de damesfiets.